Zakelijke correspondentie (brief) aan een overheidsinstantie.
Origineel
Zakelijke correspondentie (brief) aan een overheidsinstantie. 17 oktober 1939. D. Werkendam, Van Woustraat 103 II, Amsterdam (p/a Wed. Rust). Den Wel. Ed. Heer, Chef Voor Marktzaken, Amsterdam. Nº 90/50/1 M. 1939 19/10
Amsterdam 17 October 39
Den Wel. Ed. Heer.
Chef Voor Marktzaken
Alhier
Wel. Ed. Heer
Langs deze weg bericht ik Uw Ed, dat ik van af
heden 17 October 39 mijn vaste standplaats aan het
Moesplein opgeef. Daar ik voorlopig deze markt
niet meer kan bezoeken daar ik voor deze markt
geen geschikte handel heb.
Met hartelijke Dank voor de verleende
standplaats
Teeken ik met Hoog Achting
Uw Ed Dienaar
D. Werkendam
V. Woustraat 103 II
p/a Wed. Rust.
Voorheen Rijnstraat 12 II
Dagelijkse standplaats
Ten Katestraat met voorkeur kaart
312 . * Doel: De schrijver, D. Werkendam, zegt formeel zijn vaste standplaats op de markt aan het Moesplein op.
* Reden: Hij geeft aan dat hij "geen geschikte handel" meer heeft voor deze specifieke marktlocatie en daarom de markt voorlopig niet kan bezoeken.
* Status afzender: De afzender is een marktkoopman. Hij vermeldt dat hij nog wel een dagelijkse standplaats heeft op de Ten Katestraat, waarvoor hij een 'voorkeurkaart' (nummer 312) bezit.
* Adressering: Hij woont op dat moment op de Van Woustraat 103-II bij een weduwe Rust, maar vermeldt expliciet zijn vorige adres in de Rijnstraat 12-II. * Tijdsbeeld: De brief is geschreven in oktober 1939, kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar nog vóór de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het is een periode van economische onzekerheid en mobilisatie.
* Joodse geschiedenis: De naam Werkendam en de genoemde locaties (Rijnstraat, Van Woustraat) duiden op een persoon die deel uitmaakte van de Joodse gemeenschap in Amsterdam. In de jaren '30 en '40 woonden veel Joodse Amsterdammers in de Rivierenbuurt (Rijnstraat) en De Pijp.
* Marktwezen: Het document illustreert de strakke administratie van het Amsterdamse marktwezen. Marktkooplieden moesten officiële standplaatsen via de 'Chef voor Marktzaken' regelen en opzeggen. De "voorkeurkaart" was een bewijs van anciënniteit, waarmee een koopman voorrang kreeg bij het toewijzen van de beste plekken op een markt.
* Moesplein: Het Moesplein (tegenwoordig onderdeel van de Rivierenbuurt bij de Amstel) had destijds een wijkmarkt. De Ten Katestraat in Amsterdam-West was (en is) een van de grotere dagmarkten van de stad.