Getypte brief (kopie of doorslag).
Origineel
Getypte brief (kopie of doorslag). 3 september 1940. De Directeur (dienst onbekend, mogelijk een keuringsdienst of economische controledienst). Den Heer Directeur van de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale, 's-Gravenhage. vP/HG.
den Heer Directeur van de Nederlandsche
Groenten- en Fruitcentrale,
Laan Copes van Cattenburch 62,
's-Gravenhage.
2B/94/2 M. a 3 September 1940.
In bijlage dezes heb ik de eer U een aanvraagformulier te doen toekomen, dat is ingevuld door J. Nibbering, geboren 6 Februari 1919, wonende Lindenlaan 16 Zwanenburg (Noordholland). Ik voeg hierbij een afschrift van een op 21 Augustus jl. door den controleur Felthuis van mijn dienst opgemaakt rapport. Het feit, dat Nibbering als personeel in dienst zou zijn geweest van den grossier Koekenbier wordt alleen door verklaring van den bedoelden grossier bevestigd, doch kan niet op andere wijze, bij voorbeeld door overlegging van een rentekaart, worden bewezen. Op dien grond ben ik van meening, dat Nibbering voornoemd niet aannemelijk heeft gemaakt, dat hij voldoende opleiding in den kleinhandel in gewassen van den tuinbouw heeft genoten, weshalve hij naar mijn oordeel niet voor een erkenning – ook niet voor een tijdelijke erkenning – in aanmerking kan komen.
De Directeur, Deze brief betreft de afwijzing van een aanvraag voor beroepserkenning in de kleinhandel van tuinbouwproducten (groenten en fruit). De aanvrager, de 21-jarige J. Nibbering uit Zwanenburg, probeert aan te tonen dat hij over de nodige ervaring beschikt door te wijzen op zijn dienstverband bij grossier Koekenbier.
De kern van de afwijzing ligt in het gebrek aan objectief bewijs. Hoewel de werkgever (de grossier) het dienstverband bevestigt, ontbreekt een officiële 'rentekaart'. Een rentekaart was indertijd een bewijsstuk voor de afdracht van premies in het kader van de Invaliditeitswet en diende daarmee als officieel bewijs van een dienstbetrekking. Zonder dit document acht de directeur de ervaring van de aanvrager niet bewezen, waardoor hij niet voldoet aan de eisen voor vestiging of erkenning in de branche. De brief dateert van september 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden economische activiteiten en de distributie van voedsel steeds strenger gereguleerd. De "Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale" speelde een centrale rol in de ordening van deze sector.
Dergelijke documenten zijn illustratief voor de bureaucratische processen en de strenge vestigingseisen (gebaseerd op de Vestigingswet van 1937) waaraan handelaren moesten voldoen. De overheid probeerde hiermee de kwaliteit in de handel te waarborgen en het aantal ondernemers te reguleren, een beleid dat tijdens de oorlogsjaren in het kader van de distributie en de geleide economie alleen maar werd aangescherpt. J. Nibbering