Getypte brief (doorslag/kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie). 7 december 1940. De Directeur (waarschijnlijk van een gemeentelijke instantie in Amsterdam, belast met sociale zaken of economische handhaving). De Directie van de Nederlandsche Akkerbouwcentrale, t.a.v. de heer Mr. Pool, 's-Gravenhage. VD/HG. [handgeschreven: extra]
2B/164/3 M.
7 December 1940.
Ter attentie van den
heer Mr. Pool.
de Directie van de Nederlandsche
Akkerbouwcentrale,
te
's-Gravenhage.
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat een
hier ter stede gevestigde winkelier in groente en aardappelen,
namelijk C.M. Huis, Utrechtschedwarsstraat 64, zich tot het
Quartieramt, alhier heeft gewend met de klacht, dat hem door
de Stichting "Centraal Belang" een erkenning als aardappel-
handelaar wordt geweigerd. De Beauftragte voor de stad Amster-
dam heeft deze aangelegenheid ter afdoening in handen gesteld
van het Gemeentebestuur.
Het is bij mijn dienst bekend, dat Huis sedert
April van dit jaar als zelfstandig handelaar in groente en
aardappelen optreedt; voordien was hij personeel bij den
groente en aardappelenwinkelier B. Hesseling, Reguliersgracht
41, alhier. Betrokkene is in het bezit van een erkenning van
de Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale; sedert Januari
van dit jaar heeft hij een aardappelboekje, uitgereikt door de
plaatselijke afdeeling der V.B.N.A. Huis heeft in October jl.
zijn zaak moeten sluiten, omdat hij - doordat hij niet erkend
werd [/] geen aardappelen meer kan krijgen en geniet sedert 1
December jl. steun van het Gemeentelijk Bureau voor Maatschap-
pelijken Steun; hij verzoekt hem toch een erkenning als boven-
bedoeld te verleenen, omdat hij dan weder een zaak wil be-
ginnen.
Ik heb de eer U beleefd te verzoeken wel te willen
bevorderen, dat Huis voornoemd alsnog in het bezit der ver-
eischte erkenning wordt gesteld.
De Directeur,
[/] door de plaatselijke afdeeling
van "Centraal Belang", In deze brief bemiddelt de directeur van een Amsterdamse gemeentelijke dienst voor een lokale kleine ondernemer, C.M. Huis. Huis, een groente- en aardappelhandelaar, is in de problemen gekomen omdat de stichting "Centraal Belang" hem de benodigde erkenning als aardappelhandelaar weigert. Zonder deze erkenning mag hij geen aardappelen inkopen of verkopen binnen het distributiesysteem.
Hierdoor is Huis gedwongen zijn winkel te sluiten en is hij per 1 december 1940 afhankelijk geworden van de bijstand (Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun). De schrijver van de brief voert aan dat Huis wel over andere vereiste papieren beschikt en vraagt de landelijke Akkerbouwcentrale om in te grijpen, zodat de man zijn zaak kan heropenen en niet langer ten laste van de gemeente komt. De toon is formeel en bureaucratisch, maar duidelijk ondersteunend voor de burger. Het document dateert van december 1940, ruim een half jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De brief illustreert de snelle bureaucratisering en centralisering van de voedselvoorziening en handel onder het nieuwe regime.
Er worden diverse instanties genoemd die typerend zijn voor deze periode:
* De Akkerbouwcentrale: Een van de crisisorganisaties die de productie en distributie van landbouwproducten strak reguleerden.
* De Beauftragte voor de stad Amsterdam: De Duitse toezichthouder (onderdeel van het Rijkscommissariaat) die toezag op het Amsterdamse stadsbestuur.
* Quartieramt: De Duitse benaming voor het distributiekantoor.
* Centraal Belang: Een organisatie die betrokken was bij de sanering en ordening van de middenstand, vaak op een dwingende manier die kleine zelfstandigen in de problemen bracht.
De brief toont de directe impact van oorlogsmaatregelen op de 'kleine man'. Door stringente regelgeving en het ontbreken van de juiste papieren (erkenning) kon een voorheen zelfstandige ondernemer binnen enkele maanden volledig afhankelijk worden van de sociale voorzieningen. B. Hesseling C.M. Huis V.B.N.A. Huis