Archief 745
Inventaris 745-314
Pagina 261
Dossier 21
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie / memo.

20 december 1940 (met een reactie op 22 december 1940).

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie / memo. 20 december 1940 (met een reactie op 22 december 1940). brandstoffenmarkten aantrof bezig zijnde met
het storten der kolen in zakken, terecht gemeend
dat de brandstoffen ter bezorging werden klaar-
gemaakt betreffende belasting laat betalen.
Toch meen ik in overweging te moeten
geven de Gebr. D. voortaan vrij te laten
lossen.
De schuit gebruiken zij niet als magazijn
of opslagplaats, doch als vervoermiddel,
hiertoe door gebrek aan benzine gedwongen.
Ik geef U dan ook in overweging den Wethouder
te adviseeren op het verzoek van de Gebr. D.
gunstig te beslissen.

Th. Müller
20-12-'40

Is U het hiermede eens?
de Heer

Ik niet!
Th W
22/12 '40 In deze notitie rapporteert Müller over een waarneming op de brandstoffenmarkt. Hij zag dat kolen in zakken werden gestort, wat normaal gesproken zou betekenen dat er belasting over betaald moet worden (klaarmaken voor bezorging). Desondanks adviseert Müller om de "Gebroeders D." voortaan vrij te laten lossen zonder deze extra lasten.

Zijn argument is pragmatisch: zij gebruiken hun schuit niet als permanente opslag (magazijn), maar puur als noodzakelijk vervoermiddel omdat er een gebrek aan benzine is voor vrachtwagens. Müller vraagt de ontvanger om de wethouder te adviseren positief op het verzoek van de broers te beslissen. De reactie onderaan is echter kort en krachtig afwijzend: "Ik niet!", getekend twee dagen later. Het document dateert van december 1940, het eerste oorlogsjaar van de Duitse bezetting in Nederland. De tekst weerspiegelt de directe gevolgen van de oorlogseconomie: er was een nijpend tekort aan brandstoffen zoals benzine, waardoor ondernemers gedwongen waren terug te vallen op traditionele transportmiddelen zoals schuiten.

De bureaucratie probeerde in deze periode grip te houden op de distributie en belastingheffing van schaarse goederen zoals kolen. Dit document toont de interne discussie tussen ambtenaren over het al dan niet soepel omgaan met regels in tijden van schaarste. De afwijzing onderaan suggereert dat men, ondanks de overmachtssituatie van de ondernemers, vasthield aan de strikte reglementen of belastingvoorschriften.

Samenvatting

In deze notitie rapporteert Müller over een waarneming op de brandstoffenmarkt. Hij zag dat kolen in zakken werden gestort, wat normaal gesproken zou betekenen dat er belasting over betaald moet worden (klaarmaken voor bezorging). Desondanks adviseert Müller om de "Gebroeders D." voortaan vrij te laten lossen zonder deze extra lasten.

Zijn argument is pragmatisch: zij gebruiken hun schuit niet als permanente opslag (magazijn), maar puur als noodzakelijk vervoermiddel omdat er een gebrek aan benzine is voor vrachtwagens. Müller vraagt de ontvanger om de wethouder te adviseren positief op het verzoek van de broers te beslissen. De reactie onderaan is echter kort en krachtig afwijzend: "Ik niet!", getekend twee dagen later.

Historische Context

Het document dateert van december 1940, het eerste oorlogsjaar van de Duitse bezetting in Nederland. De tekst weerspiegelt de directe gevolgen van de oorlogseconomie: er was een nijpend tekort aan brandstoffen zoals benzine, waardoor ondernemers gedwongen waren terug te vallen op traditionele transportmiddelen zoals schuiten.

De bureaucratie probeerde in deze periode grip te houden op de distributie en belastingheffing van schaarse goederen zoals kolen. Dit document toont de interne discussie tussen ambtenaren over het al dan niet soepel omgaan met regels in tijden van schaarste. De afwijzing onderaan suggereert dat men, ondanks de overmachtssituatie van de ondernemers, vasthield aan de strikte reglementen of belastingvoorschriften.

Gerelateerde Documenten 6