Archief 745
Inventaris 745-314
Pagina 305
Jaar 1940
Stadsarchief

Zakelijke brief/kennisgeving.

14 mei 1940.

Origineel

Zakelijke brief/kennisgeving. 14 mei 1940. Amsterdam, 14 Mei 1940
ni mop

Mijne Heeren,

Gezien de huidige omstani-
digheden, moeten wij U ons tot
ons spijt mededeelen, dat wij
met ingang van heden, geen ge-
bruik meer van onze marktplaats
aan de Bloemenmarkt a/h Singel
zullen maken, zulks tengevolge
van het niet meer aanvoeren der
door ons verkochte materialen.
Vertrouwende, dat U hier-
van goede nota zult hebben ge-
nomen, verblijven wij,

Hoogachtend
Uw. dw.

[Handtekening]

№ 22/9/1 M. 1940 16/5
22 Dit document is een formele kennisgeving van een markthandelaar (waarschijnlijk een bloemen- of plantenhandelaar gezien de locatie) aan de autoriteiten (geadresseerd als "Mijne Heeren", vermoedelijk de marktmeester of het gemeentebestuur van Amsterdam).

De schrijver geeft aan per direct te stoppen met de exploitatie van hun standplaats op de wereldberoemde Bloemenmarkt aan het Singel. De reden die hiervoor wordt opgegeven is tweeledig: de "huidige omstandigheden" en de resulterende stagnatie in de aanvoer van goederen ("materialen"). Het taalgebruik is uiterst beleefd en zakelijk, kenmerkend voor die tijd. De herhaling van "ons" in de zin "moeten wij U ons tot ons spijt" lijkt een schrijffout of een archaïsche zinsconstructie.

Onderaan is een administratief stempel te zien dat aangeeft dat de brief op 16 mei 1940 is verwerkt, twee dagen na dagtekening. De datum van dit document, 14 mei 1940, is een van de zwartste en meest beslissende dagen in de Nederlandse geschiedenis. Dit was de vijfde dag van de Duitse inval in Nederland.

Op deze specifieke dag vond het verwoestende bombardement op Rotterdam plaats. Kort daarna dreigden de Duitsers ook andere grote steden, waaronder Amsterdam en Utrecht, te bombarderen. Om verdere verwoesting en slachtoffers te voorkomen, tekende de Nederlandse legerleiding diezelfde avond de capitulatie.

De "huidige omstandigheden" waar de brief naar verwijst, zijn dus de directe chaos van de oorlog, het staken van het normale transportverkeer en de algemene onzekerheid. Het feit dat de aanvoer van bloemen of planten was gestopt, is een logisch gevolg van het feit dat het land in staat van oorlog verkeerde en de infrastructuur platlag. De brief is een tastbaar bewijs van hoe de wereldgeschiedenis op die dag direct ingreep in het dagelijks leven en de handel van een individuele Amsterdamse ondernemer.

Samenvatting

Dit document is een formele kennisgeving van een markthandelaar (waarschijnlijk een bloemen- of plantenhandelaar gezien de locatie) aan de autoriteiten (geadresseerd als "Mijne Heeren", vermoedelijk de marktmeester of het gemeentebestuur van Amsterdam).

De schrijver geeft aan per direct te stoppen met de exploitatie van hun standplaats op de wereldberoemde Bloemenmarkt aan het Singel. De reden die hiervoor wordt opgegeven is tweeledig: de "huidige omstandigheden" en de resulterende stagnatie in de aanvoer van goederen ("materialen"). Het taalgebruik is uiterst beleefd en zakelijk, kenmerkend voor die tijd. De herhaling van "ons" in de zin "moeten wij U ons tot ons spijt" lijkt een schrijffout of een archaïsche zinsconstructie.

Onderaan is een administratief stempel te zien dat aangeeft dat de brief op 16 mei 1940 is verwerkt, twee dagen na dagtekening.

Historische Context

De datum van dit document, 14 mei 1940, is een van de zwartste en meest beslissende dagen in de Nederlandse geschiedenis. Dit was de vijfde dag van de Duitse inval in Nederland.

Op deze specifieke dag vond het verwoestende bombardement op Rotterdam plaats. Kort daarna dreigden de Duitsers ook andere grote steden, waaronder Amsterdam en Utrecht, te bombarderen. Om verdere verwoesting en slachtoffers te voorkomen, tekende de Nederlandse legerleiding diezelfde avond de capitulatie.

De "huidige omstandigheden" waar de brief naar verwijst, zijn dus de directe chaos van de oorlog, het staken van het normale transportverkeer en de algemene onzekerheid. Het feit dat de aanvoer van bloemen of planten was gestopt, is een logisch gevolg van het feit dat het land in staat van oorlog verkeerde en de infrastructuur platlag. De brief is een tastbaar bewijs van hoe de wereldgeschiedenis op die dag direct ingreep in het dagelijks leven en de handel van een individuele Amsterdamse ondernemer.

Locaties

Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6