Archief 745
Inventaris 745-314
Pagina 57
Dossier 10
Jaar 1940
Stadsarchief

Administratieve vastlegging/berekening betreffende marktgeld voor een ligplaats.

13 april 1940 (met een latere aantekening in rood van 21 oktober 1941). Dossier: 124

Origineel

Administratieve vastlegging/berekening betreffende marktgeld voor een ligplaats. 13 april 1940 (met een latere aantekening in rood van 21 oktober 1941). [Rechtsboven, inkt]: 13/4/40 [paraaf]
[Rechtsboven, rood potlood]: 21/10/41 M

P. Ph. Bakker Geldersekade No 51

heeft verklaring geteekend voor het onder meer
met schuit No 124 groot 27 ton ligplaats innemen
aan de Brandstoffenmarkt voor het kalender-
jaar 1940.

Het verschuldigde marktgeld mag hij in 4
termijnen à f 6.75 betalen.
Hij heeft den eersten termijn betaald.

Met ingang van 5 April 1940 heeft Bakker
tevens bedoeld vaartuig verhuurd aan
Smithuijse, die zoodra deze met dit vaartuig
aan de Brandstoffenmarkt ligplaats gaat
innemen, het marktgeld moet betalen
m.i. moet marktgeld overig aan
Bakker op grond van bijgeleverde kwitanties
ad f 27 op de terugbetaling te rekenen
tot een bedrag groot f 18.22 volgens
nevenstaande berekening:

Berekend tegen het maand- resp. weektarief
zou Bakker over het tijdvak loopende van
1 Jan - 4 April 1940 hebben moeten betalen
3 x 27 x f 0.10 = 8.10
1 x 27 x f 0.025 = 0.68 8.78
jaar tarief 27 x f 1.- 27.-
----------
terugbetaling 18.22 Het document betreft een administratieve afhandeling van marktgeld voor een schuit (No. 124, 27 ton) van de heer P. Ph. Bakker.
1. Oorspronkelijke regeling: Bakker had een jaarvergunning voor 1940 voor een ligplaats aan de Brandstoffenmarkt voor een totaalbedrag van 27 gulden, te betalen in vier termijnen. Hij had de eerste termijn al voldaan.
2. Wijziging: Per 5 april 1940 verhuurt Bakker zijn schuit aan de heer Smithuijse. Vanaf dat moment wordt Smithuijse verantwoordelijk voor het marktgeld.
3. Correctie: Omdat Bakker het jaartarief al "vastgelegd" had (op basis van kwitanties ter waarde van 27 gulden), moet er een verrekening plaatsvinden. De ambtenaar berekent wat Bakker over de periode 1 januari tot 4 april verschuldigd zou zijn geweest op basis van de duurdere maand- en weektarieven (totaal f 8,78).
4. Resultaat: Het verschil tussen het jaartarief (f 27,-) en het werkelijk verbruikte deel (f 8,78) resulteert in een terugbetaling aan Bakker van f 18,22. Dit document biedt een inkijkje in de nauwgezette gemeentelijke administratie van de binnenvaart en markthandel in Amsterdam aan de vooravond van de Duitse inval (april 1940). De Geldersekade was een belangrijke aanlegplaats voor schepen die brandstoffen (zoals turf en kolen) aanvoerden voor de stad. Het gebruik van tonnages en specifieke tarieven per ton per tijdseenheid laat zien hoe de publieke ruimte commercieel werd geëxploiteerd en gecontroleerd. De rode aantekening uit oktober 1941 suggereert dat het dossier ruim anderhalf jaar later nogmaals is gecontroleerd of afgesloten tijdens de bezettingsperiode. P. Ph

Samenvatting

Het document betreft een administratieve afhandeling van marktgeld voor een schuit (No. 124, 27 ton) van de heer P. Ph. Bakker.
1. Oorspronkelijke regeling: Bakker had een jaarvergunning voor 1940 voor een ligplaats aan de Brandstoffenmarkt voor een totaalbedrag van 27 gulden, te betalen in vier termijnen. Hij had de eerste termijn al voldaan.
2. Wijziging: Per 5 april 1940 verhuurt Bakker zijn schuit aan de heer Smithuijse. Vanaf dat moment wordt Smithuijse verantwoordelijk voor het marktgeld.
3. Correctie: Omdat Bakker het jaartarief al "vastgelegd" had (op basis van kwitanties ter waarde van 27 gulden), moet er een verrekening plaatsvinden. De ambtenaar berekent wat Bakker over de periode 1 januari tot 4 april verschuldigd zou zijn geweest op basis van de duurdere maand- en weektarieven (totaal f 8,78).
4. Resultaat: Het verschil tussen het jaartarief (f 27,-) en het werkelijk verbruikte deel (f 8,78) resulteert in een terugbetaling aan Bakker van f 18,22.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de nauwgezette gemeentelijke administratie van de binnenvaart en markthandel in Amsterdam aan de vooravond van de Duitse inval (april 1940). De Geldersekade was een belangrijke aanlegplaats voor schepen die brandstoffen (zoals turf en kolen) aanvoerden voor de stad. Het gebruik van tonnages en specifieke tarieven per ton per tijdseenheid laat zien hoe de publieke ruimte commercieel werd geëxploiteerd en gecontroleerd. De rode aantekening uit oktober 1941 suggereert dat het dossier ruim anderhalf jaar later nogmaals is gecontroleerd of afgesloten tijdens de bezettingsperiode.

Genoemde Personen 1

Locaties

Brandstoffenmarkt (waarschijnlijk Amsterdam gezien de Geldersekade).

Producten

Huishoudelijk: Brandstof Huishoudelijk: Kolen Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6