Administratieve memo / ambtelijke notitie betreffende een marktvergunning.
Origineel
Administratieve memo / ambtelijke notitie betreffende een marktvergunning. [Linksboven in stempel]
BIJBLAD VAN:
M. No. 25/113/1 1940
DOORGEZONDEN: 27/6
[Rechtsboven]
424
m. Groen pl. 166 Alb. Cuypstr.
garen en band.
[Hoofdtekst]
geen assistente [bijgeschreven boven de eerste regel]
Tegen inwilliging van het
verzoek van M. Groen om zich
op zijn plaats op de markt aan
de Alb. Cuypstraat tot weder-
opzegging te mogen laten assis-
teeren - niet vervangen - door
Mevr. A. Reuter-Abram, geb. 23 Jan. 1908,
bestaat m. i. geen bezwaar.
(Zie rapport Chef marktopz.)
[Rechts in de marge]
Advies
3-7-40
dellar [handtekening]
[Linksonder]
22/7/40 25/113/2
Af modelbrief
[Rechtsonder]
17-7-40
dellar [handtekening]
[Voetnoot]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een interne ambtelijke notitie waarin geadviseerd wordt over een verzoek van marktkoopman M. Groen. Groen heeft een standplaats (nummer 166) op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam, waar hij garen en band (fournituren) verkoopt. Het verzoek betreft de aanstelling van een assistente, Mevrouw A. Reuter-Abram (geboren op 23 januari 1908).
De ambtenaar (die tekent met 'dellar' of 'dellaar') adviseert op 3 juli 1940 dat er geen bezwaar is tegen dit verzoek, gebaseerd op een rapport van de Chef Marktopzicht. Er wordt specifiek genoteerd dat de assistente niemand vervangt, wat betekent dat zij als extra kracht wordt toegevoegd. De afhandeling vindt plaats op 22 juli 1940 middels een standaardbrief ("modelbrief"). Dit document dateert van kort na het begin van de Duitse bezetting van Nederland (mei 1940). Hoewel de marktadministratie op dat moment nog grotendeels volgens de vooroorlogse bureaucratische procedures verliep, is de context van de bezetting van belang. De Albert Cuypmarkt bevond zich in een buurt met veel Joodse bewoners en marktkooplieden.
Namen zoals 'Groen' en 'Abram' komen veel voor binnen de Joodse gemeenschap van Amsterdam in die tijd. Hoewel de grote uitsluitingsmaatregelen tegen Joden op de markten pas later in 1940 en in 1941 op gang kwamen, werden de administratieve gegevens (inclusief geboortedata zoals hier vermeld) cruciaal voor de bezetter en de meewerkende Nederlandse bureaucreatie om de bevolking in kaart te brengen en later te segregeren. Dit document toont de 'normale' gang van zaken die spoedig door de anti-Joodse verordeningen verstoord zou worden. A. Reuter M. Groen M. No Gemeente Amsterdam Marktwezen