Archief 745
Inventaris 745-328
Pagina 461
Dossier 55
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële aanzegging/brief.

19 november 1940. Van: De Directeur (van de Centrale Markt Amsterdam). Aan: Den Heer E. Visser, Nieuwendammerdijk 249, Amsterdam-Noord.

Origineel

Doorslag van een officiële aanzegging/brief. 19 november 1940. De Directeur (van de Centrale Markt Amsterdam). Den Heer E. Visser, Nieuwendammerdijk 249, Amsterdam-Noord. extra

HG.

den Heer E.Visser,
Nieuwendammerdijk 249,
Amsterdam-Noord.

37/59/23 M. 19 November 1940.

Mij is gerapporteerd, dat U op Dinsdag 12 November jl.
3 kratten roode kool heeft betrokken van een niet op de Centrale
Markt gevestigden grossier. Dit is in strijd met artikel 5 van het
Reglement op de Centrale Markt. In verband hiermede heb ik U,
ingevolge artikel 35 lid 1 van dit Reglement, voorwaardelijk ge-
straft met ontneming van het recht van toegang tot de Centrale
Markt voor den tijd van één dag. Deze straf zal ten uitvoer worden
gelegd, indien U zich binnen één jaar na dato dezes andermaal aan
overtreding van het Reglement op de Centrale Markt schuldig maakt.

De Directeur, In deze brief stelt de directeur van de Centrale Markt in Amsterdam de heer E. Visser officieel op de hoogte van een overtreding. De heer Visser heeft op 12 november 1940 drie kratten rode kool gekocht bij een groothandelaar die niet officieel op het terrein van de Centrale Markt gevestigd was. Dit was een overtreding van artikel 5 van het geldende reglement.

Als sanctie krijgt de heer Visser een voorwaardelijke ontzegging van de toegang tot de markt voor de duur van één dag opgelegd (op basis van artikel 35 lid 1). Deze straf wordt alleen effectief als hij binnen een jaar na de datum van deze brief (vóór 19 november 1941) opnieuw de regels overtreedt. De toon van de brief is strikt zakelijk en autoritair, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd. Het document dateert van november 1940, de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werd de voedselvoorziening en distributie steeds strenger gecontroleerd door de overheid. De Centrale Markthallen in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) vormden het cruciale knooppunt voor de voedseldistributie in de regio.

Het verbod op het inkopen bij niet-geautoriseerde handelaren was bedoeld om de grip op de voedselstromen te behouden en illegale handel (zwarte handel) en prijsopdrijving tegen te gaan. Handelaren zoals de heer Visser (waarschijnlijk een groenteman uit Amsterdam-Noord) waren verplicht zich aan de officiële kanalen te houden. De voorwaardelijke straf fungeerde als een formele waarschuwing in een tijd waarin economische delicten steeds zwaarder werden aangepakt. De brief is getypt op dun doorslagpapier, wat suggereert dat dit de kopie is die voor het archief van de marktadministratie was bestemd.

Samenvatting

In deze brief stelt de directeur van de Centrale Markt in Amsterdam de heer E. Visser officieel op de hoogte van een overtreding. De heer Visser heeft op 12 november 1940 drie kratten rode kool gekocht bij een groothandelaar die niet officieel op het terrein van de Centrale Markt gevestigd was. Dit was een overtreding van artikel 5 van het geldende reglement.

Als sanctie krijgt de heer Visser een voorwaardelijke ontzegging van de toegang tot de markt voor de duur van één dag opgelegd (op basis van artikel 35 lid 1). Deze straf wordt alleen effectief als hij binnen een jaar na de datum van deze brief (vóór 19 november 1941) opnieuw de regels overtreedt. De toon van de brief is strikt zakelijk en autoritair, kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd.

Historische Context

Het document dateert van november 1940, de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werd de voedselvoorziening en distributie steeds strenger gecontroleerd door de overheid. De Centrale Markthallen in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) vormden het cruciale knooppunt voor de voedseldistributie in de regio.

Het verbod op het inkopen bij niet-geautoriseerde handelaren was bedoeld om de grip op de voedselstromen te behouden en illegale handel (zwarte handel) en prijsopdrijving tegen te gaan. Handelaren zoals de heer Visser (waarschijnlijk een groenteman uit Amsterdam-Noord) waren verplicht zich aan de officiële kanalen te houden. De voorwaardelijke straf fungeerde als een formele waarschuwing in een tijd waarin economische delicten steeds zwaarder werden aangepakt. De brief is getypt op dun doorslagpapier, wat suggereert dat dit de kopie is die voor het archief van de marktadministratie was bestemd.

Gerelateerde Documenten 6