Archief 745
Inventaris 745-340
Pagina 17
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief met opgeplakt adres-etiket.

Van: M.A. Voetelink, eigenaar van een Manufacturenmagazijn te Haarlem (Amsterdamschevaart 62).

Origineel

Handgeschreven brief met opgeplakt adres-etiket. M.A. Voetelink, eigenaar van een Manufacturenmagazijn te Haarlem (Amsterdamschevaart 62). [Stempel:] Nº 90/44/ M. 1940 18/6

[Etiket linksboven:]
MANUFACTURENMAG.
M. A. VOETELINK
Amsterdamschevaart 62
(hoek Vaartstraat)
HAARLEM

Haarlem 15 Juni 1940

Aan den Heer Directeur
Marktwezen.
te Amsterdam.

Wel Ed. Heer,

Tot mijn grote spijt heb ik de laatste weken de markt op het Mosplein niet kunnen bezoeken, daar ik geen toewijzing krijg voor benzine. Daar thans ook de mogelijkheid ons is ontnomen, om door extra inkoop op bedoelde markt een voorraad te laten staan, en ik nog geen kans zag om met redelijke vrachtkosten mijn goed op tijd te verzorgen, zou ik aan U willen verzoeken om mijn plaats nog eenige tijd te willen aanhouden. Het zou mij ten zeerste spijten, daar ik haast zoo lang kom als die markt bestaat, om juist nu in deze moeilijke tijd, en geheel buiten mijn schuld, mijn vaste plaats te moeten kwijtraken. Hopende van U een gunstig antwoord te mogen ontvangen, hoogachtend

[Handtekening:] M A Voetelink De brief is geschreven door een Haarlemse handelaar in manufacturen (stoffen en kleding). De kern van het schrijven is een verzoek aan de directeur van het Amsterdamse Marktwezen. Vanwege de beginnende schaarste en distributiemaatregelen aan het begin van de Duitse bezetting, kan de afzender geen benzine meer krijgen voor zijn vervoer.

Voetelink legt uit dat hij normaal gesproken op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) staat. Omdat hij zijn goederen niet kan vervoeren en het ook niet meer is toegestaan om voorraden op de markt zelf achter te laten, kan hij zijn plek momenteel niet innemen. Hij vreest zijn vaste staanplaats te verliezen en doet een beroep op de directeur om de plek voor hem gereserveerd te houden, aangezien hij al sinds de oprichting van deze markt aanwezig is. De toon is beleefd doch dringend, waarbij hij benadrukt dat de situatie "geheel buiten zijn schuld" is. Deze brief dateert van slechts één maand na de Nederlandse capitulatie in mei 1940. De effecten van de Tweede Wereldoorlog op het dagelijks economisch leven worden hier direct zichtbaar. De Duitse bezetter voerde al snel brandstofdistributie in, waardoor marktkooplieden die afhankelijk waren van gemotoriseerd transport (vrachtwagens of bestelauto's) acuut in de problemen kwamen.

De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was in die tijd een belangrijke handelsplek voor de bewoners van de relatief nieuwe wijken in Noord. De "moeilijke tijd" waar de schrijver aan refereert, duidt op de onzekerheid en de praktische beperkingen die de bezetting met zich meebracht voor de kleine middenstander.

Samenvatting

De brief is geschreven door een Haarlemse handelaar in manufacturen (stoffen en kleding). De kern van het schrijven is een verzoek aan de directeur van het Amsterdamse Marktwezen. Vanwege de beginnende schaarste en distributiemaatregelen aan het begin van de Duitse bezetting, kan de afzender geen benzine meer krijgen voor zijn vervoer.

Voetelink legt uit dat hij normaal gesproken op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) staat. Omdat hij zijn goederen niet kan vervoeren en het ook niet meer is toegestaan om voorraden op de markt zelf achter te laten, kan hij zijn plek momenteel niet innemen. Hij vreest zijn vaste staanplaats te verliezen en doet een beroep op de directeur om de plek voor hem gereserveerd te houden, aangezien hij al sinds de oprichting van deze markt aanwezig is. De toon is beleefd doch dringend, waarbij hij benadrukt dat de situatie "geheel buiten zijn schuld" is.

Historische Context

Deze brief dateert van slechts één maand na de Nederlandse capitulatie in mei 1940. De effecten van de Tweede Wereldoorlog op het dagelijks economisch leven worden hier direct zichtbaar. De Duitse bezetter voerde al snel brandstofdistributie in, waardoor marktkooplieden die afhankelijk waren van gemotoriseerd transport (vrachtwagens of bestelauto's) acuut in de problemen kwamen.

De markt op het Mosplein in Amsterdam-Noord was in die tijd een belangrijke handelsplek voor de bewoners van de relatief nieuwe wijken in Noord. De "moeilijke tijd" waar de schrijver aan refereert, duidt op de onzekerheid en de praktische beperkingen die de bezetting met zich meebracht voor de kleine middenstander.

Gerelateerde Documenten 6