Archief 745
Inventaris 745-340
Pagina 18
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of officieel afschrift)

1 juli 1940 Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie) Aan: Den Heer M.A. Voetelink, Amsterdamschevaart 62, Haarlem

Origineel

Getypte brief (doorslag of officieel afschrift) 1 juli 1940 De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een vergelijkbare gemeentelijke instantie) Den Heer M.A. Voetelink, Amsterdamschevaart 62, Haarlem [Links boven, getypt:]
90/44/2 M.

[Midden boven, handgeschreven:]
Verzonden 2/7

[Rechts boven, handgeschreven:]
v. d. Kraan [?]

[Rechts boven, getypt:]
D/G.

1 Juli 1940.

den Heer M.A. Voetelink,
Amsterdamschevaart 62,
H a a r l e m.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 15 Juni jl. be-
richt ik U, dat mynerzyds geen bezwaar bestaat, dat U ge-
durende twee maanden na dato dezes Uw plaats op de markt
Mosplein niet inneemt. Het terzake verschuldigde marktgeld
dient echter regelmatig aan den dienstdoenden marktambtenaar
te worden betaald.

De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een vergunning voor de tijdelijke afwezigheid van een marktkoopman op zijn standplaats.
* Inhoud: De heer Voetelink heeft op 15 juni 1940 een verzoek ingediend om zijn plaats op de markt aan het Mosplein gedurende twee maanden niet in te hoeven nemen. De directeur stemt hiermee in, mits het verschuldigde marktgeld gedurende deze periode gewoon wordt doorbetaald aan de betreffende ambtenaar.
* Administratieve stijl: De brief is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de eerste helft van de 20e eeuw (gebruik van "den", "mynerzyds", "dato dezes"). De handgeschreven aantekening "Verzonden 2/7" geeft de feitelijke verzenddatum aan, één dag na de datering van de brief. * Historische periode: De brief dateert van juli 1940, slechts enkele weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit het document blijkt dat de reguliere civiele administratie en de marktregelingen in Amsterdam op dat moment nagenoeg ongewijzigd bleven functioneren.
* Locatie: Het Mosplein bevindt zich in Amsterdam-Noord. De markt aldaar was (en is) een belangrijk economisch punt voor de buurt. Het feit dat de heer Voetelink uit Haarlem kwam, wijst op de regionale reikwijdte van de Amsterdamse markten.
* Economisch aspect: De eis om marktgeld te blijven betalen bij afwezigheid suggereert dat standplaatsen schaars waren; door te betalen behield de koopman het recht op zijn plek na zijn afwezigheid. De reden voor zijn verzoek om twee maanden weg te blijven wordt niet vermeld, maar zou gerelateerd kunnen zijn aan de onrustige tijden, ziekte of persoonlijke omstandigheden.

Samenvatting

  • Onderwerp: De brief betreft een vergunning voor de tijdelijke afwezigheid van een marktkoopman op zijn standplaats.
  • Inhoud: De heer Voetelink heeft op 15 juni 1940 een verzoek ingediend om zijn plaats op de markt aan het Mosplein gedurende twee maanden niet in te hoeven nemen. De directeur stemt hiermee in, mits het verschuldigde marktgeld gedurende deze periode gewoon wordt doorbetaald aan de betreffende ambtenaar.
  • Administratieve stijl: De brief is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de eerste helft van de 20e eeuw (gebruik van "den", "mynerzyds", "dato dezes"). De handgeschreven aantekening "Verzonden 2/7" geeft de feitelijke verzenddatum aan, één dag na de datering van de brief.

Historische Context

  • Historische periode: De brief dateert van juli 1940, slechts enkele weken na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit het document blijkt dat de reguliere civiele administratie en de marktregelingen in Amsterdam op dat moment nagenoeg ongewijzigd bleven functioneren.
  • Locatie: Het Mosplein bevindt zich in Amsterdam-Noord. De markt aldaar was (en is) een belangrijk economisch punt voor de buurt. Het feit dat de heer Voetelink uit Haarlem kwam, wijst op de regionale reikwijdte van de Amsterdamse markten.
  • Economisch aspect: De eis om marktgeld te blijven betalen bij afwezigheid suggereert dat standplaatsen schaars waren; door te betalen behield de koopman het recht op zijn plek na zijn afwezigheid. De reden voor zijn verzoek om twee maanden weg te blijven wordt niet vermeld, maar zou gerelateerd kunnen zijn aan de onrustige tijden, ziekte of persoonlijke omstandigheden.

Locaties

Het Mosplein bevindt zich in Amsterdam-Noord. De markt aldaar was (en is) een belangrijk economisch punt voor de buurt. Het feit dat de heer Voetelink uit Haarlem kwam wijst op de regionale reikwijdte van de Amsterdamse markten.

Gerelateerde Documenten 6