Handgeschreven brief op briefpapier.
Origineel
Handgeschreven brief op briefpapier. 21 mei 1941. J. G. Ritscher, eigenaar van Parfumerie „Coriam”. [Briefhoofd]
J. G. RITSCHER
PARFUMERIE „CORIAM”
Ten Katestraat 58
A'dam-W. Tel.
[Stempel]
№ 27/30/1 M. 1941 23/5
[Rechtsboven]
Adam 21 Mei 1941.
WelEd Heer.
De ondergetekende J. G. Ritscher
Wonende Ten Katestraat 58 Standplaatshouder
van de Markt Ten Katestraat, neemt met
deze beleefd de vrijheid UEd te mogen
verzoeken, om assistentie achter zijn Kraam
te mogen hebben, indien ik zelf weg moet.
Door de tijds omstandigheden moeten
mij zelf de goederen van de magazijnen
halen, evenals het inleveren van Textielpunten
of zeepbonnen, waardoor mijn kraam
te lang onbeheerd zou blijven. Hopende
dat UEd aan mijn vriendelijken eerbiedig
verzoek gehoor geeft, teeken ik bij voorbaat
onder beleefde dankzegging.
Hoogachtend.
[In rode inkt onderaan]
F opgeroepen door mij is gebleken dat de desbetreffende
persoon beneden de 18 jarige leeftijd is. [Handtekening/Paraaf] In deze brief verzoekt J. G. Ritscher, een marktkoopman in parfumerie-artikelen aan de Amsterdamse Ten Katestraat, om toestemming voor hulp bij zijn marktkraam.
De kern van zijn verzoek ligt in de praktische problemen die de Tweede Wereldoorlog met zich meebrengt. Ritscher legt uit dat hij door de "tijds omstandigheden" (de bezetting en de daaruit voortvloeiende schaarste) genoodzaakt is om zelf goederen op te halen bij magazijnen. Daarnaast moet hij persoonlijk distributiebescheiden, zoals textielpunten en zeepbonnen, inleveren. Deze administratieve en logistieke taken zorgen ervoor dat hij zijn kraam gedurende langere tijd onbeheerd moet laten, wat hij met de gevraagde assistentie wil voorkomen.
De rode aantekening onderaan is een ambtelijke reactie of bevinding. Hieruit blijkt dat de persoon die Ritscher op het oog had als assistent, is gecontroleerd ("opgeroepen") en dat deze persoon jonger is dan 18 jaar. Dit suggereert dat er strikte regels waren voor wie als hulp mocht optreden, mogelijk in verband met arbeidsvoorschriften of de inzet van personeel tijdens de bezetting. Dit document is een treffend voorbeeld van de dagelijkse realiteit in bezet Nederland in mei 1941. Ruim een jaar na het begin van de bezetting was het distributiestelsel (de bonnenkaart) volledig van kracht.
- Distributie en Schaarste: De vermelding van "textielpunten" en "zeepbonnen" onderstreept hoe diep de oorlog ingreep in de handel. Winkeliers en marktkooplieden waren veel tijd kwijt aan de bureaucratie rondom deze bonnen om hun voorraad aan te kunnen vullen.
- Regulering: De brief toont aan dat zelfs zoiets simpels als hulp krijgen bij een marktkraam onderhevig was aan officiële goedkeuring. De bezetter en het Nederlandse overheidsapparaat hielden de controle op de arbeidsmarkt en de economische bedrijvigheid nauwlettend in de gaten.
- Lokale geschiedenis: De Ten Katemarkt in Amsterdam-West was (en is) een belangrijke volksmarkt. De brief geeft een inkijkje in de specifieke problemen waar lokale ondernemers in deze buurt mee kampten.
- Handhaving: De rode notitie wijst op een actieve controle van de autoriteiten op de naleving van (leeftijds)voorschriften, wat kenmerkend is voor het streng gereguleerde klimaat van de oorlogsjaren. G. Ritscher W. Tel