Archiefdocument
Origineel
D.R. Lindeman
D 12 f 11.00 - contract 16/12 40 - 31/12. 41
M 3 f 10.00 - " 16/12 40. 31/12 41
D.12 was tot en met 15/12. 40 in gebruik voor opslag
van Fam. Dies Keure. Heeft tot en met 15/12 40 betaald.
M 3. was op 15/12 40 vrij (voor 15/12. 40 onverhuurd)
Deze zaak had m.i. in Dec 1940. afgedaan moeten
worden. De huurder had dan geen week huur voor
opslag moeten betalen en het contract met Lindeman
een week later in kunnen gaan.
Ten aanzien van M 3 hadden het uitblijven niet
tijdelijk kunnen noemen. m.i. geen motief
om aan Burgemeester voorstellen tot teruggaaf
van twee weken huur te doen. De notitie documenteert een intern advies over de huurperiode van twee objecten (D 12 en M 3).
* Object D 12: Werd tot 15 december 1940 voor opslag gebruikt door de familie Dies Keure, die hiervoor heeft betaald. Per 16 december is er een nieuw contract met D.R. Lindeman.
* Object M 3: Was voorafgaand aan het nieuwe contract op 16 december onverhuurd.
De auteur van de notitie (waarschijnlijk een ambtenaar ter secretarie) stelt vast dat er een onvolkomenheid in de timing van de contracten zit. Indien de zaak in december 1940 direct goed was afgehandeld, had het contract een week later kunnen ingaan, wat de huurder kosten had bespaard. Desondanks concludeert de auteur dat er geen gegronde reden ("geen motief") is om de burgemeester te adviseren over te gaan tot een teruggaaf van twee weken huur. De afkorting "m.i." staat voor "mijns inziens". Het document biedt een inkijkje in de gemeentelijke administratie in Nederland tijdens de eerste winter van de Tweede Wereldoorlog (1940-1941). Het laat zien hoe nauwgezet huurbetalingen en contracttermijnen voor (waarschijnlijk door de gemeente beheerde) opslagruimtes werden bijgehouden en geëvalueerd. Dergelijke notities zijn typerend voor de ambtelijke besluitvormingsprocessen waarbij lagere ambtenaren advies uitbrengen aan het college van B&W of de burgemeester over financiële claims van burgers.