Afschrift van een officiële brief/besluit.
Origineel
Afschrift van een officiële brief/besluit. Augustus 1941. De Regeringscommissaris voor Amsterdam (E.J. Voûte) en de Gemeentesecretaris (J.F. Franken). № 77/39/6 M. 1941 29/10 [handgeschreven:] Markthall
Afschrift
[handgeschreven paraaf in cirkel:] Av: J. 6/9 '41
No. 53/17 L.M. -1941- Augustus 1941.
[handgeschreven parafen en namen, o.a.:] v.g. m/v H. Bierman
Ik deel U mede te hebben besloten, U met
ingang van 27 Augustus 1941 wegens verduiste-
ring van 4½ mud aardappelen ten nadeele van
het Wilhelmina-gasthuis op 6 Augustus j.l.,
het recht van toegang tot de Centrale Markt
voor onbepaalden termijn te ontnemen,
VM
De Regeeringscommissaris voor Amsterdam,
(get.) Voûte [stempel in paars]
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN [stempel in paars]
Aan : P.J.Koekenbier Jr.
John Franklinstraat 30
A.van der Bilt,
Bestevaerstraat 174. Dit document betreft een disciplinaire maatregel tegen twee Amsterdammers, P.J. Koekenbier Jr. en A. van der Bilt. Zij worden voor onbepaalde tijd verbannen van de Centrale Markt in Amsterdam. De reden hiervoor is de diefstal ("verduistering") van 4,5 mud aardappelen (ongeveer 315-340 kg), die bestemd waren voor de patiënten van het Wilhelmina Gasthuis. De maatregel is ingegaan op 27 augustus 1941. De brief is een "afschrift", wat betekent dat dit een kopie is voor de administratie van de markt of de gemeente. Het document dateert uit augustus 1941, de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was er sprake van toenemende voedselschaarste en distributie. Diefstal van voedsel, zeker wanneer dit bestemd was voor een ziekenhuis zoals het Wilhelmina Gasthuis, werd zeer streng bestraft.
Opmerkelijk is de ondertekening door de "Regeeringscommissaris voor Amsterdam". In maart 1941 had de Duitse bezetter de democratisch gekozen gemeenteraad ontbonden en de burgemeester vervangen door een regeringscommissaris. Edward Voûte bekleedde deze positie. Hij werkte nauw samen met de bezetter om de orde in de stad te handhaven volgens het 'Führerprinzip'. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening; een toegangsverbod betekende in de praktijk een einde aan iemands werkzaamheden in de handel of transport van levensmiddelen.