Getypte brief op officieel briefpapier van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Getypte brief op officieel briefpapier van de Gemeente Amsterdam. 20 februari 1942. Directie van het Marktwezen, Amsterdam. [Handgeschreven in linkerbovenhoek:] Verzonden 23/2-42
DIRECTIE VAN HET MARKIWEZEN.
No. 37/9/14 M. [ruimte] Amsterdam, 20 Februari 1942.
[ruimte] Jan van Galenstraat 14.
[ruimte] Prov.B.
Vebena, Hal 81, 82 en 83 Pl.Verk.B.Aan
Vebena, Hal 77, 78 en 79 Pl.Verk.B.
[ruimte] Centrale Markt No.
[ruimte] Amsterdam-West.
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz. voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
De Directeur,
[Handtekening] Deze brief dient als formele begeleiding bij de toezending van een officieel huurcontract aan het bedrijf 'Vebena'. De toon is strikt zakelijk en ambtelijk, zoals gebruikelijk voor correspondentie van een gemeentelijke dienst in die periode.
De inhoud bevat twee belangrijke waarschuwingen/instructies voor de huurder:
1. Onderhoudsplicht: De directeur wijst de huurder op hun wettelijke verantwoordelijkheid voor klein onderhoud (reparaties aan rolluiken, ruiten en sloten) conform het Burgerlijk Wetboek.
2. Reclameverbod: Er wordt nadrukkelijk gewezen op de beperkingen voor het plaatsen van reclameborden of aankondigingen. Dit mocht uitsluitend na voorafgaande schriftelijke toestemming van de directeur. Dit wijst op een strenge controle op de esthetiek en het gebruik van de marktgebouwen.
De paarse inkt en de handgeschreven aantekening "Verzonden 23/2-42" suggereren dat dit een kopie is die werd bewaard in het archief van de Directie van het Marktwezen zelf. Het document dateert van februari 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief op het eerste gezicht louter administratief lijkt, is de context van de Centrale Markt in Amsterdam in deze periode van groot belang.
De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was tijdens de bezetting een cruciaal punt voor de voedseldistributie in de stad. De strikte regulering die uit de brief spreekt, past in de bredere context van de bezettingsjaren, waarin de overheid (onder toezicht van de bezetter) de controle op distributie en publieke uitingen steeds verder aanscherpte.
Het bedrijf 'Vebena' was een groothandel in aardappelen, groenten en fruit. De verwijzing naar "Hal 81, 82, 83" en "77, 78, 79" toont aan dat het om een aanzienlijke huurder ging binnen het marktcomplex. De nadruk op artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek (over de zorgplicht van de huurder) en het verbod op ongeautoriseerde borden laat zien dat de ambtelijke molens bleven draaien, ondanks de oorlogsomstandigheden en de schaarste die in 1942 steeds nijpender werd.