Archief 745
Inventaris 745-383
Pagina 417
Dossier 25
Jaar 1942
Stadsarchief

Doorslag/doorschrijfkopie van een ambtelijke brief.

24 november 1942. Van: De waarnemend (wnd.) Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Vischmarkt of Dienst voor de Voedselvoorziening te Amsterdam). Aan: Mevrouw de Wed. J. Dootjes, Commelinstraat 118 hs, Amsterdam-Oost (Wijk 18).

Origineel

Doorslag/doorschrijfkopie van een ambtelijke brief. 24 november 1942. De waarnemend (wnd.) Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Vischmarkt of Dienst voor de Voedselvoorziening te Amsterdam). Mevrouw de Wed. J. Dootjes, Commelinstraat 118 hs, Amsterdam-Oost (Wijk 18). [Handgeschreven in grijs potlood, linksboven:]
Verzonden 24/11

[Handgeschreven in rood potlood, rechtsboven:]
[onleesbaar]
ter gezonden
U.V.
C.C.O.

[Getypt:]
HB.

Mevrouw de Wed.J.Dootjes,
Commelinstraat 118 hs,
Amsterdam-Oost.
Wijk 18.

46a/321/131aM.
24 November 1942.

Mij is gerapporteerd, dat U de U op 18 November j.l. op
den Vischafslag alhier toegewezen gerookte aal niet in zijn ge-
heel op Uw plaats aan de markt Dapperstraat heeft verkocht.
U heeft zich hiermede schuldig gemaakt aan overtreding van
artikel 7 van het 2e Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbe-
sluit 1941; ingevolge artikel 11 van dit besluit, schors ik U
voorloopig van de verdeeling van visch aan den afslag alhier,
terwijl ik aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen de
vraag zal voorleggen of U voor onbepaalden tijd van de verdee-
ling behoort te worden uitgesloten.

De Directeur,
wnd. Het document is een getuigenis van de uiterst strenge handhaving van de distributiewetten tijdens de Duitse bezetting. Mevrouw Dootjes, een weduwe die een standplaats had op de Dappermarkt in Amsterdam, wordt ervan beschuldigd de haar toegewezen gerookte aal niet volledig via de officiële weg te hebben verkocht. Dit impliceert dat de autoriteiten vermoedden dat een deel van de vis was achtergehouden voor eigen gebruik of was doorverkocht op de zwarte markt.

De straf is drastisch: een onmiddellijke schorsing van de visleveranties, wat voor een marktkoopvrouw een direct verlies van inkomen betekende. De zaak wordt bovendien geëscaleerd naar de "Wethouder voor de Levensmiddelen" voor een mogelijke permanente uitsluiting. De archieftermen in de kantlijn (zoals C.C.O., mogelijk verwijzend naar een controle-instantie) onderstrepen de bureaucratische controle op de voedselketen in oorlogstijd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de schaarste aan voedsel in Nederland groot en was bijna alles "op de bon". Om prijsopdrijving en de zwarte handel tegen te gaan, werd de handel in vis streng gereguleerd via besluiten zoals het hier genoemde Visscherijbesluit 1941. Marktkooplieden waren verplicht al hun ingekochte waren op hun aangewezen plek tegen vastgestelde prijzen te verkopen. De Dappermarkt was een essentieel distributiepunt voor Amsterdam-Oost. Controles werden uitgevoerd door instanties zoals de Crisis Controle Dienst (CCD), wat de handgeschreven afkorting "C.C.O." bovenin het document zou kunnen verklaren.

Samenvatting

Het document is een getuigenis van de uiterst strenge handhaving van de distributiewetten tijdens de Duitse bezetting. Mevrouw Dootjes, een weduwe die een standplaats had op de Dappermarkt in Amsterdam, wordt ervan beschuldigd de haar toegewezen gerookte aal niet volledig via de officiële weg te hebben verkocht. Dit impliceert dat de autoriteiten vermoedden dat een deel van de vis was achtergehouden voor eigen gebruik of was doorverkocht op de zwarte markt.

De straf is drastisch: een onmiddellijke schorsing van de visleveranties, wat voor een marktkoopvrouw een direct verlies van inkomen betekende. De zaak wordt bovendien geëscaleerd naar de "Wethouder voor de Levensmiddelen" voor een mogelijke permanente uitsluiting. De archieftermen in de kantlijn (zoals C.C.O., mogelijk verwijzend naar een controle-instantie) onderstrepen de bureaucratische controle op de voedselketen in oorlogstijd.

Historische Context

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was de schaarste aan voedsel in Nederland groot en was bijna alles "op de bon". Om prijsopdrijving en de zwarte handel tegen te gaan, werd de handel in vis streng gereguleerd via besluiten zoals het hier genoemde Visscherijbesluit 1941. Marktkooplieden waren verplicht al hun ingekochte waren op hun aangewezen plek tegen vastgestelde prijzen te verkopen. De Dappermarkt was een essentieel distributiepunt voor Amsterdam-Oost. Controles werden uitgevoerd door instanties zoals de Crisis Controle Dienst (CCD), wat de handgeschreven afkorting "C.C.O." bovenin het document zou kunnen verklaren.

Gerelateerde Documenten 6