Zakelijke brief of memo betreffende visafrekeningen.
Origineel
Zakelijke brief of memo betreffende visafrekeningen. Verwijst naar "10 Junij j.l." en "5 Junij j.l." (vermoedelijk laat 19e of vroeg 20e eeuw). Onduidelijk, geparafeerd met "D.D." (mogelijk een beheerder van een visafslag). J. Verbeek. N. a. v. Uw brief d.d. a/ J. Verbeek
10 Junij j. l. bericht ik, dat aan de aanvoerders
van visch op den afslag alhier de vrachtkosten, zoo-
als die zijn vermeld op de vrachtbrieven of
beurtvaartadressen, steeds worden vergoed. Indien
op Uw afrekening toch vrachtkosten worden vermeld,
dan heeft dit betrekking op ongefrankeerde zen-
dingen.
Wat Uw zendingen paling betreft, werd voor ene
zending f 0.50 minder afgeschreven wegens onder-
gewicht, terwijl de zending van 5 Junij j.l. moest worden
verkocht ad f 1.22 p/kg, daar zij voor den door U overlegden
prijs ad f 1.38 niet het vereischte gewicht had.
46a/328/2 (in rood) 8 (midden) D.D. (paraaf) Het document is een zakelijke correspondentie waarin uitleg wordt gegeven over financiële aftrekposten op een afrekening. De kernpunten zijn:
* Vrachtkosten: De schrijver legt uit dat vrachtkosten normaal gesproken direct aan de aanvoerders worden vergoed op basis van vrachtbrieven. Als er toch kosten op de afrekening van de ontvanger staan, komt dit doordat de zendingen "ongefrankeerd" (niet vooraf betaald) waren.
* Kwaliteitscontrole en Gewicht: Er is een specifiek geschil over zendingen paling. Er is 50 cent ingehouden vanwege "ondergewicht". Daarnaast is een partij paling voor een lagere prijs (1,22 gulden per kilo in plaats van de gevraagde 1,38 gulden) verkocht, omdat de vissen niet zwaar genoeg waren om voor de hogere prijsklasse in aanmerking te komen.
* Taalgebruik: Het gebruik van de 'sch' (visch) en de term 'beurtvaartadressen' duidt op een datering van vóór de spellinghervorming van 1934/1947. De brief geeft een inkijkje in de logistiek en handel van de Nederlandse visserijsector rond de eeuwwisseling (ca. 1900).
* De Afslag: De visafslag was de centrale plek waar vis werd verhandeld via een veilsysteem. De afslagbeheerder trad op als tussenpersoon tussen de visser (aanvoerder) en de handelaar.
* Beurtvaart: De vermelding van 'beurtvaartadressen' verwijst naar de geregelde scheepvaartverbindingen voor goederenvervoer die in Nederland tot in de vroege 20e eeuw de ruggengraat van het transport vormden, voordat de vrachtwagen dit overnam.
* Palinghandel: Paling was (en is) een kostbaar product waarbij sortering op gewicht cruciaal was voor de prijsbepaling. De brief illustreert de strenge controle op deze standaarden bij de afslag. J. Verbeek