Officieel schrijven / Besluit.
Origineel
Officieel schrijven / Besluit. 19 januari 1942. De Burgemeester van Amsterdam (E.J. Voûte). Den heer C. Bras, Oosterstraat 46, Noord Scharwoude. [Linksboven stempel/kenmerk:]
No 77/2/19 M. 1942 20/1
[Linksboven handgeschreven aantekeningen:]
BvW
Th
acc. [?] 17/1
[Midden:]
L.M. 54/3
-1942-
[Rechtsboven handgeschreven:]
Markten
[Adressering:]
Aan
den heer C. B r a s,
Oosterstraat 46,
NOORD SCHARWOUDE.
[Handgeschreven aantekening over adressering, deels doorgehaald:]
m.i. dhr
Th. Brouse
[Rechtsmidden:]
19 Januari 1942.
[Inhoud:]
Ik deel U mede te hebben besloten, om den termijn van veer-
tien dagen, gedurende welken de Directeur van het Marktwezen U het
recht van toegang tot de Centrale Markt heeft ontnomen, wegens
overschrijding der maximum prijzen en het deswege verstoren en
dus in gevaar brengen van den goeden gang van zaken op die Markt,
tot en met 21 Juni 1942 te verlengen.
vM
[Ondertekening:]
De Burgemeester van Amsterdam,
(get.) V o û t e
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN [stempel in paars/blauw] * Juridische grondslag: Het document betreft een administratieve sanctie. De Directeur van het Marktwezen had Bras aanvankelijk voor 14 dagen geschorst, maar de burgemeester maakt gebruik van zijn bevoegdheid om deze straf aanzienlijk te verzwaren.
* Aard van het delict: "Overschrijding der maximum prijzen". Dit wijst op handel op de zwarte markt of het vragen van woekerprijzen, wat in de oorlogsjaren streng werd aangepakt om de voedselvoorziening en prijsstabiliteit te controleren.
* Sanctie: De toegang tot de Centrale Markt in Amsterdam wordt ontzegd tot 21 juni 1942. Gezien de brief gedateerd is op 19 januari, betreft dit een uitsluiting van vijf maanden. Voor een handelaar uit Noord Scharwoude (een regio bekend om tuinbouw/koolteelt) betekende dit een zware economische straf, omdat de afzetmarkt in Amsterdam cruciaal was.
* Ondertekening: De brief is ondertekend namens Edward Voûte, die in 1941 door de Duitse bezetter was aangesteld als burgemeester van Amsterdam. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd was er sprake van een strikte distributie en prijsbeheersing om schaarste op te vangen. De overheid trad hard op tegen handelaren die zich niet aan de vastgestelde prijzen hielden, omdat dit de officiële voedseldistributie ondermijnde. De "Centrale Markt" aan de Jan van Galenstraat was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening; een verbod op toegang was voor een handelaar of teler vaak rampzalig voor de bedrijfsvoering. De betrokkenheid van de burgemeester bij een dergelijke individuele casus onderstreept het belang dat de bezettingsautoriteiten hechtten aan marktordening.