Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie).
Origineel
Getypte ambtelijke brief (doorslag of kopie). 19 augustus 1943. De waarnemend directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke afdeling (waarschijnlijk Marktwezen). Directeur van Wasch- en Schoonmaak, Bad- en Zweminrichtingen, Nieuwe Looiersdwarsstraat 9-17, Amsterdam-Centrum. 20/18/5 M.
[Handgeschreven in potlood:] Verzonden 19/8
[Handgeschreven in inkt:] W. Müller [?] / [onleesbaar]
VB/SV
19 Augustus 1943.
Den Heer Directeur van Wasch- en Schoonmaak,
Bad- en Zweminrichtingen,
Nwe Looiersdwarsstraat 9-17,
Amsterdam-Centrum. wijk 4
Hiermede bericht ik U, dat in verband met de op-
heffing der markt aan de Gaaspstraat sinds 9 Augustus jl.
het schoonmaken van het marktkantoor ter plaatse niet
meer behoeft te geschieden.
De Directeur,
wnd. De brief is een korte, zakelijke mededeling tussen twee gemeentelijke diensten in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De waarnemend directeur van de ene dienst (vermoedelijk de Dienst van het Marktwezen) stelt de directeur van de Dienst der Wasch-, Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen ervan op de hoogte dat de schoonmaakwerkzaamheden voor het marktkantoor aan de Gaaspstraat per direct kunnen stoppen.
De reden die wordt opgegeven is de "opheffing der markt" op die locatie per 9 augustus 1943. Dit document is een voorbeeld van de bureaucratische afhandeling van wijzigingen in het stadsbeheer, waarbij kostenbesparing (het stopzetten van schoonmaakdiensten) direct volgt op de sluiting van een faciliteit. De historische context van deze korte brief is aangrijpend. De genoemde markt aan de Gaaspstraat in de Rivierenbuurt was geen gewone markt. In november 1941 stelden de Duitse bezetters deze in als een van de drie 'Joodse markten' in Amsterdam (naast het Waterlooplein en de Joubertstraat). Joden mochten alleen op deze specifieke plaatsen en op bepaalde tijden handelen en inkopen doen.
De datum van de brief, augustus 1943, markeert het einde van de grootschalige deportaties van Joden uit Amsterdam naar de concentratie- en vernietigingskampen. Tegen die tijd was de Joodse bevolking van de Rivierenbuurt grotendeels weggevoerd, waardoor de markt zijn 'functie' verloor en werd opgeheven. De droge, ambtelijke mededeling dat het marktkantoor niet meer schoongemaakt hoeft te worden, vormt daarmee een indirect bewijs van de voltooiing van de Holocaust in dit deel van de stad. Marktwezen