Officieel getypt rapport/briefstuk.
Origineel
Officieel getypt rapport/briefstuk. 19 oktober 1942. Het Secretariaat van de Ondervakgroep Koel- en Vrieshuizen. J/Ku. -5-
de nog groote vruchtenoogsten van Zuidelijk- en Zuid-Oost-Europa.
Zwitserland - Vleeschvoorziening.
Bij het uitbreken van den oorlog in September 1939 had Zwitserland
de beschikking over een aanzienlijken veestapel: 1.711.000 runderen en
880.000 varkens. In de jaren, die sindsdien zijn verloopen is het niet ge-
lukt dien veestapel op peil te houden, ten eerste omdat de invoer van het
noodige veevoeder in ernstige mate door den oorlog werd belemmerd. Boven-
dien is echter ook de binnenlandsche productie van veevoeder afgenomen,
in verband met de sterke uitbreiding van den akkerbouw. Een en ander maak-
te het noodzakelijk in het begin van dat jaar het vleeschverbruik te gaan
rantsoeneeren. Op het moment bedraagt het rantsoen 500 gr. per persoon
per maand. Teneinde nu tot een zeker evenwicht tusschen vraag en aanbod
te komen en tevens den aanvoer van voldoende vleesch op de markt ook dan
te verzekeren, wanneer het aanbod gering is, is men er toe overgegaan mo-
derne koelhuizen te bouwen, waarin levensmiddelen in den kortst mogelijken
tijd kunnen worden bevroren. Ook hebben de bevoegde instanties maatregelen
getroffen ter reglementeering van den handel in slachtvee. Deze handel
staat thans volledig onder contrôle van de Overheid. De boeren en de hande-
laren moeten het te verkoopen vee naar daartoe aangewezen verkoopplaatsen
brengen, waar het door officieele inkoopcommissies wordt gekeurd en
overgenomen om vervolgens over de verschillende slachterijen te worden
verdeeld.
's-Gravenhage, 19 October 1942.
Het Secretariaat van de Ondervakgr.
Koel- en Vrieshuizen.
[Handtekening: G.L. van der Jagt]
(Mr. G.L. van der Jagt). * **Inhoud:** Het document beschrijft de penibele voedsel- en veestapelsituatie in het neutrale Zwitserland in 1942. Door de oorlogsomstandigheden was de import van veevoer gestokt en was er meer grond nodig voor akkerbouw (menselijke consumptie), waardoor de veestapel kromp. Dit leidde tot een vleesrantsoen van slechts 500 gram per persoon per maand.
- Beleidsmaatregelen: Er wordt melding gemaakt van de bouw van moderne koelhuizen om voorraden te bufferen en een volledige staatscontrole op de handel in slachtvee om de distributie te waarborgen.
- Taalgebruik: Het document hanteert de toen gebruikelijke formele spelling (de 'spelling-Marchant'), herkenbaar aan woorden als "vleesch", "aanzienlijken" en het gebruik van de naamval-n bij lidwoorden ("den oorlog"). Dit document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De "Ondervakgroep Koel- en Vrieshuizen" maakte deel uit van de dwingende organisatie van het bedrijfsleven die door de bezetter was opgelegd of aangepast om de economie en voedselvoorziening te controleren. Het rapport dient waarschijnlijk als informatieve nota voor Nederlandse functionarissen om te zien hoe andere (neutrale) landen omgingen met de schaarste, mogelijk als vergelijkingsmateriaal of ter rechtvaardiging van soortgelijke centrale distributiemaatregelen in Nederland. De referentie "pagina -5-" suggereert dat dit onderdeel is van een uitgebreider dossier over de Europese voedselvoorziening.