Officieel rapport / ambtsbericht.
Origineel
Officieel rapport / ambtsbericht. 4 september 1943. De Heer Inspecteur van het Marktwezen. [Linksboven in handschrift:]
Dit rapport in afschrift aan het Volksherstel met mededeeling.
[Rechtsboven:]
D/SV
76/16/2
[Midden:]
R A P P O R T
================
[In de linkermarge:]
genaamd:
M.H. Jaarsveld-Haarsma
houdster van een voorrangskaart no. 9173
[Hoofdtekst:]
Zaterdag 4 September 1943 drong zich zeer onbehoorlijk een vrouw tusschen de 5 menschen, welke ik juist voor een kar visch had aangewezen waar met de verkoop werd begonnen. Ik tikte haar op de schouder en vroeg wat zij kwam doen. Ik moet visch hebben was het verontwaardigd antwoord. Sluit U dan achter de rij aan dame en blijft U hier niet staan, gaf ik te verstaan. Ik heb een voorrangskaart man en moet deze visch hebben. De koopman had inmiddels de kar geopend en de mooie schol van f. 1,20 kwam te voorschijn. Ik vroeg haar voorrangskaart. Zij haalde deze uit haar tasch en overhandigde mij die ~~zeer minachtend onder het uitspreken van eenige onzin en herrie.~~ Toen ik haar erop attent maakte, dat zij in het vervolg eerst haar kaart behoorde te toonen en deze af moet laten teekenen, kreeg ik te antwoord: „och vent, dat weet ik wel, ik moet toch eerst zien wat voor soort visch of er is en als hij niet afgeteekend wordt, heb ik weer een kans.” Ik probeerde haar duidelijk te maken, dat zij een voorrangskaart heeft om zoo mogelijk direct geholpen te worden en dat iedere voorrangskaarthoudster de visch moet nemen, die op dit moment verkocht wordt. Maar de vrouw was voor geen reden vatbaar. Ik stel U dringend voor deze voorrangskaart in te nemen ~~op de volgende gronden:~~
[Handgeschreven:] omdat deze vrouw door onbehoorlijk optreden de orde bij de vischverkoop dreigde te verstoren.
- ~~Eerst willen zien welke soort visch beschikbaar is om dan te wachten op grootere visch wanneer de beschikbare visch haar niet aanstaat,~~
- Het probeeren zonder afgeteekende kaart visch te koopen.
- Een onbehoorlijk optreden van deze vrouw, waarop een volksoploop ontstond en de orde op de markt bij de vischverkoop dreigde te verstoren.
- Later terug te komen met haar man om opnieuw te ~~probeeren de orde te verstoren.~~
N.B. Het is mijns inziens dringend gewenscht bij het uitreiken van de voorrangskaarten de dames er goed op te wijzen, dat zij deze kaart ontvangen om uitsluitend het lange wachten te voorkomen en haar niet het recht geeft te blijven wachten op een betere soort eisch. Zaterdag had ik op de Jan Evertsenstraat ± 60 voorrangskaarthoudsters. De menschen uit de rij protesteeren, dat deze dames eerst komen kijken wat er wordt verkocht en dan op komen zetten, wanneer er mooie visch wordt aangeboden. Inderdaad is deze klacht juist en heb ik die dames waar ik het van opmerkte dat ze bleven wachten, visch geweigerd. Ook heb ik op een moment, dat er groote schol werd verkocht voor de dames met voorrangskaarten een rij moeten vormen en bij iedere 5 menschen uit de rij 1 of 2 dames met kaarten aan de karren toegelaten.
Amsterdam, 4 September 1943.
Aan den Heer Inspecteur van het Marktwezen.
[Handtekening: D. Sipma (?)] Dit rapport biedt een inkijkje in de dagelijkse spanningen op de Amsterdamse markten tijdens de Duitse bezetting. De kern van het conflict draait om de voorrangskaart. Deze kaarten waren bedoeld voor specifieke groepen (zoals zwangere vrouwen of moeders met grote gezinnen) om hen te ontzien in de urenlange wachtrijen voor voedsel.
De rapporteur (waarschijnlijk een marktmeester of controleur) beklaagt zich over het "asociale" gedrag van een specifieke vrouw. Zij probeerde niet alleen voor te dringen, maar wilde ook selectief gebruikmaken van haar privilege: ze wilde alleen haar kaart laten afstempelen als de vis haar aanstond (de "mooie schol van f. 1,20"). Dit leidde tot woede bij de rest van het publiek ("volksoploop"), dat in de rij stond te wachten op wat er beschikbaar was.
Opvallend is de directheid van de vrouw ("och vent"), wat wijst op de verruwing van de omgangsvormen door de schaarste. De rapporteur probeert de orde te handhaven door strikte regels voor te stellen voor het gebruik van deze kaarten, om de scheve gezichten in de wachtrijen te beperken. In september 1943 was de voedselsituatie in Nederland reeds zeer precair. Bijna alles was "op de bon", en voor verse producten zoals vis moesten burgers vaak uren in de rij staan zonder garantie op succes. De Jan Evertsenstraat was een belangrijke winkelstraat in Amsterdam-West, een buurt die in die tijd dichtbevolkt was.
Het document illustreert de bureaucratische controle tijdens de bezetting: elk klein incident bij een viskar werd gerapporteerd aan de Inspecteur van het Marktwezen. Het handgeschreven briefje bovenaan vermeldt "Volksherstel" (mogelijk een verwijzing naar de organisatie die toezag op de sociale orde of distributie). De doorhalingen in de tekst suggereren dat de rapporteur zijn tekst tijdens of na het typen heeft genuanceerd of toegespitst op de juridische grond voor het intrekken van de kaart.