Adresstrook of voorzijde van een envelop/brief.
Origineel
Adresstrook of voorzijde van een envelop/brief. Vermoedelijk 1943 (gebaseerd op stempel). [Handgeschreven, blauw potlood, linksboven:]
41b
[Getypte tekst, centraal:]
den heer J. Kotterer,
Hoogeweg 33,
A l h i e r (O)
[Stempel in blauwe inkt, rechtsboven, in spiegelbeeld/doorslag:]
No. M. 1943 Dit document is een adresstrook of de voorzijde van een officiële brief gericht aan de heer J. Kotterer. De adressering "Alhier (O)" duidt op een lokale bezorging binnen een stad (waarschijnlijk Amsterdam, gezien de wijkduiding 'Oost').
De stempel "No. M. 1943" is in spiegelbeeld zichtbaar, wat betekent dat deze oorspronkelijk op de achterzijde is geplaatst of dat dit een doorslag is. Het jaartal 1943 is een belangrijk historisch ankerpunt. De handgeschreven notitie "41b" is waarschijnlijk een administratieve referentie of een dossiernummer. Er is ook vage tekst in doorslag zichtbaar op de achtergrond, wat suggereert dat dit papier deel uitmaakte van een set documenten of een dun type papier is. Gezien de naam (Kotterer), het adres (Hoogeweg 33) en het jaartal (1943), is dit document zeer waarschijnlijk verbonden aan de administratie rondom de vervolging van de Joodse bevolking in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Hoogeweg in de Watergraafsmeer (Amsterdam-Oost) was een plek waar veel Joodse gezinnen woonden.
In archieven zoals die van de Joodsche Raad of de Liro-bank (Lippmann, Rosenthal & Co.) komen dergelijke adresstroken vaak voor als onderdeel van correspondentie over inbeslagnames, oproepen voor deportatie of andere administratieve handelingen door de bezetter. Het document getuigt van de kille, bureaucratische systematiek waarmee individuen werden geregistreerd en benaderd tijdens de bezettingsjaren. J. Kotterer Liro