Archief 745
Inventaris 745-420
Pagina 447
Dossier 92
Jaar 1944
Stadsarchief

Handgeschreven verklaring of ambtelijke notitie.

18 oktober 1944 (zwarte inkt) en 24 oktober 1944 (rode inkt).

Origineel

Handgeschreven verklaring of ambtelijke notitie. 18 oktober 1944 (zwarte inkt) en 24 oktober 1944 (rode inkt). R. L. Rijnja, verklaarde desgevraagd,
na 12 Sept: 44, van Holla meerdere
malen fruit (appelen en druiven)
op zijn kamer te hebben gehad waarmede
zij klacht als vervallen kon worden
beschouwd.

[Ondertekening rechtsonder in zwarte inkt:]
A. Dam [?]
18/10 44.
[Paraaf]

[Aantekening linksonder in rode inkt:]
G.v.b. [Paraaf]
24-10-44
L Het document is een korte, zakelijke weergave van een getuigenis of bekentenis. R.L. Rijnja geeft toe dat hij na 12 september 1944 meerdere malen fruit (specifiek appels en druiven) van een persoon genaamd Holla op zijn kamer heeft gehad. Deze erkenning is blijkbaar cruciaal voor een lopend onderzoek of een ingediende klacht, want de conclusie is dat de klacht hierdoor als "vervallen" kan worden beschouwd.

De tekst is geschreven in een duidelijk, enigszins formeel handschrift. Er zijn twee momenten van afhandeling zichtbaar: de initiële verklaring/opname op 18 oktober en een latere aftekening (mogelijk door een superieur of een andere afdeling) in rode inkt op 24 oktober. De datum van het document (oktober 1944) is zeer significant. Nederland bevond zich midden in de Tweede Wereldoorlog. Na "Dolle Dinsdag" (5 september 1944) en de mislukte geallieerde operatie Market Garden (september 1944) was de voedselsituatie in het nog bezette deel van Nederland precair. Diefstal van of handel in etenswaren werd hoog opgenomen.

Gezien de ambtelijke toon en de wijze van afdoening van een "klacht", zou dit document afkomstig kunnen zijn uit een politiedossier, een onderzoek van de economische controledienst, of een intern onderzoek binnen een bedrijf of instelling waar Rijnja en Holla werkzaam waren. De bekentenis van Rijnja lijkt de zaak op te lossen, wellicht omdat hiermee de herkomst van het fruit was verklaard of omdat er een schikking was getroffen.

Samenvatting

Het document is een korte, zakelijke weergave van een getuigenis of bekentenis. R.L. Rijnja geeft toe dat hij na 12 september 1944 meerdere malen fruit (specifiek appels en druiven) van een persoon genaamd Holla op zijn kamer heeft gehad. Deze erkenning is blijkbaar cruciaal voor een lopend onderzoek of een ingediende klacht, want de conclusie is dat de klacht hierdoor als "vervallen" kan worden beschouwd.

De tekst is geschreven in een duidelijk, enigszins formeel handschrift. Er zijn twee momenten van afhandeling zichtbaar: de initiële verklaring/opname op 18 oktober en een latere aftekening (mogelijk door een superieur of een andere afdeling) in rode inkt op 24 oktober.

Historische Context

De datum van het document (oktober 1944) is zeer significant. Nederland bevond zich midden in de Tweede Wereldoorlog. Na "Dolle Dinsdag" (5 september 1944) en de mislukte geallieerde operatie Market Garden (september 1944) was de voedselsituatie in het nog bezette deel van Nederland precair. Diefstal van of handel in etenswaren werd hoog opgenomen.

Gezien de ambtelijke toon en de wijze van afdoening van een "klacht", zou dit document afkomstig kunnen zijn uit een politiedossier, een onderzoek van de economische controledienst, of een intern onderzoek binnen een bedrijf of instelling waar Rijnja en Holla werkzaam waren. De bekentenis van Rijnja lijkt de zaak op te lossen, wellicht omdat hiermee de herkomst van het fruit was verklaard of omdat er een schikking was getroffen.

Gerelateerde Documenten 6