Officiële brief (doorslag of origineel op briefpapier zonder voorgedrukt hoofd).
Origineel
Officiële brief (doorslag of origineel op briefpapier zonder voorgedrukt hoofd). 16 augustus 1939. De Directeur (ondertekend namens hem door de Secretaris), vermoedelijk van een gemeentelijke dienst (mogelijk Marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (ter plaatse). [Links boven:]
vP/HG.
1/60/2 M.
1
[Onderwerp, links:]
Verkeersoptocht.
[Rechts boven, handgeschreven:]
Verkade 19/8
[Datum, rechts:]
16 Augustus 1939.
[Adressering, rechts:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Inhoud:]
Onder terugzending van het met Uw apostille
no.620 L.M.1939 d.d. 1 dezer om bericht ontvangen stuk heb
ik de eer U mede te deelen, dat, naar mijn meening, geen aan-
leiding bestaat om het Marktwezen te doen deelnemen aan een
verkeersoptocht. Ik stel U mitsdien voor, terzake geen uit-
gaven te doen.
[Ondertekening, rechts:]
De Directeur,
b.a. De Secretaris, In deze zakelijke correspondentie adviseert de directeur van een niet nader genoemde gemeentelijke afdeling (gezien de inhoud waarschijnlijk de afdeling die toeziet op het Marktwezen) de Wethouder voor de Levensmiddelen om niet deel te nemen aan een geplande "verkeersoptocht".
De toon is formeel en beslist. De directeur motiveert zijn standpunt door te stellen dat er "geen aanleiding" is voor deelname en adviseert expliciet om geen kosten ("uitgaven") te maken voor dit doel. Dit getuigt van een sobere en doelmatige bestuursstijl. De afkorting "b.a." bij de ondertekening staat voor "bij afwezigheid", wat betekent dat de secretaris tekent namens de directeur. De brief is gedateerd op 16 augustus 1939, een historisch beladen moment. Dit is slechts twee weken voor de Duitse inval in Polen (1 september 1939), het begin van de Tweede Wereldoorlog. In Nederland was de spanning voelbaar en de algemene mobilisatie zou op 28 augustus worden afgekondigd.
Tegen deze achtergrond is de weigering om geld uit te geven aan een "verkeersoptocht" begrijpelijk; de prioriteiten van het stadsbestuur verschoven razendsnel naar defensie, voedselvoorziening en openbare orde. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in deze periode een cruciale taak in het voorbereiden van de voedseldistributie en rantsoenering. De term "Alhier" werd in die tijd standaard gebruikt in formele correspondentie om aan te geven dat de ontvanger zich in dezelfde gemeente bevond als de afzender.