Zakelijke correspondentie / Begeleidend schrijven bij een huurcontract.
Origineel
Zakelijke correspondentie / Begeleidend schrijven bij een huurcontract. 26 juni 1939. [Handgeschreven linksboven:] Verzonden 26/6
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.
AMSTERDAM-West, 26 Juni 1939.
Jan van Galenstraat 14.
No. 64/30/2 M.
AAN
den Heer J. Nord,
Centrale Markt D 25,
Amsterdam-West.
In bylage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlyk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz., voor Uw rekening zyn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder myn schriftelyke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vooraf met my te verstaan.
De Directeur, * Doel van de brief: Het formeel overhandigen van een geregistreerd huurcontract en het expliciet wijzen op specifieke plichten en beperkingen van de huurder.
* Juridische verwijzingen: De brief verwijst naar artikel 1619 van het (toenmalige) Burgerlijk Wetboek, dat de verantwoordelijkheid voor kleine reparaties bij de huurder legt. Ook wordt gewezen op artikel 8 van het specifieke huurcontract.
* Beperkingen: Er wordt streng toegezien op de uiterlijke verschijning van de pakhuisafdeling; reclame-uitingen zijn verboden zonder schriftelijke toestemming van de directeur.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen gebruikelijke spelling (zoals "bylage", "zyn", "reparatiën"). Opvallend is het gebruik van de "y" in plaats van "ij", wat vaker voorkwam in ambtelijke getypte stukken uit deze periode. Dit document is afkomstig van de Directie van het Marktwezen in Amsterdam, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De locatie, de Jan van Galenstraat, is de plek waar de Centrale Markthallen (geopend in 1934) gevestigd waren. Dit was het logistieke hart van de Amsterdamse voedselvoorziening.
De geadresseerde, de heer J. Nord, was waarschijnlijk een handelaar of groothandelaar die een sectie (D 25) in een van de pakhuizen huurde. De brief illustreert de strakke regie die de gemeente Amsterdam voerde over het beheer en de eenheid van het marktcomplex, zowel wat betreft onderhoud als de visuele orde (het verbod op wildgroei aan reclameborden). J. Nord Gemeente Amsterdam Marktwezen