Ambtelijke notitie / Conceptbesluit
Origineel
Ambtelijke notitie / Conceptbesluit 26 april 1909 van het door hem verschuldigde plaatsgeld en
wel voor het verschil tusschen het plaatsgeld
à f 500.- voor een kalenderjaar en het bedrag
dat hij verschuldigd zou zijn geweest indien hij
zijne plaats als maandplaatshouder zou hebben
bezet.
Dit verschil zou dan bedragen f 500.- min
7 x f 50 = 350
-------
150
Zijn schuld zou dan worden f 235.49 min
f 150.- = f 85.49. welk bedrag hij met f 1.-
per week wil afbetalen.
Daar bij inwilliging van zijn verzoek,
Bultes liever niet langer door ons ondersteund
behoeft te worden, is het [doorgh: in] ^pas^ in het belang van
de Gemeente dat hem krachtens Art. 10.
van de Verordening op de heffing de gevraagde
kwijtschelding wordt verleend en word m.i.
daartoe een voorstel aan u gedaan.
26/4 '09.
[Onleesbare handtekening] * Inhoud: De tekst bevat een ambtelijk advies over een schuldregeling voor een zekere Bultes. Bultes heeft een betalingsachterstand voor "plaatsgeld" (waarschijnlijk staangeld voor een markt of kermis).
* Berekening: De ambtenaar stelt voor om de berekening te herzien: in plaats van een jaartarief van f 500,-, stelt hij voor uit te gaan van een maandelijks tarief (7 maanden à f 50,- = f 350,-). Het verschil van f 150,- wordt als kwijtschelding voorgesteld. De restschuld van f 85,49 kan Bultes dan met f 1,- per week aflossen.
* Argumentatie: Het voornaamste argument voor deze coulante regeling is pragmatisch: als Bultes deze lastenverlichting krijgt, is hij financieel weer zelfstandig en hoeft de gemeente hem niet langer te ondersteunen via de armenzorg. Dit is volgens de schrijver "in het belang van de gemeente".
* Juridische basis: Er wordt expliciet verwezen naar Artikel 10 van de Verordening op de heffing, wat de wettelijke basis vormt voor dit voorstel. Dit document stamt uit 1909 en biedt inzicht in de lokale sociale politiek aan het begin van de 20e eeuw. In deze periode was de scheidslijn tussen belastingheffing en armenzorg erg dun. Gemeentebesturen kozen er vaak voor om belastingen of pachten kwijt te schelden als dat voorkwam dat een inwoner "ten laste van de algemene middelen" kwam (oftewel afhankelijk werd van de bedeling). Het document laat zien hoe ambtelijke molens werkten om individuele gevallen op te lossen binnen de kaders van de toenmalige regelgeving.