Handgeschreven financiële notitie / schuldbekentenis.
Origineel
Handgeschreven financiële notitie / schuldbekentenis. [Rechtsboven:] Hr Devries [?]
De schuld van
J. Brilleslijper
bedraagt f. 235.49.
Jaarplaats mei - hal 1936
f 500 -
betaald t/m Sept 1936 264.51
f 235.49.
J. Brilleslijper in 1936 uitgestald op pl 12 Hal
1 Jan t/m 26/5: en van:
1 Aug t/m 24/9
(van 22 - 30 Juni huur is betaald aan S. Pront)
(maand Juli L. Pront als maandplaats)
Z.O.Z. [Paraaf] 25/4 39 Het document is een administratieve afrekening met betrekking tot de huur van een marktplaats of standplaats ("jaarplaats"). Uit de berekening blijkt dat de totale kosten voor de jaarplaats in 1936 500 gulden bedroegen. Er is tot en met september van dat jaar 264,51 gulden betaald, waardoor er een restschuld van 235,49 gulden overblijft.
De notitie specificeert de periodes waarin J. Brilleslijper daadwerkelijk op "plaats 12" in de "Hal" stond: van januari tot eind mei, en van augustus tot eind september. De tussenliggende periode wordt verklaard door aantekeningen tussen haakjes: in de laatste week van juni is de huur aan een zekere S. Pront betaald, en in de maand juli werd de plek door L. Pront gebruikt als maandplaats.
Opmerkelijk is dat dit overzicht pas in april 1939 is opgesteld of geparafeerd, bijna drie jaar na de betreffende huurperiode. De afkorting "Z.O.Z." onderaan geeft aan dat er op de achterzijde van het document meer informatie staat. De naam Brilleslijper is een bekende Joodse familienaam in Amsterdam, vaak geassocieerd met de markt- en entertainmentwereld (denk aan de gezusters Brilleslijper, van wie Rebekka/Lin Jaldati de bekendste was). Ook de naam Pront is een bekende naam binnen de Joodse gemeenschap in Amsterdam die werkzaam was op de markten.
Gezien de termen "Hal" en "pl 12", verwijst dit document zeer waarschijnlijk naar een standplaats in een Amsterdamse markthal, zoals de Centrale Markthallen of een vergelijkbare locatie waar kooplieden vaste plekken huurden. De datering van de notitie (april 1939) plaatst het document in de gespannen periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog. Administratieve documenten zoals deze zijn vaak bewaard gebleven in archieven die te maken hebben met marktwezen of, in sombere gevallen, in dossiers betreffende de onteigening van Joodse bezittingen tijdens de bezetting. J. Brilleslijper Hr. Devries (mogelijk geadresseerde) S. Pront L. Pront. Marktwezen