Getypt ambtelijk verslag of nota (doorslag).
Origineel
Getypt ambtelijk verslag of nota (doorslag). [Pagina 1]
De verbouwingskosten van het onder 2 genoemde gebouw wor-
den geraamd op f 12.766.-, de huur op f 2700.-; beide door de
Gemeente te betalen. De te maken werkplaatsen zullen echter
alleen bovenlicht krijgen; elk uitzicht ontbreekt. Dergelijke
ruimten zijn eigenlijk niet geschikt voor werkgelegenheid.
De Centrale Markt is voor het doel zeer goed geschikt te maken;
de oplossing is technisch eenvoudig en er is centrale verwar-
ming. Daarom is de inrichting hier het minst kostbaar. Elk
kantoorlokaal kan tot 3 werkplaatsen worden ingericht. Benoo-
digd zijn 11 werklokalen en 1 lokaal voor de Rijksambtenaren,
1 of 2 lokalen voor het bevochtigen van de tabak, 2 lokalen
voor het drogen, 2 lokalen voor opslag van voorraden en 1 eet-
lokaal. In totaal dus 17 of 18 lokalen. De grootste moeilijk-
heid geven de droogruimten, welke het geheele jaar door op ten
minste 45° Celsius moeten worden gehouden. Er zullen hiervoor
een speciale verwarmingsinstallatie (gas), ventilatie-openingen,
enz. moeten worden gemaakt. Zeer ruw worden de kosten van een
en ander geraamd op f 3000.-.
Komen de onder 1 en 2 genoemde perceelen wegens de hooge
verbouwingskosten of de hooge huur niet voor het beoogde doel
in aanmerking, ook de beschikbaarstelling van de Centrale
Markt heeft groote bezwaren. De Directeur van het Marktwezen
ontraadt deze beschikbaarstelling om verschillende redenen.
In de eerste plaats zullen de kosten voor de Centrale
Markt de inkomsten verre overschrijden. De uitgaven zullen
ongeveer f 4200.- per jaar bedragen. Indien f 2,25 per man
per week wordt betaald, brengen 30 fabrikanten op ongeveer
f 3500.- per jaar; er zullen echter wanbetalers zijn, terwijl
[Pagina 2]
het aantal fabrikanten op den duur vermindert. De gemiddelde
jaarlijksche opbrengst kan dus zeker niet hooger dan op f 3000.-
worden begroot. De kosten voor de Centrale Markt zullen dus in
elk geval de baten met meer dan f 1000.- overtreffen.
Een tweede bezwaar is, dat de sigarenfabrikanten dagelijks
-- ook des Zondags -- toegang tot de Centrale Markt moeten hebben
tot 8 uur n.m. Buiten de eigenlijke markturen is slechts zeer
weinig toezichthoudend personeel op de markt aanwezig, waar groen-
te en fruit open en voor ieder grijpbaar zijn opgeslagen. De
vraag is dan ook gewettigd, of niet van gemeentewege extra toe-
zicht zal moeten worden ingevoerd.
Een derde bedenking is, dat door vestiging van een bedrijf
als het onderhavige, de kantoren van de Centrale Markt worden
gedeprecieerd, hetgeen latere verhuring voor meer bij de Centra-
le Markt passende doeleinden ongetwijfeld kan belemmeren.
Spreker deelt nog mede, dat, indien de Marinewerf voor de
sigarenmakers wordt gesloten en deze menschen niet elders worden
ondergebracht, 18 hunner in den steun zullen komen, met een to-
taal steunbedrag van f 8000.- per jaar. Natuurlijk bestaat de
mogelijkheid, dat het enkele menschen zal gelukken, zich buiten
den steun te houden. In elk geval is het ten laste van de Gemeen-
te komende steunbedrag voldoende, om er ernstig over te denken,
aan de belanghebbenden bij het inrichten van nieuwe werkplaatsen
de behulpzame hand te bieden.
Voorts heeft spreker den Wethouder voor de Publieke Werken
nog de vraag gesteld, of het niet mogelijk is, in het schoolge-
bouw Frederik Hendrikplantsoen 7B, dat op den beganegrond voor
bureau voor Maatschappelijk Steun zal worden ingericht, op de Het document betreft een beleidsafweging binnen de gemeente Amsterdam aangaande de huisvesting van een groep sigarenmakers. De kern van het probleem is dat de huidige werkplaatsen op de Marinewerf gaan sluiten.
Er worden drie locaties overwogen:
1. Een onbenoemd gebouw ("onder 2 genoemd"): Wordt afgewezen vanwege hoge kosten (f 12.766 verbouwing) en slechte werkomstandigheden (geen uitzicht, enkel bovenlicht).
2. De Centrale Markt: Technisch de beste optie (centrale verwarming, eenvoudige inrichting), maar stuit op verzet van de Directeur van het Marktwezen. De bezwaren zijn financieel (exploitatietekort van f 1000,-), logistiek (toegang op zondag) en beveiligingstechnisch (diefstalgevoeligheid van de onbeheerde voorraad groente en fruit).
3. Frederik Hendrikplantsoen 7B: Een schoolgebouw waar reeds een bureau voor Maatschappelijk Steun gepland is. De tekst breekt af bij de verkenning van deze optie.
Opvallend is de sociaal-economische rekenmethode: de overheid weegt de investering in werkplaatsen af tegen de kosten van "den steun" (werkloosheidsuitkering). Als de sigarenmakers werkloos worden, kost dit de gemeente f 8000,- per jaar, wat de investering in nieuwe werkplaatsen legitimeert. Dit document past in de periode van de economische crisis in de jaren '30. De Centrale Markthallen in Amsterdam-West werden geopend in 1934; de discussie over het nevengebruik van dit terrein is kenmerkend voor die tijd.
De sigarenindustrie was indertijd een belangrijke sector in Amsterdam, maar kende veel kleine zelfstandigen en fabrikanten die kwetsbaar waren voor marktveranderingen. De Marinewerf (het huidige Marineterrein bij het Kattenburgerplein) bood gedurende lange tijd onderdak aan diverse werkplaatsen. De verwijzing naar het Frederik Hendrikplantsoen 7B betreft een voormalig schoolgebouw in de Frederik Hendrikbuurt, een wijk die destijds veel sociale voorzieningen en scholen huisvestte. Het feit dat er gesproken wordt over "Rijksambtenaren" die toezicht moeten houden op het bevochtigen en drogen van tabak, duidt op de strikte accijnscontroles die destijds op tabaksproductie van kracht waren.