Archiefdocument
Origineel
20 oktober 1939. [Rechtsboven, in potlood:] 20/10/39 AB
Concept ㅤㅤㅤㅤA'dam 20 Oct. 39
MNo
Ontbinding huurcontract ㅤ W L 4. 66/26/711
~~met Gebr. Duyer.~~
Ter vervolge op mijn rapport
d.d. 3 dezer (No. 66/26/3 M) heb ik
de eer U te berichten, dat ik,
overeenkomstig een Uwerzijds gegeven
opdracht, mondeling met de Fa.
Duyer heb overlegd omtrent de
mogelijkheid, dat zij haar zaak
op een of andere wijze in de door
haar gehuurde pakhuishalafdeeling
in de hal op de CSM zou voortzetten,
althans dat zij de huur van de
bedoelde pakhuishalafdeeling nog eenigen
tijd zal blijven betalen. De
voornoemde Firma heeft mij,
aannemelijk gemaakt, dat noch het ~~y~~
~~het~~ noch het ander van haar behoeft
te worden verlangd, wanneer men
let op de ~~het door~~ tegemoetkomend Dit document is een kladversie van een ambtelijke of zakelijke rapportage. De auteur brengt verslag uit van een gesprek met de firma "Gebr. Duyer" naar aanleiding van een eerdere instructie van 3 oktober 1939. Het doel van het gesprek was om te onderzoeken of de firma haar activiteiten in een gehuurde pakhuisruimte bij de CSM (Centrale Suiker Maatschappij) wilde voortzetten, of tenminste de huur nog enige tijd zou doorbetalen ondanks de voorgenomen ontbinding van het contract. De firma Duyer heeft echter beargumenteerd dat geen van beide opties van hen verlangd kan worden. De tekst breekt abrupt af bij een verwijzing naar een "tegemoetkomend" aspect, wat waarschijnlijk zou leiden tot een argument op basis van billijkheid of eerdere afspraken. De datum van het document, 20 oktober 1939, is historisch relevant. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, zorgden de uitgebroken Tweede Wereldoorlog en de algehele mobilisatie voor grote economische onzekerheid. Bedrijven zoals de CSM en hun logistieke partners kregen te maken met veranderende marktomstandigheden en grondstoffenschaarste, wat vaak leidde tot het herzien of beëindigen van huur- en leveringscontracten. De CSM (Centrale Suiker Maatschappij) was een dominante speler in de Nederlandse suikerindustrie en beschikte over omvangrijke fabrieks- en opslagterreinen, onder andere in het Westelijk Havengebied van Amsterdam.