Ambtelijke correspondentie / Adviesnota (fragment).
Origineel
Ambtelijke correspondentie / Adviesnota (fragment). 30 Maart (zonder jaartal, op basis van context waarschijnlijk eind jaren '20 of begin jaren '30). 1 30 Maart 9.
70/1/6 den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen,
Tegenover dit geringe financieele belang staat het
bezwaar, dat de huurster, de vereeniging "N.A.O.", vrij groote
kosten voor de afsluiting en egaliseering van het terrein moet
maken. Dit zal tengevolge hebben, dat van het beding, dat de
overeenkomst te allen tijde kan worden beëindigd, indien zich
een gegadigde voordoet, die het terrein voor industrie-doel-
einden wenscht, in de practijk niet veel terecht zal komen.
Zou de Gemeente van het bedoelde recht van opzegging der over-
eenkomst gebruik maken, dan zou dit - mede in verband met de
moeilijkheid om elders een geschikt sportveld te vinden -
hoogst waarschijnlijk gepaard gaan met een door de Gemeente
onverplicht te betalen schadeloosstelling.
Dit geldt niet alleen voor de huidige gegadigde;
doch indien "N.A.O." eenmaal ter plaatse zou zijn gevestigd
bestaat de kans, dat ook andere sportvereenigingen op de zelfde
voorwaarden een deel van het reserveterrein der Centrale Markt
zullen verlangen, hetgeen hun dan niet kan worden geweigerd.
In de practijk zal daardoor de verhuurbaarheid van het reserve-
terrein voor industrie-doeleinden ongetwijfeld ongunstig
worden beïnvloed, doordien de sportvereenigingen moreele aan-
spraken in verband met dat terrein zullen hebben verkregen.
In dit verband diene nog, dat de huurprijs voor
industrie-doeleinden minstens ƒ 0,50 per m2 is, dat wil zeggen
het tienvoud van wat een sportvereeniging kan betalen. Het
verdient daarom mijns inziens verreweg de voorkeur, om het ter-
rein liever nog een aantal jaren ongebruikt te laten, dan voor
een minimaal geldelijk voordeel, dat zelfs in geenen deele op-
weegt tegen de grondrente, de verhuring voor industrie-doel-
einden te belemmeren. Veeleer verdient het mijns inziens aan-
beveling om de verhuring voor industrie-doeleinden te bevorde-
ren, bijvoorbeeld door het plaatsen van advertenties in de
dagbladen en van borden op het terrein (langs den Haarlemmer-
weg). Hieromtrent stel ik U voor het advies in te winnen van
Uw Ambtgenoot voor de Publieke Werken. In dit document adviseert een ambtenaar de wethouder negatief over de verhuur van een terrein aan sportvereniging "N.A.O.". De kern van het betoog is dat tijdelijke verhuur aan een sportclub de latere, veel lucratiever verhuur aan industrie in de weg zou staan.
De schrijver hanteert drie hoofdargumenten:
1. Operationele belemmeringen: Hoewel een opzeggingsclausule bestaat, vreest men dat de gemeente moreel gedwongen zal worden tot schadevergoeding wanneer de club moet wijken, omdat de club hoge kosten maakt voor de inrichting van het terrein.
2. Precedentwerking: Als één club zich mag vestigen, zullen anderen volgen, waardoor het hele reserveterrein van de Centrale Markt bezet raakt.
3. Economische afweging: De potentiële huuropbrengst van industrie (50 cent per m²) is tienmaal hoger dan die van sportverenigingen. De adviseur stelt onomwonden dat het financieel voordeliger is om de grond braak te laten liggen in afwachting van industrie, dan deze voor een laag bedrag aan een maatschappelijke organisatie te verhuren. Dit document biedt inzicht in de stadsontwikkeling van Amsterdam-West rond de realisatie van de Centrale Markt (geopend in 1934, tegenwoordig het Food Center Amsterdam). Het betreffende terrein lag langs de Haarlemmerweg.
In de jaren '20 en '30 was er een voortdurende strijd om de schaarse ruimte in de uitbreidende stad. Terwijl sportverenigingen smeekten om velden voor de fysieke opvoeding van de arbeidersklasse, gaf het stadsbestuur vaak voorrang aan economische functies die directe inkomsten (grondrente) genereerden. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was verantwoordelijk voor de markt en de omliggende terreinen. Het advies weerspiegelt een zakelijke en opportunistische visie op gemeentelijk grondbeleid, waarbij sociaal-recreatieve belangen ondergeschikt werden gemaakt aan industrieel rendement.