Ambtsbrief van het Hoofdbureau van Politie te Amsterdam.
Origineel
Ambtsbrief van het Hoofdbureau van Politie te Amsterdam. 31 januari 1939. De Hoofdcommissaris van Politie te Amsterdam (namens deze: de Commissaris van Politie, Toegevoegd voor de Administratie). 677.
HOOFDBUREAU VAN POLITIE TE AMSTERDAM
Dict.Ru/Mi.
Lr.S.No.2601/1938.
Dossier S.l.
AMSTERDAM, 31 Januari 1939.
(CENTRUM)
Verzoeke bij beantwoording datum, letter en nummer van dit schrijven aan te halen.
№ 72 / 11 / 1 / M. 1939 ½
[handgeschreven paraaf]
Ingevolge het schrijven van den Wethouder voor de Le- vensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrich- tingen, Afdeeling L.M., no. 182/1936, dd. 13 Februari 1936, heb ik de eer U te berichten, dat in de maand December 1938, door het politiepersoneel 45 processen- verbaal terzake overtreding van de Ventverordening werden opgemaakt.
Coll.: 19. / 7
DE HOOFDCOMMISSARIS VAN POLITIE
namens dezen
De Commissaris van Politie
Toegevoegd voor de Administratie
[Handtekening]
[Handgeschreven aantekening:]
gezien
2-2-39
[Handtekening]
Aan den Heer Directeur
van het Marktwezen
A L H I E R . Dit document is een officiële rapportage van de Amsterdamse politie aan de directeur van de Dienst van het Marktwezen. In de brief wordt melding gemaakt van het aantal processen-verbaal dat in december 1938 is opgemaakt voor overtredingen van de 'Ventverordening'. Er zijn in die maand 45 bekeuringen uitgedeeld.
De brief verwijst naar een instructie of verzoek van de Wethouder voor de Levensmiddelen uit 1936, waaruit blijkt dat deze periodieke rapportage een vast onderdeel was van de administratieve samenwerking tussen de politie en de gemeentelijke diensten die belast waren met de regulering van de handel op straat. De Ventverordening en het Marktwezen
In de jaren 1930 was straathandel (venten) in Amsterdam strikt gereguleerd. De Ventverordening was bedoeld om de orde op straat te handhaven, oneerlijke concurrentie met vaste winkels tegen te gaan en de volksgezondheid te waarborgen. Venters hadden vergunningen nodig en moesten zich aan strikte regels houden wat betreft locaties en tijden.
Tijdsbeeld (1939)
De brief dateert van januari 1939, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode van economische malaise en politieke spanningen was de controle op de informele economie, zoals straathandel, voor het stadsbestuur van groot belang. De Dienst van het Marktwezen hield toezicht op zowel de vaste markten als de losse straathandel, waarbij de politie optrad als handhaver.
Administratieve structuur
De vermelding van de "Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen" toont de brede en soms curieuze combinaties van portefeuilles in het toenmalige Amsterdamse college van B&W. Het proces van 'collatie' (geparafeerd met 'Coll.') geeft aan dat de brief administratief gecontroleerd en vergeleken is met de originele besluiten of registers. W. Het Hoofdbureau Marktwezen Politie