Verslag/ambtelijk schrijven (mogelijk een bijlage bij een proces-verbaal of een rapport aan een meerdere).
Origineel
Verslag/ambtelijk schrijven (mogelijk een bijlage bij een proces-verbaal of een rapport aan een meerdere). plotseling omringd door vijf kleedenvenders
(woonwagenbewoners) welke een zeer dreigende
houding tegen mij aannamen, en mij op de meest
mogelijke manier beleedigde, door mij uit te schelden
voor: Bloedhond, smeeurige boef, en je moet je doore
rotmoer een procesverbaal geven, want jij hebt gisteren
ook een collega van ons medegenomen. Nou durf
je niks te doen hé, want je hebt toch geen wapens
bij je, maar als wij er een van jullie te pakken
krijgen, snijden wij hem open, en dat gezicht van jou
onthouden wij wel.
Ik ben toen (hoezeer ik mij daarover schaam doch mijn
eigen veiligheid gebood mij dat) maar op mijn fiets
gestapt en weggegaan (natuurlijk onder hoongelach)
om te zien of ik assistentie kon krijgen, doch in de
gehele omtrek heb ik geen agent van politie gezien.
Uit deze feiten moet ik U doen opmerken, alsdat ons
leven wel wat al te erg wordt bedreigd, en ben ervan
overtuigd, dat wanneer wij in het bezit zouden zijn van
wapenen, welke wij zichtbaar zouden dragen, ons
dergelijke dingen zouden worden bespaard. Ik verzoek
U dan ook om voor de controleurs belast met de
controle deze wapens aan de autoriteiten aan
te vragen, daar ik mij niet meer veilig gevoel.
Controleur
G. A. Engels * Inhoud: De controleur beschrijft een incident waarbij hij werd ingesloten door vijf "kleedenvenders" (reizende handelaren in textiel). Hij werd verbaal bejegend met krachttermen en fysiek bedreigd ("snijden wij hem open"). De aanleiding was een eerdere aanhouding van een van hun collega's door de controleur. Vanwege het gebrek aan politie-assistentie en wapens zag de controleur zich genoodzaakt te vluchten.
* Taalgebruik: Het document hanteert een formele stijl met archaïsche spelling (o.a. "kleedenvenders", "alsdat", "wapenen"). Opvallend is het contrast tussen de formele verslaglegging en de geciteerde scheldwoorden ("Bloedhond", "smeeurige boef").
* Emotie: De schrijver toont een mengeling van plichtsbesef, angst en schaamte over zijn vlucht ("hoezeer ik mij daarover schaam"). Dit mondt uit in een dwingend verzoek om bewapening. Dit document moet worden gezien in het kader van de handhaving van de Woonwagenwet van 1918. Met deze wet probeerde de Nederlandse overheid de "trekkende bevolking" (Sinti, Roma en woonwagenbewoners) te reguleren en te controleren. De controleurs die hiermee belast waren, hadden vaak een moeizame en soms gevaarlijke relatie met de bewoners, die de wetgeving ervoeren als een inbreuk op hun vrijheid.
De term "kleedenvenders" duidt op de economische activiteit van veel reizigers in die tijd: de handel in stoffen en kleding langs de deuren. Het verzoek om wapens weerspiegelt de groeiende spanningen en de roep om strengere wetshandhaving in de jaren '20 en '30 van de vorige eeuw.