Dagrapport van de dienst Marktwezen Amsterdam.
Origineel
Dagrapport van de dienst Marktwezen Amsterdam. [Gedrukte tekst bovenkant]
MARKTWEZEN AMSTERDAM
Gezien [Paraaf]
opberg[en] 3-4-39 [Paraaf]
№ 72/28/3 M. 1939 4/5
Controleur:
DAGRAPPORT van [blanco] dag [blanco] 193
[Handgeschreven tekst]
Rapport
Op Woensdag 19. April bij de controle op kleedenventers werden door ons geen overtreding geconstateerd; wel troffen wij in de middag eenige kleedenventers aan. doch daar deze ons hadden gezien, gingen zij op de fiets en verdwenen in de richting Diemen, wij hebben deze personen achtervolgd tot aan de gemeente Diemen. Ook op Donderdag 20 April hadden wij geen geluk, daar wij wel eenige kleedenventers op de fiets hebben gezien doch deze gingen richting Slooten ook deze hebben wij achtervolgd.
Op Vrijdag 21 April was het geluk ons gunstiger gezind en troffen wij 3 kleedenventers aan welke aan het venten waren, ook diende ons het geluk dat wij direkt politie assistentie hadden en waren toen in staat deze venters mede te nemen naar het Politie Bureau doch van vast houden is geen sprake zoo gauw als hun adres bekend is worden deze menschen weer vrij gelaten, ook toen wij Inspecteur Gaaijkema daarover opbelde, deelde hij ons mede, dat er geen termen aanwezig zijn deze menschen langer vast te houden als noodig is daar de wet dat niet toelaat.
Controleur
R a Engels
[Onderkant formulier]
Ventverordening model 15. 10.000-1-'37-388 Het document is een ambtelijk verslag van een controleur van het Amsterdamse Marktwezen. De kern van het rapport is de frustratie over de beperkte juridische middelen bij de aanpak van illegale straathandel (venten).
- De klopjacht: Op 19 en 20 april 1939 proberen de controleurs venters te verbaliseren, maar deze vluchten op de fiets over de gemeentegrenzen naar Diemen en Sloten (toen nog een landelijk gebied/randgemeente).
- De aanhouding: Op 21 april slaagt de controleur erin om, met hulp van de politie, drie personen aan te houden.
- Juridische beperking: Ondanks de aanhouding moeten de verdachten direct na verificatie van hun adres worden vrijgelaten. De inspecteur (Gaaijkema) bevestigt dat de wet geen langere detentie toestaat voor overtredingen van de Ventverordening. Dit illustreert de spanning tussen de handhavingsdrang van de dienst en de geldende wetgeving (rechtsstaat). Dit rapport dateert uit april 1939, vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van grote economische druk. "Kleedenventers" (vaak marskramers die met tapijten of dekens langs de deuren gingen) vormden een doorn in het oog van de gevestigde winkelstand in Amsterdam.
De stad Amsterdam hanteerde een strenge Ventverordening om de handel op straat te reguleren en te beperken tot vergunninghouders. De controleurs van het Marktwezen hadden de taak om 'wildventers' op te sporen. Het feit dat de venters op de fiets vluchtten naar randgemeenten zoals Diemen en Sloten, laat zien dat zij goed op de hoogte waren van de jurisdictiegrenzen van de Amsterdamse controleurs. De vermelding van Inspecteur Gaaijkema is interessant; de familie Gaaijkema was een bekende naam binnen de Amsterdamse politie en handhavingsdiensten in die tijd.