Ambtsbericht / Adviesbrief
Origineel
Ambtsbericht / Adviesbrief 7 december 1937 De Directeur (waarschijnlijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Handgeschreven paraaf rechtsboven: "C. Müller". (Handgeschreven rechtsboven: C. Müller)
vP/G.
39/333/2 M.
n diverse
7 December 1937.
Verzoek van C.H.J. Langkemper c.s.
om standplaatsvergunningen c.q.
vestiging van een dagmarkt in de
Jan Evertsenstraat.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
Onder terugzending van de met Uw kantbrieven d.d.
3 October en 17 November jl. om advies ontvangen stukken No.
5/961 L.M.1937 heb ik de eer U te berichten, dat ik my ver-
eenig met het zich onder deze stukken bevindende advies van
den Hoofdcommissaris van Politie d.d. 16 November jl. (No.
19736/S.1937 Dossier U.1.a en b. Groep B). Ook mynerzyds wordt
U mitsdien beleefd in overweging gegeven op het onderhavige
verzoek afwyzend te beschikken. In dit verband breng ik in
herinnering, dat ik ook in myn rapport d.d. 9 Februari 1935
(No.76/12 M) afwyzend adviseerde op een verzoek om in de Jan
Evertsenstraat een algemeene dagmarkt te vestigen.
Voor de goede orde leg ik in bylage dezes een staat
over, houdende de namen van de verschillende adressanten, met
vermelding van hun ventvergunning en van de bedragen, die zy
eventueel aan markt-, standplaats- of ventgeld schuldig zyn.
De Directeur, * Kernboodschap: De directeur adviseert de wethouder om het verzoek voor een nieuwe dagmarkt of vaste standplaatsen in de Jan Evertsenstraat af te wijzen.
* Argumentatie: Het advies sluit aan bij een negatief advies van de Hoofdcommissaris van Politie. Daarnaast verwijst de directeur naar zijn eigen eerdere afwijzing van een soortgelijk verzoek in 1935.
* Administratieve context: Het document toont de zorgvuldige hiërarchische afhandeling van verzoeken van burgers. Er wordt gecontroleerd of de aanvragers (venters) nog schulden hebben bij de gemeente (markt- of ventgeld), wat als bijlage is toegevoegd.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de officiële ambtelijke stijl van voor de spellingwijziging van 1947, herkenbaar aan woorden als "mynerzyds", "afwyzend" en "by". Dit document stamt uit de periode dat Amsterdam-West (met name de Baarsjes) zich volop ontwikkelde. De Jan Evertsenstraat was een belangrijke verkeersader. In de jaren '30 was er een voortdurende spanning tussen de behoefte van de groeiende bevolking aan goedkope markten en de wens van de gemeente en de politie om de doorstroming van het verkeer en de orde te handhaven.
Dat er al in 1935 een soortgelijk verzoek was afgewezen, getuigt van de hardnekkige wens van kooplieden om op deze locatie een voet aan de grond te krijgen. Uiteindelijk zou er in de nabijgelegen Orteliusstraat wel marktactiviteit plaatsvinden, maar de Jan Evertsenstraat zelf bleef primair een winkel- en verkeersstraat. De handtekening/naam bovenin verwijst naar C. Müller, die in die jaren directeur was van het Amsterdamse Marktwezen.