Archief 745
Inventaris 745-298
Pagina 349
Dossier 76
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte notulen van een vergadering (waarschijnlijk een gemeentelijke commissie).

Origineel

Getypte notulen van een vergadering (waarschijnlijk een gemeentelijke commissie). -9-

Voortzetting bespreking Jan Evertsenstraat.
De Voorzitter memoreert, dat het uitgangspunt is geweest de machti-
ging van den Wethouder om de mogelykheid te onderzoeken
meer vaste standplaatsen in de Jan Evertsenstraat te
verleenen. Daarna is de quaestie van de verplaatsing
der markt naar een der zystraten in discussie gekomen,
waarby tenslotte het oog is gevallen op de Vespucci-
straat. Den leden is een teekening gezonden, waarop de
situatie is aangegeven. Spreker stelt eerst de vraag of
de leden het markttechnisch mogelyk en gewenscht achten
een dagmarkt in de Vespuccistraat te stichten.
De heer Presser stelt voorop, dat de venters natuurlyk liever in de
Jan Evertsenstraat blyven, waarby dan, overeenkomstig
het voorstel van den heer Seegers, ter plaatse een ven-
tersmarkt kan worden gesticht. Indien dit echter niet
mogelyk is, dan lykt spreker de Vespuccistraat de meest
geschikte plaats voor de venters uit de Jan Evertsen-
straat om er hun handel te dryven. De Jan Evertsenstraat
is echter, wat verkoopsgelegenheid betreft, natuurlyk
beter.
De heer Van 't Hek wyst erop, dat indien een dagmarkt in de Vespucci-
straat zal worden gesticht dit een uitbreiding zal be-
teekenen van den straathandel, omdat dan iedereen een
plaats op deze markt kan krygen. Zoowel voor de venters
als voor den middenstand beteekent dit weer een groo-
tere concurrentie en spreker is daarom tegen het voor-
stel.
De heer Neeter herhaalt zyn bezwaren, aangevoerd in vroegere verga-
deringen der Commissie. Spreker is tegen elke uitbrei-
ding van het aantal straatkooplieden. Hy wyst er nog
op, dat ook al wordt er een markt in de Vespuccistraat
gesticht, dit het aantal venters in West en speciaal
naby de Jan Evertsenstraat niet zal verminderen, daar
er dan weer andere venters naar toe getrokken worden.
De beste oplossing acht spreker om den toestand te la-
ten zooals hy is.
De heeren Van 't Hek en Neeter zyn dus tegen verplaatsing der markt. Dit document verslaat een debat over de regulering van straathandel in Amsterdam-West. De kern van de discussie is of de informele handel ("venten") in de Jan Evertsenstraat moet worden geformaliseerd tot vaste standplaatsen of moet worden verplaatst naar een nieuwe dagmarkt in de zijstraat, de Vespuccistraat.

Er zijn drie duidelijke standpunten zichtbaar:
1. De Voorzitter/Wethouder: Zoekt naar een praktische en ordelijke oplossing voor de marktbehoefte.
2. De heer Presser: Vertegenwoordigt vermoedelijk de belangen van de handelaren zelf; hij prefereert de huidige locatie vanwege de hogere omzetkansen, maar ziet de Vespuccistraat als een acceptabel alternatief.
3. De heeren Van 't Hek en Neeter: Vertegenwoordigen de conservatieve lijn of de belangen van de gevestigde winkeliers ("middenstand"). Zij vrezen dat een officiële markt in de Vespuccistraat juist méér handelaren zal aantrekken, wat zorgt voor ongewenste concurrentie en geen oplossing biedt voor de drukte in de Jan Evertsenstraat. De Jan Evertsenstraat is van oudsher een belangrijke winkelstraat in Amsterdam-West. In de vroege en midden-20e eeuw was de spanning tussen losse straatverkopers (venters) en winkeliers met een vast pand een terugkerend thema in de Amsterdamse politiek. Winkeliers klaagden vaak over oneerlijke concurrentie en obstructie van het trottoir. De gemeente probeerde dit te reguleren door markten te concentreren in specifieke zijstraten (zoals de nabijgelegen Ten Katemarkt een succesvol voorbeeld was) om de hoofdwegen vrij te houden voor verkeer en winkelend publiek. Dit document toont de politieke frictie die gepaard ging met dergelijke stadsplanningsbesluiten.

Samenvatting

Dit document verslaat een debat over de regulering van straathandel in Amsterdam-West. De kern van de discussie is of de informele handel ("venten") in de Jan Evertsenstraat moet worden geformaliseerd tot vaste standplaatsen of moet worden verplaatst naar een nieuwe dagmarkt in de zijstraat, de Vespuccistraat.

Er zijn drie duidelijke standpunten zichtbaar:
1. De Voorzitter/Wethouder: Zoekt naar een praktische en ordelijke oplossing voor de marktbehoefte.
2. De heer Presser: Vertegenwoordigt vermoedelijk de belangen van de handelaren zelf; hij prefereert de huidige locatie vanwege de hogere omzetkansen, maar ziet de Vespuccistraat als een acceptabel alternatief.
3. De heeren Van 't Hek en Neeter: Vertegenwoordigen de conservatieve lijn of de belangen van de gevestigde winkeliers ("middenstand"). Zij vrezen dat een officiële markt in de Vespuccistraat juist méér handelaren zal aantrekken, wat zorgt voor ongewenste concurrentie en geen oplossing biedt voor de drukte in de Jan Evertsenstraat.

Historische Context

De Jan Evertsenstraat is van oudsher een belangrijke winkelstraat in Amsterdam-West. In de vroege en midden-20e eeuw was de spanning tussen losse straatverkopers (venters) en winkeliers met een vast pand een terugkerend thema in de Amsterdamse politiek. Winkeliers klaagden vaak over oneerlijke concurrentie en obstructie van het trottoir. De gemeente probeerde dit te reguleren door markten te concentreren in specifieke zijstraten (zoals de nabijgelegen Ten Katemarkt een succesvol voorbeeld was) om de hoofdwegen vrij te houden voor verkeer en winkelend publiek. Dit document toont de politieke frictie die gepaard ging met dergelijke stadsplanningsbesluiten.

Kooplieden in dit dossier 43

Bur.v.Maatsch.Steun 654
Bur.v.Maatsch.Steun 708
C.H.J. Langkemper Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
E. Korthoef Geen schuld.
A. Leeseman Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
G.G.D. In " 2.003,90
G.G.D. In " 3.707,50
G.G.D. In " 827,50
Gebouwen, op of tegen " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
H.J. Vonk Ventgeld ƒ 1,40 over October en November 1937.
J.G. Kuyten Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1