Archief 745
Inventaris 745-298
Pagina 359
Jaar 1939
Stadsarchief

Notulen/verslag van een vergadering (pagina 8).

Ongedateerd, maar de spelling en context duiden op de periode rond 1930-1950.

Origineel

Notulen/verslag van een vergadering (pagina 8). Ongedateerd, maar de spelling en context duiden op de periode rond 1930-1950. -8-

Naar spreker's meening en dit is ook de meening van de
standplaatshouders, moeten zy dagelyks vergunning heb-
ben om zich tot 1 of 2 uur n.m. te doen vervangen, ten-
einde de veilingen te bezoeken. Bovendien vraagt men meer
soepelheid wat betreft de vervanging door de vrouw. De
standplaatshouders zyn van meening, dat zy dezelfde fa-
ciliteiten moeten genieten als de marktkooplieden, wien
het eveneens toegestaan is om zich te doen bystaan of
te doen vervangen door hun echtgenoote. Spreker zegt,
dat de standplaatshouders verlangen, dat man en vrouw,
voor wat de standplaatsvergunning betreft, als één wor-
den beschouwd.
De heer Presser is van meening, dat de heer Neeter deze zaak wel wat
te royaal stelt. Spreker wyst erop, dat de brief van den
Wethouder slechts spreekt over het bezoeken van de vei-
ling te Aalsmeer. Vele standplaatshouders verzorgen hun
aanvullende artikelen door deze by commissionnairs te
koopen.
De heer Neeter antwoordt, dat dit slechts gebeurt door menschen, die
niet financieel krachtig genoeg zyn om zelf in te koo-
pen. De Wethouder bedoelt met Aalsmeer natuurlyk in het
algemeen de veilingen.
De Heer Presser wyst erop, dat moet worden voorkomen, dat de vervan-
ging wordt misbruikt, doordien de standplaatshouders
tydens de vervanging andere werkzaamheden gaan verrich-
ten.
De Voorzitter deelt mede, dat de Inspecteur over dit onderwerp een no-
ta heeft samengesteld. Spreker stelt zich voor deze nota
aan de leden toe te zenden, waarop ook dit agendapunt in
een volgende vergadering opnieuw zal worden besproken.

Aangezien geen der leden by punt 6 der agenda:
Rondvraag
het woord verlangt, wordt de vergadering hierna gesloten. * Kern van het geschil: Er is een discussie gaande over de rechten van standplaatshouders ten opzichte van marktkooplieden. Standplaatshouders willen de vrijheid om zich dagelijks te laten vervangen door hun echtgenote, zodat zij zelf de veiling (met name Aalsmeer) kunnen bezoeken voor inkoop.
* Argumenten voor: De heer Neeter bepleit dat standplaatshouders dezelfde rechten moeten hebben als marktkooplieden en dat man en vrouw voor de vergunning als één juridische/economische eenheid moeten worden gezien. Hij stelt dat zelf inkopen op de veiling noodzakelijk is voor financieel gezonde ondernemers.
* Argumenten tegen/voorbehoud: De heer Presser vreest voor misbruik van de vervangingsregeling (dat men de vrijgekomen tijd voor andere werkzaamheden gebruikt) en wijst op een striktere interpretatie van de eerdere toezeggingen van de Wethouder.
* Procedure: De kwestie is nog niet beslecht. Er ligt een rapport ("nota") van een Inspecteur klaar dat als basis zal dienen voor de verdere bespreking in een volgende vergadering.
* Taalkundige kenmerken: Het document hanteert de spelling-Marchant (gebruik van 'y' in plaats van 'ij' in woorden als zy, dagelyks, bystaan, zyn, natuurlyk). Tevens worden naamvalsbuigingen gebruikt zoals "den Wethouder" en "geen der leden". Dit document biedt een inkijkje in de sociaal-economische organisatie van de kleinhandel in de 20e eeuw. De vermelding van "Aalsmeer" suggereert dat het hier gaat om de bloemenhandel, een sector waarin de dagelijkse gang naar de veiling cruciaal was voor de bedrijfsvoering. De discussie over het beschouwen van echtgenoten als één eenheid voor de vergunning weerspiegelt de toenmalige strijd om de erkenning van het familiebedrijf binnen de gemeentelijke regelgeving. Het document laat de spanning zien tussen de behoefte aan economische flexibiliteit voor de ondernemer en de controledrang van de overheid om oneigenlijk gebruik van openbare standplaatsen te voorkomen.

Samenvatting

  • Kern van het geschil: Er is een discussie gaande over de rechten van standplaatshouders ten opzichte van marktkooplieden. Standplaatshouders willen de vrijheid om zich dagelijks te laten vervangen door hun echtgenote, zodat zij zelf de veiling (met name Aalsmeer) kunnen bezoeken voor inkoop.
  • Argumenten voor: De heer Neeter bepleit dat standplaatshouders dezelfde rechten moeten hebben als marktkooplieden en dat man en vrouw voor de vergunning als één juridische/economische eenheid moeten worden gezien. Hij stelt dat zelf inkopen op de veiling noodzakelijk is voor financieel gezonde ondernemers.
  • Argumenten tegen/voorbehoud: De heer Presser vreest voor misbruik van de vervangingsregeling (dat men de vrijgekomen tijd voor andere werkzaamheden gebruikt) en wijst op een striktere interpretatie van de eerdere toezeggingen van de Wethouder.
  • Procedure: De kwestie is nog niet beslecht. Er ligt een rapport ("nota") van een Inspecteur klaar dat als basis zal dienen voor de verdere bespreking in een volgende vergadering.
  • Taalkundige kenmerken: Het document hanteert de spelling-Marchant (gebruik van 'y' in plaats van 'ij' in woorden als zy, dagelyks, bystaan, zyn, natuurlyk). Tevens worden naamvalsbuigingen gebruikt zoals "den Wethouder" en "geen der leden".

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de sociaal-economische organisatie van de kleinhandel in de 20e eeuw. De vermelding van "Aalsmeer" suggereert dat het hier gaat om de bloemenhandel, een sector waarin de dagelijkse gang naar de veiling cruciaal was voor de bedrijfsvoering. De discussie over het beschouwen van echtgenoten als één eenheid voor de vergunning weerspiegelt de toenmalige strijd om de erkenning van het familiebedrijf binnen de gemeentelijke regelgeving. Het document laat de spanning zien tussen de behoefte aan economische flexibiliteit voor de ondernemer en de controledrang van de overheid om oneigenlijk gebruik van openbare standplaatsen te voorkomen.

Kooplieden in dit dossier 43

Bur.v.Maatsch.Steun 654
Bur.v.Maatsch.Steun 708
C.H.J. Langkemper Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
E. Korthoef Geen schuld.
A. Leeseman Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
G.G.D. In " 2.003,90
G.G.D. In " 3.707,50
G.G.D. In " 827,50
Gebouwen, op of tegen " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
H.J. Vonk Ventgeld ƒ 1,40 over October en November 1937.
J.G. Kuyten Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1