Archief 745
Inventaris 745-298
Pagina 372
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke nota (typewerk).

27 september 1938.

Origineel

Ambtelijke nota (typewerk). 27 september 1938. Deze nota luidt:
Blz.1 Nota Weth.

GEMEENTE AMSTERDAM.

AFD. L.M.
No.68/101--1938-- AMSTERDAM, 27 September 1938.
BYLAGEN

Het is gebleken, dat de regeling, waarbij aan venters en stand-
plaatshouders vervanging of bystand wordt toegestaan, aanvulling
en wyziging behoeft.

Hieronder laat ik in korte trekken den huidigen gang van
zaken volgen, ten einde na deze uiteenzetting, de aanvulling
en wyzigingen te vermelden, die naar myn meening noodzakelyk
zouden moeten worden aangebracht.

Persoonlyk karakter der Vent- of standplaatsvergunningen.

Ofschoon, zooals U bekend is, het karakter van een ventver-
gunning en een standplaatsvergunning strikt persoonlyk is en
het persoonlyk karakter in art.1, 3e der Ventverordening nadruk-
kelyk naar voren komt, kon er desondanks niet aan worden ontko-
men, de mogelykheid open te stellen den venter by ziekte of on-
voldoende uitoefening van zyn functie, te doen bystaan of ver-
vangen. Dit werd reeds by de discussie in de Ventcommissie van
22 September 1932 (gele boekje) naar voren gebracht als haar oor-
deel (zie blz.13/14) en voor den standplaatshouder werd dit uit-
gebreid om zich tevens gedurende de veilingsuren te laten vervan-
gen.

In de Ventverordening werd de mogelykheid van vervanging en
bystand ten aanzien van de venters, in art.4, lid 4 vastgesteld,
terwyl het vervangen of bystaan van standplaatshouders daaren-
tegen een jarenlang verleende faciliteit is, die niet in voor-
schriften is vastgelegd.

Deze faciliteit wordt ook aan marktplaatshouders toegekend.
Het art. 20 van het Reglement op de Markten stelt de mogelykheid
daartoe open.

Bystand met het venten.

Sedert het inwerkingtreden der Ventverordening zyn ter Se-
cretarie en by beschikking van Burgemeester en Wethouders ver-

Aan de Permanente Commissie van Advies
inzake Ventvergunningen. * Taalgebruik: Het document is opgesteld in het ambtelijk Nederlands van de jaren '30, herkenbaar aan spellingen zoals "wyziging", "zyn", "myn" en "bystand" (met de letter 'y' waar we nu 'ij' gebruiken). Ook het gebruik van de naamval ('den huidigen gang') is typerend.
* Kernproblematiek: De nota kaart een spanning aan tussen de wet en de praktijk. Hoewel ventvergunningen strikt persoonlijk zijn gebonden aan de houder (om wildgroei en onderverhuur te voorkomen), dwingt de praktijk (zoals ziekte of de noodzaak om naar de veiling te gaan) tot een regeling voor vervanging.
* Juridische status: Er is een opvallend verschil tussen venters (wiens vervanging wettelijk is vastgelegd in de Ventverordening) en standplaatshouders (bij wie dit een "jarenlang verleende faciliteit" is zonder harde wettelijke basis). De nota lijkt voor te sorteren op een formalisering van deze ongeschreven regels.
* Administratieve bronnen: Er wordt verwezen naar een "geel boekje" uit 1932, wat waarschijnlijk een interne handleiding of een verslagboek van de commissie was. Dit document stamt uit de late vooroorlogse periode (1938) in Amsterdam. In deze tijd was straathandel een cruciale bron van inkomsten voor een groot deel van de beroepsbevolking, maar de gemeente probeerde de overlast te beperken en de handel te reguleren via strikte vergunningsstelsels.

De "Permanente Commissie van Advies inzake Ventvergunningen" speelde een sleutelrol in wie wel of niet de straat op mocht om handel te drijven. De nota laat zien hoe de bureaucratie probeerde om menselijke situaties (ziekte) in te passen in een star juridisch kader. Kort na het verschijnen van deze nota zou de Tweede Wereldoorlog uitbreken, wat de handhaving en de aard van de straathandel in Amsterdam drastisch zou veranderen (denk aan de latere uitsluiting van Joodse marktkramers).

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in het ambtelijk Nederlands van de jaren '30, herkenbaar aan spellingen zoals "wyziging", "zyn", "myn" en "bystand" (met de letter 'y' waar we nu 'ij' gebruiken). Ook het gebruik van de naamval ('den huidigen gang') is typerend.
  • Kernproblematiek: De nota kaart een spanning aan tussen de wet en de praktijk. Hoewel ventvergunningen strikt persoonlijk zijn gebonden aan de houder (om wildgroei en onderverhuur te voorkomen), dwingt de praktijk (zoals ziekte of de noodzaak om naar de veiling te gaan) tot een regeling voor vervanging.
  • Juridische status: Er is een opvallend verschil tussen venters (wiens vervanging wettelijk is vastgelegd in de Ventverordening) en standplaatshouders (bij wie dit een "jarenlang verleende faciliteit" is zonder harde wettelijke basis). De nota lijkt voor te sorteren op een formalisering van deze ongeschreven regels.
  • Administratieve bronnen: Er wordt verwezen naar een "geel boekje" uit 1932, wat waarschijnlijk een interne handleiding of een verslagboek van de commissie was.

Historische Context

Dit document stamt uit de late vooroorlogse periode (1938) in Amsterdam. In deze tijd was straathandel een cruciale bron van inkomsten voor een groot deel van de beroepsbevolking, maar de gemeente probeerde de overlast te beperken en de handel te reguleren via strikte vergunningsstelsels.

De "Permanente Commissie van Advies inzake Ventvergunningen" speelde een sleutelrol in wie wel of niet de straat op mocht om handel te drijven. De nota laat zien hoe de bureaucratie probeerde om menselijke situaties (ziekte) in te passen in een star juridisch kader. Kort na het verschijnen van deze nota zou de Tweede Wereldoorlog uitbreken, wat de handhaving en de aard van de straathandel in Amsterdam drastisch zou veranderen (denk aan de latere uitsluiting van Joodse marktkramers).

Kooplieden in dit dossier 43

Bur.v.Maatsch.Steun 654
Bur.v.Maatsch.Steun 708
C.H.J. Langkemper Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
E. Korthoef Geen schuld.
A. Leeseman Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
G.G.D. In " 2.003,90
G.G.D. In " 3.707,50
G.G.D. In " 827,50
Gebouwen, op of tegen " 1.250,--
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
Gebouwen, op of tegen
H.J. Vonk Ventgeld ƒ 1,40 over October en November 1937.
J.G. Kuyten Ventgeld ƒ 0,70 over November 1937.
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1