Archief 745
Inventaris 745-301
Pagina 164
Dossier 7
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijk verslag / Bijblad bij een dossier.

24 november 1939 (ingekomen/doorgezonden), met latere aantekeningen tot 4 december 1939.

Origineel

Ambtelijk verslag / Bijblad bij een dossier. 24 november 1939 (ingekomen/doorgezonden), met latere aantekeningen tot 4 december 1939. [Kopfase - Gedrukt en ingevuld]
BIJBLAD VAN:
M. No. 85 / 111 / 1 / 193 9
DOORGEZONDEN: 24/11 - ’39

[Rechtsboven]
764
Dapperstraat
verzoek om E.M. [Eigen Materieel] te gebruiken

[Midden boven - Handgeschreven in potlood/pen]
Heeft een eigen stal.
Echtgenoote neemt losse
plaats in op stal van de Boer.
Huur voor deze stal is f 1.50 per week
kraam wordt gestald bij de
Boer. de Boer opbellen.

[Linkermarge - Aantekeningen in rood en potlood]
4/12/39
85/111/2
2.

[Hoofdtekst]
Tegen inwilliging van het verzoek van H. Elting om op zijn plaats op de markt aan de Dapperstraat (Dapperplein) een eigen kraam te plaatsen bestaat m.i. geen bezwaar.

Deze zaak is door mij besproken met den karrenverhuurder K. de Boer.
Bij dezen karrenverhuurder bergt Elting twee bakfietsen, een kar en zijn marktgoederen, terwijl hij een kar van de Boer in huur heeft.
de Boer vreest dat wanneer aan Elting zou worden geweigerd een eigen kraam te mogen plaatsen, deze een onderstuk zou huren en hij Elting dan als klant zou moeten missen.
Indien Elting dit laatste zou doen, zou hem toch in verband met de overeenkomst het moeten worden toegestaan met eigen materieel te gebruiken.

[Rechtsmarge/onder - Afhandeling]
Oproepen
28-11-39
[Paraaf]
29/11 '39

[Linksonder]
30-11-39
[Paraaf]

[Voetnoot - Gedrukt]
Alg. Zaken Model No. 1
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een ambtelijk advies over een verzoek van een marktkoopman, de heer H. Elting. Hij wenst op de Dappermarkt gebruik te maken van zijn eigen kraam ("E.M." oftewel Eigen Materieel) in plaats van materiaal te huren van de vaste exploitant.

De kern van de rapportage draait om de relatie tussen de koopman en de karrenverhuurder, K. de Boer. Er is sprake van een pragmatische afweging: hoewel De Boer inkomsten verliest als Elting een eigen kraam gebruikt, is De Boer bang dat Elting anders volledig als klant vertrekt (bijvoorbeeld door elders alleen een onderstel te huren). De ambtenaar concludeert dat er "geen bezwaar" is tegen het inwilligen van het verzoek, mede omdat Elting op basis van bestaande afspraken toch al het recht zou hebben om met eigen materiaal te werken als hij de huur anderszins zou regelen.

Opvallend is de gedetailleerde informatie over de huurprijs (f 1.50 per week) en de opslag van voertuigen (twee bakfietsen en een kar), wat inzicht geeft in de micro-economie van de Amsterdamse markthandel vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De Dappermarkt, gelegen in de Dapperbuurt in Amsterdam-Oost, was in 1939 al een belangrijke volksmarkt. In deze periode was de marktstalling en de verhuur van kramen en karren vaak in handen van particuliere ondernemers (zoals de hier genoemde K. de Boer) die vergunningen hadden van de gemeente.

De marktmeester en de afdeling Algemene Zaken hielden streng toezicht op de uniformiteit en de regels rondom het materiaal. Kooplui die eigen kramen wilden gebruiken, moesten hiervoor expliciete toestemming vragen, omdat dit de inkomstenpositie van de erkende karrenverhuurders kon aantasten en het straatbeeld beïnvloedde. De datering (november/december 1939) plaatst dit document in de periode van de mobilisatie; het economisch leven ging door, maar de bureaucratische controle op de openbare ruimte bleef onverminderd groot.

Samenvatting

Dit document betreft een ambtelijk advies over een verzoek van een marktkoopman, de heer H. Elting. Hij wenst op de Dappermarkt gebruik te maken van zijn eigen kraam ("E.M." oftewel Eigen Materieel) in plaats van materiaal te huren van de vaste exploitant.

De kern van de rapportage draait om de relatie tussen de koopman en de karrenverhuurder, K. de Boer. Er is sprake van een pragmatische afweging: hoewel De Boer inkomsten verliest als Elting een eigen kraam gebruikt, is De Boer bang dat Elting anders volledig als klant vertrekt (bijvoorbeeld door elders alleen een onderstel te huren). De ambtenaar concludeert dat er "geen bezwaar" is tegen het inwilligen van het verzoek, mede omdat Elting op basis van bestaande afspraken toch al het recht zou hebben om met eigen materiaal te werken als hij de huur anderszins zou regelen.

Opvallend is de gedetailleerde informatie over de huurprijs (f 1.50 per week) en de opslag van voertuigen (twee bakfietsen en een kar), wat inzicht geeft in de micro-economie van de Amsterdamse markthandel vlak voor de Tweede Wereldoorlog.

Historische Context

De Dappermarkt, gelegen in de Dapperbuurt in Amsterdam-Oost, was in 1939 al een belangrijke volksmarkt. In deze periode was de marktstalling en de verhuur van kramen en karren vaak in handen van particuliere ondernemers (zoals de hier genoemde K. de Boer) die vergunningen hadden van de gemeente.

De marktmeester en de afdeling Algemene Zaken hielden streng toezicht op de uniformiteit en de regels rondom het materiaal. Kooplui die eigen kramen wilden gebruiken, moesten hiervoor expliciete toestemming vragen, omdat dit de inkomstenpositie van de erkende karrenverhuurders kon aantasten en het straatbeeld beïnvloedde. De datering (november/december 1939) plaatst dit document in de periode van de mobilisatie; het economisch leven ging door, maar de bureaucratische controle op de openbare ruimte bleef onverminderd groot.

Locaties

Dapperstraat / Dapperplein Amsterdam.

Gerelateerde Documenten 6