Getypte brief of rapportage (pagina van een groter geheel).
Origineel
Getypte brief of rapportage (pagina van een groter geheel). en het stuk wild en zijn omgeving ongenietbaar worden.
Het een en ander is voor ons aanleiding de mogelijke combinatie poelier/slager met klem te ontraden.
Ons volgend bezwaar richt zich tegen het feit, dat de keuring van wild en gevogelte, bij vleeschkeuringswet zal worden geregeld.
Wij stellen voorop, dat hoe ook de uiteindelijke regeling dezer materie moge uitvallen, wij de uitoefening van het toezicht uitsluitend zouden willen zien opdragen aan dierenartsen of aan onder hun onmddellijk toezicht staand en onder hun verantwoordelijkheid werkzaam, geschoold personeel.
Uit het oogpunt van volksgezondheid is natuurlijk voor een preventief toezicht alles te zeggen. De instelling daarvan zal echter niet meer of minder dan een revolutie in het poeliersbedrijf teweeg brengen, welke onder de tegenwoordige crisisomstandigheden nauwelijks te verdedigen zou zijn. Bovendien is zij ten aanzien van wild in elk geval onuitvoerbaar (en waar het daarbij gaat om een deugdelijkheids-keuring ook overbodig). Evenmin zal keuring plaats vinden van het groote aantal kippen, dat levend op de markten wordt verkocht en thuis geslacht (of panklaar via clandestiene markt handel en straatventer verhandeld) of datgene, dat voor export is bestemd, doch dikwijls van bestemming verandert.
Om deze redenen meenen wij, dat een eventueel in te stellen preventief toezicht niet bij de Vleeschkeuringswet dient te worden ondergebracht. Het beste zou zijn, regeling dezer materie door plaatselijke verordeningen mogelijk te maken, welke verordening krachtens een algemeene wettelijke machtiging zouden moeten worden opgesteld. Een plaatselijke verordening heeft, voor, dat noodzakelijk gebleken wijzigingen spoediger kunnen worden aangebracht, wat van groot belang is voor de gezonde groei van deze tak van Overheidsbemoeiing.
De verordening zou dienen te omvatten regeling en uitvoering der slachtingen, de aan de bedrijven te stellen eischen, de wijze van keuren, het aanbrengen van merkteeken en de vergoeding van het toezicht.
Meer dan voor een preventieve kunnen wij op dit oogenblik voelen voor een repressieve controle, zooals die in verschillende gemeenten reeds vanwege de keuringsdiensten van waren wordt uitgeoefend, waaraan een dierenarts verbonden is. Deze is weliswaar volkshygiënisch misschien minder doeltreffend, daar zij zich beperkt tot het nemen van steekproeven en er dientengevolge meer gelegenheid tot knoeierijen wordt gelaten. De ervaring leert echter, dat dit repressieve toezicht een vrij sterke preventieve werking heeft. Een volkomen garantie, zooals bij de vleeschkeuring gegeven wordt, beteekent dit toezicht echter niet.
Een goed repressief toezicht is evenwel veel beter dan niets. Om het zoo goed mogelijk tot zijn recht te doen komen, is het noodig met de navolgende zaken rekening te houden. * Inhoud: Het document betreft een advies of standpunt over de keuring van wild en gevogelte. De schrijver(s) pleiten tegen een landelijke preventieve keuring onder de Vleeschkeuringswet en vóór een systeem van repressief toezicht via plaatselijke verordeningen.
* Argumentatie: Men voert aan dat strikt preventief toezicht te duur en onuitvoerbaar is tijdens de "crisisomstandigheden". Men wijst op de praktische onmogelijkheid om thuis-slacht en export-partijen te controleren.
* Taalkundige bijzonderheden:
* Gebruik van de spelling-Marchant (bijv. vleesch, ooit, zooals).
* Een typefout in de tekst: "onmddellijk" (in de vijfde alinea) mist de letter 'i'.
* Het gebruik van de term "Overheidsbemoeiing" duidt op een tijdgeest waarin de rol van de staat in de economie aan het veranderen was. Dit document stamt waarschijnlijk uit de jaren '30 van de 20e eeuw (de periode van de Grote Depressie in Nederland). Er was in die tijd veel discussie over de uitbreiding van hygiënewetten. De poelierssector verzette zich hier deels tegen vanwege de kosten en de administratieve lasten in een economisch zware tijd. Het pleidooi voor "plaatselijke verordeningen" in plaats van nationale wetgeving was een veelgehoord argument om meer flexibiliteit te behouden. De nadruk op de rol van de dierenarts toont aan dat men wel belang hechtte aan professionele standaarden, mits deze praktisch uitvoerbaar bleven.