Archief 745
Inventaris 745-303
Pagina 153
Dossier 92
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypt rapport (doorslag of origineel op dun papier).

Origineel

Getypt rapport (doorslag of origineel op dun papier). Rapport
van de sub-commissie voor het bestudeeren van maatregelen
ter beteugeling van den hinder van pluimvee-slachteryen.

In de eerste vergadering van de Commissie voor het bestudeeren van bovengenoemde maatregelen werd in beginsel aanvaard om de ten aanzien van het poeliersbedryf te treffen maatregelen mede dienstbaar te maken aan de keuring van pluimvee en aan de centralisatie van den groothandel in poeliersartikelen op de Centrale Markt, waaruit zou voortvloeien het vestigen van een centrale slachtplaats met bewaarplaatsen op genoemde markt.

De commissie achtte het wenschelyk een sub-commissie in te stellen, bestaande uit de heeren Dr.van der Laan, Ir.Samson en Segaar, welke zich met den handel in verbinding zou stellen, teneinde zich omtrent de kansen van bovengenoemde maatregelen te oriënteeren.

Dr.van der Laan heeft, ter inleiding van het contact met den handel, een informatieve bespreking met het bestuur van de Amsterdamsche Vereeniging van poeliers en wildhandelaren gehad.

In de op 11 September jl. gehouden vergadering der Sub-commissie heeft hy omtrent de resultaten van die bespreking het volgende medegedeeld.

Aan een centralisatie van den groothandel annex centrale slachtplaats enz. op de Centrale Markt zyn naar het oordeel van het bestuur der poeliersvereeniging groote bezwaren verbonden. Het pluimvee moet op de markt levend geborgen worden en moet driemaal daags worden gevoederd. Het centraal slachten veroorzaakt, vooral voor de poeliers die ver van de markt verwyderd wonen, behalve belangryk tydsverlies extra kosten aan personeel. Een ernstig bezwaar leveren de plotseling, en op ongelegen tyden komende spoedorders op. Het is voor de betrokken poeliers ondoenlyk zich voor de uitvoering daarvan naar de Centrale Markt te begeven. Hoewel een deel der poeliers zyn artikelen uitsluitend geslacht van buiten de stad betrekt, zyn de bedryven van anderen nog op de uitvoering van dergelyke spoedorders ingesteld. Deze kunnen dus een slachtplaats aan "huis" moeilyk mis- Dit document is een verslag van een ambtelijke of bestuurlijke sub-commissie die de haalbaarheid onderzoekt van het centraliseren van pluimveeslachterijen. De kern van het voorstel is om alle slachtactiviteiten en de groothandel te verplaatsen naar de Centrale Markt in Amsterdam.

De tekst belicht het klassieke spanningsveld tussen gemeentelijke regulering (gericht op hygiëne en het beperken van overlast/hinder) en de praktische bedrijfsvoering van kleine ondernemers (de poeliers). De weerstand van de poeliersvereniging wordt puntsgewijs onderbouwd met logistieke en financiële argumenten: de zorg voor levend vee, de reistijd, de personeelskosten en vooral de noodzaak om snel te kunnen reageren op 'spoedorders', wat bij centralisatie onmogelijk zou worden.

De getypte tekst eindigt midden in een woord ("mis-"), wat duidt op een vervolgpagina die hier niet is afgebeeld. In de jaren '30 van de twintigste eeuw streefde de gemeente Amsterdam naar modernisering van de voedselvoorziening en de volksgezondheid. De opening van de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in 1934 was hierin een mijlpaal. Men wilde zoveel mogelijk hinderlijke industrieën en handel (zoals slachterijen die voor stank en ongedierte konden zorgen in woonwijken) concentreren op deze nieuwe, goed controleerbare locatie.

Dr. K. van der Laan, die in de tekst wordt genoemd, was indertijd directeur van de Gemeentelijke Markt- en Havenbedrijven te Amsterdam, wat zijn rol in deze commissie verklaart. Het document biedt een uniek inkijkje in hoe de overgang van ambachtelijke, verspreide stadsbedrijvigheid naar grootschalige, gecentraliseerde distributie in de praktijk op praktische bezwaren stuitte.

Samenvatting

Dit document is een verslag van een ambtelijke of bestuurlijke sub-commissie die de haalbaarheid onderzoekt van het centraliseren van pluimveeslachterijen. De kern van het voorstel is om alle slachtactiviteiten en de groothandel te verplaatsen naar de Centrale Markt in Amsterdam.

De tekst belicht het klassieke spanningsveld tussen gemeentelijke regulering (gericht op hygiëne en het beperken van overlast/hinder) en de praktische bedrijfsvoering van kleine ondernemers (de poeliers). De weerstand van de poeliersvereniging wordt puntsgewijs onderbouwd met logistieke en financiële argumenten: de zorg voor levend vee, de reistijd, de personeelskosten en vooral de noodzaak om snel te kunnen reageren op 'spoedorders', wat bij centralisatie onmogelijk zou worden.

De getypte tekst eindigt midden in een woord ("mis-"), wat duidt op een vervolgpagina die hier niet is afgebeeld.

Historische Context

In de jaren '30 van de twintigste eeuw streefde de gemeente Amsterdam naar modernisering van de voedselvoorziening en de volksgezondheid. De opening van de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat in 1934 was hierin een mijlpaal. Men wilde zoveel mogelijk hinderlijke industrieën en handel (zoals slachterijen die voor stank en ongedierte konden zorgen in woonwijken) concentreren op deze nieuwe, goed controleerbare locatie.

Dr. K. van der Laan, die in de tekst wordt genoemd, was indertijd directeur van de Gemeentelijke Markt- en Havenbedrijven te Amsterdam, wat zijn rol in deze commissie verklaart. Het document biedt een uniek inkijkje in hoe de overgang van ambachtelijke, verspreide stadsbedrijvigheid naar grootschalige, gecentraliseerde distributie in de praktijk op praktische bezwaren stuitte.

Kooplieden in dit dossier 42

A. Melhado Waterlooplein
A. Velleman Waterlooplein
B.Soester Waterlooplein
D.Nebbering Waterlooplein
Gebr.Jonk
Gebr.Verhoef
G. v. Gelder Waterlooplein
H. Couzyn Waterlooplein
H.G.Oudkerk
H.Stephanus Waterlooplein
N. de Roeverstr Waterlooplein
Jb.Reyndorp Waterlooplein
J.F.Toethuis
J. Rine Waterlooplein
J. Rol Waterlooplein
J. Schut Waterlooplein
J.W.Reese Waterlooplein
D. v. d. Molen Waterlooplein
M. Levie Waterlooplein
M.P.Krachtwyk
Alle 42 kooplieden →