Archiefdocument
Origineel
BESLUIT van Burgemeester en Wethouders der
Gemeente Arnhem. dd. 1 Augustus 1934 No.6310
12.
Gelezen de berichten van de Directeuren van het Brandwezen d.d.
16 Juli 1934 no.1/153 en van den Directeur van den dienst voor
bouwtoezicht en woningvoorziening dd.17 Juli j.l.no.2/1246a op het
adres van -----, houdende verzoek om vergunning tot oprichting van
een kippenslachterij in het perceel ------ kad.sectie - no.--
Gelet op de Hinderverordening en op de Brandverordening;
Is besloten:
1.aan------voornoemd, de gevraagde vergunning en vrijstelling te
verleenen, onder de navolgende voorwaarden:
- de ruimte waarin levende kippen in voorraad worden ge-
houden, moet met een wand van metselwerk of bims-cementplaat, van de
ruimte waar de kippen geslacht worden, zijn afgescheiden. In de slach
terij en in de ruimte waar de levende kippen in voorraad worden
gehouden, moeten de vloeren met portland-cementspecie en de wand
met cement-kalkspecie goed glad zijn afgewerkt; - de wanden van in sub.1 bedoelde ruimten moeten blauw
gesausd zijn, de ramen van bedoelde ruimten moeten voorzien zijn van
blauw glas; - in de inrichting moet een leiding, aangesloten op het
waterleiding net, zijn aangebracht, waardoor zoowel in de slachterij
als in de ruimte waar de levende kippen worden geborgen, water kan
worden afgetapt; - in de inrichting moet een losse waterleidingslang
aanwezig zijn, welke op de aftapplaatsen van de vaste waterleiding
kan worden aangesloten. Deze slang moet een zoodanige lengte hebben,
dat op elke plaats der inrichting water kan worden afgetapt; - de vloeren in de inrichting moeten zoodanig hellend
zijn aangebracht, dat al het schrob- en bedrijfswater naar een put kan
afvloeien en vanaf dezen punt put door een ondergrondsche rioleering
naar het gemeente riool kan worden afgevoerd; - , de ruimte, waar de levende kippen zijn geborgen, moet
minstens 2 keer per week gereinigd worden, terwijl de mest-onmidde-
lijk na de reiniging-uit de inrichting of van het terrein bij de
inrichting moet worden verwijderd; - slachtafval moet tijdens het slachten van kippen in een
in de inrichting geplaatste goed af te sluiten bus worden verzameld - indien in de inrichting eventueel kachels worden ge-
plaatst moeten op een afstand van tenminste 0.30 M. van de kachels
verwijderd op de vloeren, opstaande randen van beton of ijzer zijn
aangebracht ter hoogte van van tenminste f.0.20 M.
Bovendien moeten om deze kachels metalen schermen zijn geplaatst
0.20 M. boven de kachel uitstekend, welke schermen aan de boven kant
afgesloten moeten zijn met gaas, de rookafvoer van de kachels moet
plaats hebben door een gemetselden schoorsteen, opgetrokken tot
1 M. boven de nok van het dak; - voor verlichting mag niets anders gebruikt worden
dan electrisch licht; - de veeren van de geslachte kippen moeten op den zolder
van de inrichting geborgen zijn; - zoowel in de slachterij als in de ruimte waar levende
kippen in voorraad worden worden gehouden, moet een luchtkoker zijn aange-
bracht, inwendig wijd 0.20 X 0.20 M., gaande vanaf de zoldering tot
tenminste 2 M. boven de nok van het dak.
--- Dit document is een doorslag van een officieel besluit van de gemeente Arnhem uit 1934. Het is een uitstekend voorbeeld van de vroege industriële hygiëne- en veiligheidsvoorschriften in de voedselverwerkende sector.
Belangrijke observaties:
* Hygiëne en Insectenwering: Artikel 2 bevat een opvallend voorschrift: blauwe wanden en blauw glas. Destijds was de veronderstelling dat de kleur blauw vliegen zou afschrikken, een veelvoorkomende praktijk in slachterijen en stallen uit die periode.
* Bouwkundige Eisen: Er wordt strikt onderscheid gemaakt tussen de opslag van levende dieren en de slachtruimte (Artikel 1). Het gebruik van "portland-cementspecie" duidt op de eis voor waterdichte, makkelijk reinigbare oppervlakken.
* Brandveiligheid: Een aanzienlijk deel van de voorwaarden (Artikel 8 en 9) is gewijd aan brandpreventie, met specifieke maten voor isolatie rond kachels en het verbod op open vuur/gasverlichting (alleen elektrisch licht toegestaan).
* Typografie: Het document bevat enkele typefouten ("dezenpunxt" in artikel 5; "f.0.20 M" in artikel 8), wat kenmerkend is voor documenten die met de typemachine zijn vervaardigd en later handmatig zijn gecorrigeerd of waar overheen is getypt.
--- In 1934 bevond Nederland zich in de nasleep van de economische crisis. De overheid professionaliseerde in deze periode de controle op de volksgezondheid en de openbare orde. De Hinderwet (hier "Hinderverordening" genoemd) was het instrument bij uitstek om overlast door geur, geluid en hygiënische risico's in stedelijk gebied te beperken.
Arnhem was in deze jaren een groeiende provinciehoofdstad. De vestiging van een kippenslachterij binnen de gemeentegrenzen vereiste een zorgvuldige afweging tussen economische bedrijvigheid en het voorkomen van overlast voor omwonenden. De detailgraad van de ventilatie-eisen (artikel 11) en riolering (artikel 5) laat zien dat de gemeente een actieve rol speelde in de stadsplanning en publieke gezondheidszorg. De anonimisering van de aanvrager (de streepjes) suggereert dat dit een afschrift is voor intern gebruik of dat persoonsgegevens later zijn verwijderd. M.