Archief 745
Inventaris 745-303
Pagina 304
Dossier 21
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypt afschrift van een concept-brief.

17 juni 1938. Van: Onbekend (vermoedelijk een hoofd van een gemeentelijke afdeling, gezien de verwijzing naar "mijn meening" en "den Dienst").

Origineel

Getypt afschrift van een concept-brief. 17 juni 1938. Onbekend (vermoedelijk een hoofd van een gemeentelijke afdeling, gezien de verwijzing naar "mijn meening" en "den Dienst"). [In de linkerbovenhoek:]
Afschrift.

CONCEPT. Amsterdam, 17 Juni 1938.
Afd.M.S. Aan
No. 572 het Bestuur der Burgerlijke Instelling
voor Maatschappelijken Steun,
Alhier.

   Sedert Augustus 1934 bestaat op den voet van artikel 17 van het Reglement voor de Burgerlijke Instelling voor Maatschappelijken Steun de Commissie voor de bijzondere gevallen, w.o. die betreffende venters, plaatsing in gezinnen en andere aangelegenheden.
   Meer en meer ben ik er van overtuigd geworden, dat deze commissie wat de behadeling [sic] der zaken betreffende den straathandel betreft, niet aan haar doel beantwoordt; zulks niet alleen wegens haar samenstelling, doch evenzeer wat de wijze van werken op het punt van alles wat met den straat-handel verband houdt aangaat.
   In de eerste plaats meen ik, dat de verschillende organisaties van venters, standplaatshouders en marktkooplieden in de Commissie vertegenwoordigd behooren te zijn; het contact van den dienst met het Comité van Samenwerkende Organisaties in den Straathandel heeft naar mijn meening geen voldoende oplossing geboden.
   Voorts ben ik van oordeel, dat den Dienst van het Marktwezen een directe stem in de Commissie dient te worden gegeven. Wel bestaat er uiteraard ambtelijk contact tusschen dien dienst en het Gemeentelijke Bureau voor Maatschappelijken Steun, doch dit contact - hoe nuttig op zichzelf ook - is naar mijn meening niet voldoende. Noodig zal zijn, dat van de groote deskundigheid der ambtenaren van Marktwezen op het punt van den straathandel geprofiteerd wordt op het moment eh [sic] ter plaatse, wanneer en waar met de organisaties over steun- en andere maatre elen [sic] ter zake wordt gesproken. Wanneer daarbij dan nog één of meer ambtenaren van Maatschappelijken Steun, die zich speciaal met de zaken betreffende den straathandel vertrouwd hebben gemaakt. tegenwoordig zijn, geloof ik, dat met grooten kennis van xkx [doorgestreept/getypt] zaken kan worden opgetreden.
   Mijn bedoeling hiermede is, dat der Commissie, door haar ruimere samenstelling en daardoor grootere deskundigheid, meer dan tot nu toe het geval is op elk moment, dat zij tot het zich vormen van een oordeel geroepen wordt, de juiste situatie voor oogen zal staan. Vraagstukken als begin en eindiging van bijsteun, het al of niet verleenen van bijsteun, handelsgeld of volledigen steun, enz. zullen gemakkelijker zijn op te lossen naar mate de deskundigheid op dit terrein grooter is. Men zal niet uitsluitend naar min of meer vaste regelen en tijdvakken te werk behoeven *   **Taal en spelling:** Het document is opgesteld in de toenmalige spelling (vóór de hervorming van 1947), gekenmerkt door de buigings-n ("den voet", "den straathandel") en de spelling van woorden als "maatschappelijken". Er staan enkele typfouten in het document, zoals "behadeling" (behandeling), "eh" (en) en "maatre elen" (maatregelen).
  • Inhoudelijke kern: De schrijver pleit voor een professionalisering en verbreding van de "Commissie voor de bijzondere gevallen". De kern van het probleem is dat de huidige commissie te weinig specifieke kennis heeft van de complexe realiteit van de Amsterdamse straathandel (venters en marktkooplieden).
  • Voorgestelde wijzigingen:
    1. Vertegenwoordiging van de beroepsorganisaties (venters en marktkooplieden) in de commissie.
    2. Een directe stem voor de "Dienst van het Marktwezen".
    3. Inzet van gespecialiseerde ambtenaren van Maatschappelijken Steun die de sector goed kennen.
  • Doel van de hervorming: Het verbeteren van de besluitvorming rondom individuele steunaanvragen. Door meer expertise aan tafel te hebben, kan er maatwerk geleverd worden ("geen vaste regelen") bij complexe beslissingen over bijvoorbeeld het stopzetten van bijstand of de keuze tussen volledige steun en "handelsgeld" (startkapitaal of aanvullend bedrijfskrediet). * Historische periode: De brief dateert uit juni 1938, de nadagen van de Grote Depressie. De werkloosheid was nog steeds hoog en veel mensen probeerden in hun levensonderhoud te voorzien via de straathandel.
  • Sociale zorg: De "Burgerlijke Instelling voor Maatschappelijken Steun" was de voorloper van de moderne sociale dienst. In die tijd was steunverlening (bijstand) nog sterk gebaseerd op onderzoek naar de persoonlijke omstandigheden en was er vaak sprake van een repressief of controlerend karakter.
  • Straathandel in Amsterdam: Amsterdam kende een zeer actieve straathandel (denk aan de Albert Cuyp of de vele losse venters met handkarren). Voor deze groep was het onderscheid tussen "ondernemerschap" en "behoeftigheid" vaak flinterdun. Dit document illustreert de bureaucratische worsteling om deze specifieke doelgroep op een rechtvaardige en deskundige manier te ondersteunen. De roep om vertegenwoordiging van de handelaren zelf in de commissie is voor die tijd een relatief modern, corporatistisch gedachtegoed.

Samenvatting

  • Taal en spelling: Het document is opgesteld in de toenmalige spelling (vóór de hervorming van 1947), gekenmerkt door de buigings-n ("den voet", "den straathandel") en de spelling van woorden als "maatschappelijken". Er staan enkele typfouten in het document, zoals "behadeling" (behandeling), "eh" (en) en "maatre elen" (maatregelen).
  • Inhoudelijke kern: De schrijver pleit voor een professionalisering en verbreding van de "Commissie voor de bijzondere gevallen". De kern van het probleem is dat de huidige commissie te weinig specifieke kennis heeft van de complexe realiteit van de Amsterdamse straathandel (venters en marktkooplieden).
  • Voorgestelde wijzigingen:
    1. Vertegenwoordiging van de beroepsorganisaties (venters en marktkooplieden) in de commissie.
    2. Een directe stem voor de "Dienst van het Marktwezen".
    3. Inzet van gespecialiseerde ambtenaren van Maatschappelijken Steun die de sector goed kennen.
  • Doel van de hervorming: Het verbeteren van de besluitvorming rondom individuele steunaanvragen. Door meer expertise aan tafel te hebben, kan er maatwerk geleverd worden ("geen vaste regelen") bij complexe beslissingen over bijvoorbeeld het stopzetten van bijstand of de keuze tussen volledige steun en "handelsgeld" (startkapitaal of aanvullend bedrijfskrediet).

Historische Context

  • Historische periode: De brief dateert uit juni 1938, de nadagen van de Grote Depressie. De werkloosheid was nog steeds hoog en veel mensen probeerden in hun levensonderhoud te voorzien via de straathandel.
  • Sociale zorg: De "Burgerlijke Instelling voor Maatschappelijken Steun" was de voorloper van de moderne sociale dienst. In die tijd was steunverlening (bijstand) nog sterk gebaseerd op onderzoek naar de persoonlijke omstandigheden en was er vaak sprake van een repressief of controlerend karakter.
  • Straathandel in Amsterdam: Amsterdam kende een zeer actieve straathandel (denk aan de Albert Cuyp of de vele losse venters met handkarren). Voor deze groep was het onderscheid tussen "ondernemerschap" en "behoeftigheid" vaak flinterdun. Dit document illustreert de bureaucratische worsteling om deze specifieke doelgroep op een rechtvaardige en deskundige manier te ondersteunen. De roep om vertegenwoordiging van de handelaren zelf in de commissie is voor die tijd een relatief modern, corporatistisch gedachtegoed.

Kooplieden in dit dossier 42

A. Melhado Waterlooplein
A. Velleman Waterlooplein
B.Soester Waterlooplein
D.Nebbering Waterlooplein
Gebr.Jonk
Gebr.Verhoef
G. v. Gelder Waterlooplein
H. Couzyn Waterlooplein
H.G.Oudkerk
H.Stephanus Waterlooplein
N. de Roeverstr Waterlooplein
Jb.Reyndorp Waterlooplein
J.F.Toethuis
J. Rine Waterlooplein
J. Rol Waterlooplein
J. Schut Waterlooplein
J.W.Reese Waterlooplein
D. v. d. Molen Waterlooplein
M. Levie Waterlooplein
M.P.Krachtwyk
Alle 42 kooplieden →