Archief 745
Inventaris 745-304
Pagina 99
Dossier 95
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

Het document refereert aan een wet uit 1936, maar is waarschijnlijk opgesteld in de periode 1939-1940, aan de vooravond van of tijdens het begin van de Tweede Wereldoorlog.

Origineel

Het document refereert aan een wet uit 1936, maar is waarschijnlijk opgesteld in de periode 1939-1940, aan de vooravond van of tijdens het begin van de Tweede Wereldoorlog. LUCHTBESCHERMING – CENTRALE MARKT.
Verplichtingen pakhuishuurders.

De Burgemeester van Amsterdam, gelet op de artikelen 3 en 12 van de Wet van den 23en April 1936, S.302, tot bescherming van de bevolking tegen luchtaanvallen, schrijft voor de huurders van pakhuizen op het terrein van de Centrale Markt te Amsterdam, de volgende bijzondere gedragsregels voor, die bij deze bij openbare bekendmaking ter kennis van belanghebbenden wordt gebracht:

1e. De huurders van pakhuisafdeelingen A, B, C, E of hal zijn verplicht de door hen gehuurde pakhuisafdeelingen als openbare schuilgelegenheid voor het publiek, dat zich op de Centrale Markt bevindt, in te richten en, zoo noodig te doen gebruiken.

2e. Iedere huurder is tijdens een luchtaanval voor de handhaving van de orde in de door hem gehuurde pakhuisafdeeling met schuilgelegenheid aansprakelijk.

3e. De bovenverdiepingen der pakhuizen A, B, C, E en hal mogen slechts voor de helft, en zulks volgens nadere aanwijzing wijkhoofd Luchtbescherming worden bezet.

4e. De trappen naar de bovenverdiepingen zoomede de toegang van buiten af (portaaltje) moeten geheel van goederen, materialen, enz. worden vrijgehouden.

5e. De tusschendeuren in de bovenverdiepingen mogen slechts worden gesloten door middel van touw, koord of metaaldraad, van hoogstens zoodanige sterkte, dat ze onder niet te zwaren druk reeds breken.

6e. De tusschendeuren moeten steeds aan beide kanten vrij gehouden worden, zoodat de schuilenden zich ongehinderd van de eene naar de andere afdeeling kunnen begeven.

7e. In de pakhuizen A, B en C moeten voor de hijschdeuren der bovenverdiepingen aan de zijden van den overbouw boven de uitstalplaatsen, borstweringen worden aangebracht ter hoogte van 1.20 meter, waarvoor gebruik gemaakt moet worden van zandzakken ter dikte van ± 50 cm. en overigens volgens aanwijzing vanwege het wijkhoofd Luchtbescherming.

8e. Al het bovenstaande dient steeds in den toestand "gereed voor gebruik" te worden gehouden. De pakhuishuurders zijn verplicht zich hiervan voortdurend op de hoogte te houden en in geval van eenig defect het wijkhoofd Luchtbescherming te waarschuwen en onverwijld al datgene te doen, dat tot herstel noodig is.

9e. Zoodra het alarmsein (sirene) is gegeven zorgt de huurder, dat aan beide zijden van zijn pakhuisafdeeling alle toegangen en tusschendeuren open zijn en blijven, zoodat de toevluchtzoekenden binnen kunnen komen en via het trapportaal de bovenverdieping kunnen bereiken. Hij zorgt verder dat ramen, hijschdeuren en hijschluiken worden gesloten en gesloten gehouden tijdens een eventueelen luchtaanval.

10e. Voor het overige hebben de pakhuishuurders zich, wat de luchtbescherming betreft, te gedragen naar de aanwijzingen van het wijkhoofd der Luchtbescherming. Dit document is een officiële bekendmaking van de burgemeester van Amsterdam betreffende de passieve luchtbescherming op het terrein van de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat).

De kern van de verordening is de vordering van private pakhuisruimte voor publiek gebruik als schuilplaats. De huurders van deze pakhuizen kregen zware verantwoordelijkheden opgelegd: zij moesten niet alleen ruimte afstaan, maar waren ook persoonlijk verantwoordelijk voor de ordehandhaving en de bouwkundige aanpassingen (zoals zandzak-borstweringen van 1.20 meter hoog).

Opvallend zijn de specifieke veiligheidsvoorschriften, zoals het verbod op het degelijk afsluiten van tussendeuren (ze moesten met breekbaar touw worden dichtgebonden) om een snelle vluchtweg te garanderen. Dit type documenten illustreert de verregaande invloed van de oorlogsdreiging op het dagelijks economisch leven en de civiele infrastructuur. De juridische basis van dit document is de Luchtbeschermingswet van 1936. Deze wet gaf burgemeesters de macht om maatregelen te treffen ter bescherming van de burgerbevolking tegen luchtaanvallen. In Amsterdam werd de Luchtbeschermingsdienst (LBD) opgericht, die de stad verdeelde in wijken met elk een eigen "wijkhoofd", waar in dit document veelvuldig naar wordt verwezen.

De Centrale Markt was een strategisch cruciaal punt voor de voedselvoorziening van de stad. Gezien de grote concentratie arbeiders en handelaren op dit terrein, was de inrichting van de pakhuizen als schuilkelder noodzakelijk omdat er vaak onvoldoende speciale betonnen bunkers beschikbaar waren. Dergelijke bevelen werden vaak uitgevaardigd tijdens de mobilisatieperiode (1939) of direct na de Duitse inval in mei 1940, toen de vrees voor bombardementen op de stad groot was. Gemeente Amsterdam

Samenvatting

Dit document is een officiële bekendmaking van de burgemeester van Amsterdam betreffende de passieve luchtbescherming op het terrein van de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat).

De kern van de verordening is de vordering van private pakhuisruimte voor publiek gebruik als schuilplaats. De huurders van deze pakhuizen kregen zware verantwoordelijkheden opgelegd: zij moesten niet alleen ruimte afstaan, maar waren ook persoonlijk verantwoordelijk voor de ordehandhaving en de bouwkundige aanpassingen (zoals zandzak-borstweringen van 1.20 meter hoog).

Opvallend zijn de specifieke veiligheidsvoorschriften, zoals het verbod op het degelijk afsluiten van tussendeuren (ze moesten met breekbaar touw worden dichtgebonden) om een snelle vluchtweg te garanderen. Dit type documenten illustreert de verregaande invloed van de oorlogsdreiging op het dagelijks economisch leven en de civiele infrastructuur.

Historische Context

De juridische basis van dit document is de Luchtbeschermingswet van 1936. Deze wet gaf burgemeesters de macht om maatregelen te treffen ter bescherming van de burgerbevolking tegen luchtaanvallen. In Amsterdam werd de Luchtbeschermingsdienst (LBD) opgericht, die de stad verdeelde in wijken met elk een eigen "wijkhoofd", waar in dit document veelvuldig naar wordt verwezen.

De Centrale Markt was een strategisch cruciaal punt voor de voedselvoorziening van de stad. Gezien de grote concentratie arbeiders en handelaren op dit terrein, was de inrichting van de pakhuizen als schuilkelder noodzakelijk omdat er vaak onvoldoende speciale betonnen bunkers beschikbaar waren. Dergelijke bevelen werden vaak uitgevaardigd tijdens de mobilisatieperiode (1939) of direct na de Duitse inval in mei 1940, toen de vrees voor bombardementen op de stad groot was.

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Zand A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Gemeente Amsterdam

Kooplieden in dit dossier 7

A. Heideman Uilenburg
A. Heideman Uilenburg
A. Heideman Uilenburg
A. Heideman Uilenburg
A. Heideman Uilenburg
A. Heideman Uilenburg
A. Heideman Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6