Archief 745
Inventaris 745-307
Pagina 28
Dossier 2A
Jaar 1940
Stadsarchief

Archiefdocument

27 november 1940.

Origineel

27 november 1940. VERTROUWELIJK.

N o t i t i e s van een bespreking van den waarnemenden Directeur van het Marktwezen, den heer C.F. Sixma en den heer J. Broerse met den heer J. van Es, bestuurder van de plaatselyke afdeeling der V.B.N.A. op 27 November 1940.

Communiqué.

De heer Sixma herinnert aan de bespreking van den heer Wethouder voor de Levensmiddelen met Mr. Pool, Secretaris van de Akkerbouwcentrale en vertegenwoordigers van den aardappelhandel inzake de regeling voor de distributie van aardappelen. Als uitvloeisel van deze bespreking heeft de Wethouder spreker onder meer opgedragen regelmatig contact met den aardappelhandel te houden onder andere over de vraag, of er een geruststellend communiqué aan de Burgery moet worden gepubliceerd inzake de aardappelvoorziening hier te lande en zoo ja, wanneer dit zou moeten worden geplaatst.

De heer Van Es acht plaatsing van een communiqué onder de gegeven omstandigheden niet gewenscht. Er worden thans uitsluitend Drentsche Eigenheimers verkocht, welke niet erg in trek zyn by de burgery voor voorraadvorming behoeft daarom thans niet te worden gevreesd. Integendeel, het publiek gebruikt reeds, voor zoover aanwezig, van in huis opgeslagen voorraden. Immers, toen er enkele weken geleden uitsluitend Drentsche aardappelen werden verkocht, werd door den kleinhandel 18.000 mud gekocht, een week later werd echter, toen er Eigenheimers en Muizen te koop waren, 29.000 mud verkocht. Van eenige ongerustheid is echter op het oogenblik bij het publiek niets te bespeuren. Bovendien verwacht spreker persoonlyk en hy deelt dit als strikt vertrouwelyk mede, dat een distributieregeling voor de burgery niet lang op zich zal laten wachten. Het is hem bekend, dat de cyfers van de kortelings gehouden inventarisatie van aardappelen zeer zyn tegengevallen, terwyl er in verband met de bezetting van Nederland, naar hy meent, ruim geraamd een millioen menschen meer in ons land aanwezig zyn.

Afgifte der aardappelen.

De heer Sixma brengt vervolgens ter tafel, dat er klachten zyn van den kleinhandel over de afgifte der aardappelen door de V.B.N.A. De groote winkeliers zouden niet behoeven te wachten op hun bons, doch deze zouden voorgaan (met name worden genoemd de heeren Looyen en Hogendorp).

De heer Van Es spreekt dit nadrukkelyk tegen. De heer Looyen neemt per week 800-900 mud aardappelen af; hy bemoeit zich niet met den winkelverkoop, doch vrywel uitsluitend met den inkoop, waarvoor hy den geheelen dag op de Centrale Markt aanwezig kan zyn. Daardoor kan hy praktisch steeds wachten tot de aflevering van bepaalde door hem meer gewenschte partyen aan de beurt is, doch hy wordt niet bevoordeeld en ontvangt, normaal op zyn beurt, de hem toekomende bons, waarby hy, indien betere soorten worden afgeleverd, een aandeel ontvangt, dat gebaseerd is op den normalen omzet van den winkelier. De verdeeling der aardappelen is momenteel gebaseerd op den normalen omzet van elken winkelier. Er zyn bonboeken afgegeven, waarin elke aankoop van aardappelen wordt genoteerd. Na enkele weken zal het dan mogelyk zyn, de omzet van iederen winkelier te bepalen. Dit kan mede in verband met een eventueele distributie van groot belang zyn.

De heer Sixma acht het gewenscht, dat zoo mogelyk steeds één soort aardappelen wordt beschikbaar gesteld. Hierdoor wordt zyns inziens bereikt dat de winkeliers niet op bepaalde oogenblikken in grooten getale komen opzetten.

De heer Van Es zegt, dat, hoewel dit, in verband met transportmoeilykheden niet altyd mogelyk is, toch in deze richting wordt gewerkt. De afgifte loopt thans echter normaal en het lange wachten van de Het document is een verslag van een ambtelijke bespreking aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De kernpunten zijn:

  1. Aardappelschaarste en Distributie: Er wordt openlijk gesproken over de aanstaande invoering van aardappelrantsoenering (distributie). Van Es waarschuwt dat de voorraden tegenvallen en dat er door de bezetting meer mensen (Duitse troepen en functionarissen) in Nederland zijn die gevoed moeten worden.
  2. Psychologie van de Markt: Er wordt gedebatteerd over het nut van een "geruststellend communiqué". Van Es adviseert hiertegen, omdat de huidige kwaliteit aardappelen (Drentse Eigenheimers) niet populair is en mensen dus niet aan het hamsteren zijn.
  3. Beschuldigingen van Bevoordeling: Er is onrust onder kleine winkeliers. Zij vermoeden dat grote handelaren (zoals de genoemde Looyen en Hogendorp) voorrang krijgen bij de afgifte. Van Es ontkent dit en legt uit dat hun aanwezigheid op de markt louter een kwestie van tijd en logistiek is.
  4. Logistieke Beheersing: De V.B.N.A. (Vakgroep Detailhandel in Aardappelen, Groenten en Fruit) probeert grip te krijgen op de geldstromen en voorraden via bonboeken, vooruitlopend op de officiële distributie. Dit document stamt uit november 1940, slechts zes maanden na de Nederlandse capitulatie. In deze fase van de bezetting begon de schaarste aan basisbehoeften voelbaar te worden. De Nederlandse bureaucreatie werkte in deze periode nauw samen met de bezetter om de voedselvoorziening te reguleren (de zogenaamde "voedselorganisatie").

Interessant is de opmerking over de "ruim geraamd een millioen menschen meer". Dit verwijst niet alleen naar de aanwezigheid van de Duitse Wehrmacht, maar ook naar de verstoring van de import- en exportstromen. Aardappelen waren het volksvoedsel bij uitstek; onrust over de aardappelvoorziening kon leiden tot sociale instabiliteit, wat de overheid koste wat kost wilde vermijden. De overgang van een vrije markt naar een strak gereguleerd distributiesysteem is hier in volle gang.

Samenvatting

Het document is een verslag van een ambtelijke bespreking aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De kernpunten zijn:

  1. Aardappelschaarste en Distributie: Er wordt openlijk gesproken over de aanstaande invoering van aardappelrantsoenering (distributie). Van Es waarschuwt dat de voorraden tegenvallen en dat er door de bezetting meer mensen (Duitse troepen en functionarissen) in Nederland zijn die gevoed moeten worden.
  2. Psychologie van de Markt: Er wordt gedebatteerd over het nut van een "geruststellend communiqué". Van Es adviseert hiertegen, omdat de huidige kwaliteit aardappelen (Drentse Eigenheimers) niet populair is en mensen dus niet aan het hamsteren zijn.
  3. Beschuldigingen van Bevoordeling: Er is onrust onder kleine winkeliers. Zij vermoeden dat grote handelaren (zoals de genoemde Looyen en Hogendorp) voorrang krijgen bij de afgifte. Van Es ontkent dit en legt uit dat hun aanwezigheid op de markt louter een kwestie van tijd en logistiek is.
  4. Logistieke Beheersing: De V.B.N.A. (Vakgroep Detailhandel in Aardappelen, Groenten en Fruit) probeert grip te krijgen op de geldstromen en voorraden via bonboeken, vooruitlopend op de officiële distributie.

Historische Context

Dit document stamt uit november 1940, slechts zes maanden na de Nederlandse capitulatie. In deze fase van de bezetting begon de schaarste aan basisbehoeften voelbaar te worden. De Nederlandse bureaucreatie werkte in deze periode nauw samen met de bezetter om de voedselvoorziening te reguleren (de zogenaamde "voedselorganisatie").

Interessant is de opmerking over de "ruim geraamd een millioen menschen meer". Dit verwijst niet alleen naar de aanwezigheid van de Duitse Wehrmacht, maar ook naar de verstoring van de import- en exportstromen. Aardappelen waren het volksvoedsel bij uitstek; onrust over de aardappelvoorziening kon leiden tot sociale instabiliteit, wat de overheid koste wat kost wilde vermijden. De overgang van een vrije markt naar een strak gereguleerd distributiesysteem is hier in volle gang.

Ambtenaren

J. Broerse

Gerelateerde Documenten 6