Getypte brief (doorslag) met handgeschreven kanttekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag) met handgeschreven kanttekening. 18 november 1940 (verzonden op 19 november 1940). Onbekend (vermoedelijk een ambtenaar of afdelingshoofd van de gemeente Amsterdam). VP/HG.
Verzonden 19/11 [handgeschreven]
2A/17/1 M.
18 November 1940.
Klacht van Boerenfront
inzake aardappelverkoop.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat de heer De Hartog, plaatsvervangend leider van het Boerenfront alhier, hedenmiddag telephonisch heeft geklaagd over de wijze, waarop heden door de gecombineerde grossiers aardappelen zijn afgeleverd aan den kleinhandel. Kleinhandelaren zouden door de politie met de sabel zijn geslagen, terwijl zij in een rij voor het bankkantoor (Jan van Galenstraat 16) stonden, waar de gecombineerde grossiers gevestigd zijn; bovendien moesten de kleinhandelaren, nadat zij aan het kantoor de aardappelen hadden gekocht, deze op Wittenburg halen.
Bij onderzoek van deze klacht deelde het Bestuur van de gecombineerde grossiers (plaatselijke afdeeling van de V.B.N.A.) mij mede, dat momenteel als regel Drentsche aardappelen hier ter stede worden verkocht. De grossiers hadden echter heden een kleine hoeveelheid Zeeuwsche eigenheimers, die bij de kleinhandelaren meer gewild zijn, dan de Drentsche soorten. Deze hoeveelheid eigenheimers is in den loop van eenige weken door de grossiers opgespaard: zij kregen namelijk telkens een kleine toewijzing daarvan per week, welke niet voldoende was, om er de kleinhandelaren op redelijke wijze mee te voorzien. De bedoelde toewijzing werd daarom door de grossiers in hun rouleerenden voorraad (welke voor het verbruik van 14 dagen voldoende moet zijn) opgeslagen. Deze voorraad bevindt zich in pakhuizen op Wittenburg en aan de Motorkade. Voor de kleinhandelaren, die in Oost, Centrum en Noord gevestigd zijn, is dit zelfs gemakkelijker dan wanneer zij de aardappelen van de Centrale Markt moeten halen; vooral de handelaren uit West evenwel hebben hier ongetwijfeld hinder van. Ook het vorige jaar was de opslag in de bedoelde pakhuizen geborgen; toen was er echter benzine en bezorgde de groothandel het gekochte bij den kleinhandel, die er dus geen last van had. De kern van het document is een klacht over de logistieke afhandeling van de aardappelverkoop in Amsterdam tijdens het eerste jaar van de Duitse bezetting. Er worden twee hoofdproblemen aangekaart:
- Politiegeweld: Er is sprake van hardhandig optreden door de politie ("met de sabel geslagen") tegen kleinhandelaren die in de rij stonden bij de Jan van Galenstraat.
- Logistieke complicaties: Door brandstofschaarste (gebrek aan benzine) kunnen de grossiers niet meer bezorgen. Kleinhandelaren moeten hun waar zelf ophalen in pakhuizen op Wittenburg of de Motorkade, nadat ze eerst elders de administratieve aankoop hebben voldaan. Dit zorgde voor extra reistijd en opstoppingen.
Opvallend is de vermelding van "Zeeuwsche eigenheimers". Deze waren populairder dan de Drentsche aardappelen, waardoor er een grote toeloop ontstond toen bekend werd dat deze beperkte voorraad (na weken opsparen) eindelijk beschikbaar kwam. Dit document stamt uit november 1940, zes maanden na de Nederlandse capitulatie. De voedselsituatie begon nijpend te worden en distributie werd streng gereguleerd.
- Het Boerenfront: Dit verwijst naar de boerenorganisatie die gelieerd was aan de NSB (later opgegaan in de Nederlandsche Landstand). De bemoeienis van het Boerenfront toont aan hoe nationaalsocialistische organisaties grip probeerden te krijgen op de voedselketen en de openbare orde.
- Locatie: De Jan van Galenstraat 16 bevindt zich bij de toenmalige Centrale Markthallen in Amsterdam-West.
- V.B.N.A.: Dit staat voor de Vereniging van Beambten bij de Nederlandsche Aardappelhandel of een vergelijkbare koepelorganisatie voor aardappelgrossiers in die tijd.
- Benzineschaarste: De brief illustreert de directe gevolgen van de oorlog op het dagelijks leven: door het vorderen van brandstof door de bezetter kwam het transport van levensmiddelen stil te liggen, waardoor kleinhandelaren gedwongen werden tot "zelfbediening" met handkarren of paard en wagen, wat leidde tot chaos en gewelddadige incidenten.