Archief 745
Inventaris 745-307
Pagina 103
Dossier 2A
Jaar 1940
Stadsarchief

Ambtsbericht / Rapport van de Dienst der Markten.

6 februari 1940.

Origineel

Ambtsbericht / Rapport van de Dienst der Markten. 6 februari 1940. [Getypte tekst]

№ 213/9/1 M. 1940 7/2
R A P P O R T

E. de Groot, oud 28 jaar en wonende Molensteeg 11 (per adres J. de Swaan) alhier, heeft in October 1939 een aanvrage om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit, ingediend bij de Ned: Groenten en Fruitcentrale. Blijkens een schrijven van het Bestuur van deze Centrale, d.d. 31 October 1939 is de Groot hiervoor afgewezen, omdat hij niet heeft kunnen aantoonen, dat hij de laatste twee jaren, direct vooraf gaande aan den datum van aanvrage, voldoende opleiding had genoten in de betrokken handel. Tegen deze beslissing is de Groot nimmer in beroep gegaan, doch wil hij thans opnieuw een aanvrage indienen. De Groot verklaart ongeveer 14 jaar in de betrokken handel werkzaam te zijn. Bij onderzoek hieromtrent is mij gebleken, dat de Groot weleens is verbaliseerd voor het venten met fruit, een artikel waartoe hij krachtens zijn ventvergunning niet gerechtigd was, doch dat zeer zeker niet onafgebroken heeft gedaan. De Groot is in het bezit van een ventvergunning onder serie 9 No 13, die van 1 September 1934 tot 17 December 1934 aardappelen groenten en fruit als artikel aangeeft. Nadien hoofdzakelijk bloemen en planten. Voorts is mij uit de administratie van het kaartenkantoor gebleken, dat de Groot alleen in de zomermaanden van de jaren 1936 en 1939 toegang tot de Centr: Markt heeft gehad als bloemenkooper. Uit het vorenstaande moge blijken, dat de Groot vraag 1a van zijn invulformulier niet naar waarheid heeft beantwoord.

Amsterdam 6 Februari 1940
Controleur,
[Handgeschreven handtekening: J. Felthuis]

Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.

[Handgeschreven kanttekening rechts]

Geeft U de Groot zijn stukken
maar zonder meer terug.
Hij moet ze zelf maar
naar Den Haag zenden. Van
ons krijgt hij er geen verklaring
op. 8-2-'40 [paraaf]

[Handgeschreven aantekening linksonder]

Formulier aan
de Groot terug gezonden.
10-2-40.
[Handgeschreven handtekening: J. Felthuis] * De kern: Het document is een negatief advies naar aanleiding van een integriteitsonderzoek naar een marktkoopman. E. de Groot probeert een vergunning te krijgen voor de handel in groenten en fruit door te claimen dat hij hier al 14 jaar ervaring in heeft.
* De bewijsvoering: De controleur weerlegt deze claim met feitelijke gegevens uit de administratie:
1. Een eerdere afwijzing door de landelijke Centrale in 1939 wegens gebrek aan ervaring.
2. Politieverslagen (verbalen) die aantonen dat hij onrechtmatig in fruit handelde.
3. Vergunningsgegevens die laten zien dat hij sinds eind 1934 hoofdzakelijk in bloemen en planten deed.
4. Toegangsgegevens van de Centrale Markt die bevestigen dat hij daar enkel als bloemenkoper geregistreerd stond.
* Conclusie van de ambtenaar: De aanvrager heeft gelogen op zijn formulier (vraag 1a).
* Besluitvorming: De bedrijfschef reageert kortaf in de kantlijn: de stukken moeten direct worden teruggegeven. De gemeente weigert mee te werken aan een benodigde verklaring. De Groot moet zijn heil maar direct in Den Haag (bij de rijksoverheid/centrale bonden) zoeken, wetende dat hij daar zonder de lokale steun geen kans maakt. Dit document stamt uit februari 1940, de periode van de "Mobilisatie" vlak voor de Duitse inval in Nederland. In deze tijd was de economie al sterk gereguleerd door de overheid om tekorten te voorkomen en kwaliteit te waarborgen.

De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale was een overheidsorgaan dat toezag op de distributie en handel. Om als zelfstandig handelaar te mogen werken, moest men voldoen aan vestigingseisen, waaronder aantoonbare vakkennis en ervaring.

Het document geeft een inkijkje in de strikte bureaucratische controle in Amsterdam. De Centrale Markt (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) werkte met een "kaartenkantoor" waar precies werd bijgehouden wie voor welke producten toegang had. Deze administratieve koppeling tussen verschillende diensten (politie, marktwezen, landelijke centrales) maakte het voor kleine handelaren zeer lastig om buiten de vastgestelde kaders te treden. De toon van de handgeschreven kanttekening getuigt van een weinig empathische, strikt formele houding van de leidinggevende tegenover de aanvrager.

Samenvatting

  • De kern: Het document is een negatief advies naar aanleiding van een integriteitsonderzoek naar een marktkoopman. E. de Groot probeert een vergunning te krijgen voor de handel in groenten en fruit door te claimen dat hij hier al 14 jaar ervaring in heeft.
  • De bewijsvoering: De controleur weerlegt deze claim met feitelijke gegevens uit de administratie:
    1. Een eerdere afwijzing door de landelijke Centrale in 1939 wegens gebrek aan ervaring.
    2. Politieverslagen (verbalen) die aantonen dat hij onrechtmatig in fruit handelde.
    3. Vergunningsgegevens die laten zien dat hij sinds eind 1934 hoofdzakelijk in bloemen en planten deed.
    4. Toegangsgegevens van de Centrale Markt die bevestigen dat hij daar enkel als bloemenkoper geregistreerd stond.
  • Conclusie van de ambtenaar: De aanvrager heeft gelogen op zijn formulier (vraag 1a).
  • Besluitvorming: De bedrijfschef reageert kortaf in de kantlijn: de stukken moeten direct worden teruggegeven. De gemeente weigert mee te werken aan een benodigde verklaring. De Groot moet zijn heil maar direct in Den Haag (bij de rijksoverheid/centrale bonden) zoeken, wetende dat hij daar zonder de lokale steun geen kans maakt.

Historische Context

Dit document stamt uit februari 1940, de periode van de "Mobilisatie" vlak voor de Duitse inval in Nederland. In deze tijd was de economie al sterk gereguleerd door de overheid om tekorten te voorkomen en kwaliteit te waarborgen.

De Nederlandsche Groenten- en Fruitcentrale was een overheidsorgaan dat toezag op de distributie en handel. Om als zelfstandig handelaar te mogen werken, moest men voldoen aan vestigingseisen, waaronder aantoonbare vakkennis en ervaring.

Het document geeft een inkijkje in de strikte bureaucratische controle in Amsterdam. De Centrale Markt (het huidige Food Center aan de Jan van Galenstraat) werkte met een "kaartenkantoor" waar precies werd bijgehouden wie voor welke producten toegang had. Deze administratieve koppeling tussen verschillende diensten (politie, marktwezen, landelijke centrales) maakte het voor kleine handelaren zeer lastig om buiten de vastgestelde kaders te treden. De toon van de handgeschreven kanttekening getuigt van een weinig empathische, strikt formele houding van de leidinggevende tegenover de aanvrager.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6