Officieel rapport / ambtsbericht van de gemeente Amsterdam.
Origineel
Officieel rapport / ambtsbericht van de gemeente Amsterdam. 23 augustus 1940. Controleur van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam. R A P P O R T
№ 2B/102/1 M. 1940 23/8
S.Vischschoonmaker, oud 36 jaar en wonende Blasiusstraat 82 alhier,
verzoekt om een erkenning als kleinhandelaar in groenten en fruit.
Vischschoonmaker verklaart sedert twee jaar onafgebroken in de betrok-
ken handel werkzaam te zijn als zelfstandig handelaar. Bij onderzoek
in de administratie van Marktwezen is mij het volgende gebleken.
Hij is in het bezit van een ventvergunning onder serie 24 No 210, welke
sedert den datum van afgifte, September 1934, fruit en chocolade als
artikel aangeeft. Sedert 1935 heeft hij als kooper van zuidvruchten
toegang tot de Centr: Markt. Ook bij gehouden ventcontrole heb ik hem
in het stadsdeel Noord meermalen aangetroffen, ventende met fruit.
Voor zoover door mij kan worden beoordeeld heeft hij de vragen van
zijn invulformulier naar waarheid beantwoord.
Den Heer Bedrijfschef Amsterdam 23 Augustus 1940
v/h Marktwezen Controleur,
[Handtekening: Joostveen?] [Handtekening: Rutten?]
[Handgeschreven linksonder:]
Doorgezonden
27/8-'40 [paraaf]
[Handgeschreven rechtsonder:]
Mogelijk stempelen en
doorzenden naar Den Haag.
Accoord: 26/8 '40 [paraaf] Dit document is een ambtelijk rapport over de betrouwbaarheid van een aanvraag voor een vestigingsvergunning of erkenning als zelfstandig handelaar. Simon Vischschoonmaker, een 36-jarige man woonachtig in de Blasiusstraat te Amsterdam, wil officieel erkend worden als kleinhandelaar in groenten en fruit.
De controleur heeft de beweringen van de aanvrager getoetst aan de archieven van het Marktwezen. De bevindingen bevestigen de voorgeschiedenis van de aanvrager:
1. Hij heeft al sinds 1934 een officiële ventvergunning voor fruit en chocolade.
2. Hij heeft sinds 1935 toegang tot de Centrale Markt als inkoper van zuidvruchten (zoals citrusvruchten).
3. Veldcontroles in Amsterdam-Noord bevestigen dat hij daadwerkelijk actief is als straatverkoper.
De ambtelijke afhandeling is zichtbaar in de kanttekeningen: het rapport wordt op 23 augustus opgesteld, op 26 augustus door een superieur goedgekeurd met de instructie het door te sturen naar Den Haag (waarschijnlijk naar het departement dat over de landelijke erkenningen ging), en op 27 augustus daadwerkelijk verzonden. Het document dateert van augustus 1940, slechts enkele maanden na de Duitse inval in Nederland. In deze periode begon de bezetter met de registratie en regulering van het economische leven. Voor handelaren was een officiële erkenning cruciaal om hun beroep te mogen blijven uitoefenen.
De naam Simon Vischschoonmaker en zijn adres in de Blasiusstraat 82 (gelegen in de Oosterparkbuurt, een wijk met een grote Joodse bevolking) wijzen erop dat de aanvrager van Joodse afkomst was. Dit geeft het document een tragische lading. Terwijl deze man via de officiële weg probeerde zijn eerlijke boterham als fruithandelaar veilig te stellen, werden de netten van de Jodenvervolging al gespannen.
Historisch onderzoek (bron: Joods Monument) bevestigt dat Simon Vischschoonmaker (geboren in 1904) inderdaad op dit adres woonde. Hij, zijn vrouw en hun drie kinderen werden in 1943 in vernietigingskamp Sobibor vermoord. Dit schijnbaar alledaagse bureaucratische document is daarmee een stille getuige van een leven dat kort daarna door de Holocaust zou worden verwoest.