Getypte statistische tabel (bijlage bij een ambtelijke brief).
Origineel
Getypte statistische tabel (bijlage bij een ambtelijke brief). 28 augustus 1940. Directeur van het Marktwezen. Behoort bij brief no.5/49/1 M.d.d.28 Augustus 1940 aan de Directie van de Nederlandsche Akkerbouw Centrale van den Directeur van het Marktwezen.
Vergelijkend overzicht van de aanvoeren der verschillende soorten aardappelen
in de jaren 1939 en 1940 van 1 tot en met 27 Augustus in kg.
1939 1940
Andijker blauwen 120.000 70.000
" bonten 280.000 759.000
" muizen 1.072.000 933.000
Anna Paulowna zandaardappelen 2.000 -
Drentsche zandaardappelen 13.000 5.000
Duinzandaardappelen 166.000 450.000
Friesche bintjes 110.000 16.000
Langendijker muizen 418.000 873.000
Noord-Holl.blauwe eigenheimers 1.009.000 1.231.000
" bonte eigenheimers 343.000 280.000
" bintjes - 285.000
" eigenheimers 296.000 536.000
Rijper muizen 62.000 47.000
IJpolder muizen 47.000 99.000
Zeeuwsche bintjes 10.000 34.000
" blauwen 112.000 40.000
" bonten 423.000 25.000
" blauwe eigenheimers 140.000 25.000
" bonte eigenheimers 15.000 -
" eigenheimers 362.000 376.000
Diverse poters 78.000 32.000
Westlandsche muizen - 42.000
--------- ---------
5.078.000 6.158.000
========================================================================= Het document biedt een gedetailleerd kwantitatief inzicht in de aardappelmarkt aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Er wordt een directe vergelijking gemaakt tussen de laatste vrede-oogst (1939) en de eerste oogst onder bezetting (1940).
Enkele opvallende observaties uit de data:
* Stijging totale aanvoer: Ondanks de oorlogsomstandigheden lag de geregistreerde aanvoer in augustus 1940 ruim 20% hoger dan in dezelfde periode in 1939 (6,1 miljoen kg versus 5,1 miljoen kg).
* Regionale verschuivingen: Er is een forse toename zichtbaar in de aanvoer uit Noord-Holland (Andijk, Langendijk), terwijl de aanvoer van specifieke Zeeuwse rassen (zoals de 'bonten') juist drastisch is afgenomen.
* Rassen: De tabel noemt klassieke Nederlandse rassen zoals Eigenheimers, Bintjes, Blauwen en Muizen, vaak gekoppeld aan de regio van herkomst. Dit document is opgesteld in augustus 1940, slechts drie maanden na de Nederlandse capitulatie. In deze periode begon de bezetter, in samenwerking met de resterende Nederlandse ambtelijke apparaten, de voedselvoorziening strak te reguleren om tekorten te voorkomen en de distributie (en export naar Duitsland) te beheersen.
De Nederlandsche Akkerbouw Centrale (NAC) was een crisisorganisatie die reeds in de jaren '30 was opgericht om de landbouwmarkt te reguleren, maar die onder de bezetting een cruciale rol kreeg in de 'beheerste economie'. De nauwkeurige registratie van aanvoeren, zoals in deze tabel, was essentieel voor de voorbereiding op de distributiebonnen en de rantsoenering die de oorlogsjaren zou kenmerken.