Getypt ambtelijk schrijven (mogelijk een doorslag).
Origineel
Getypt ambtelijk schrijven (mogelijk een doorslag). 16 oktober 1940. De Directeur (dienst of instelling niet nader gespecificeerd, maar gerelateerd aan de Centrale Markt). [Handgeschreven:] extra
[Rechtsboven:] HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
5/58/1 M. 1 16 October 1940.
In bijlage dezes heb ik de eer U een overzicht te doen geworden, bijgewerkt tot op 12 October 1940, van de prijzen van enkele op de Centrale Markt verhandelde levensmiddelen.
Ik moge U beleefd verzoeken, mij den bereids in Uw bezit zijnden staat te willen doen terugzenden.
De Directeur, Het document is een korte, formele begeleidende brief bij een overzicht van marktprijzen. De stijl is typisch voor de Nederlandse ambtelijke correspondentie uit de eerste helft van de 20e eeuw, gekenmerkt door hoffelijkheidsvormen zoals "heb ik de eer U... te doen geworden" en "Ik moge U beleefd verzoeken".
Opvallend is het verzoek om een eerder verzonden staat (lijst) terug te sturen ("den bereids in Uw bezit zijnden staat te willen doen terugzenden"). Dit wijst op een efficiëntie- of papierbesparingsmaatregel, of de noodzaak om verouderde prijsinformatie uit de roulatie te halen om verwarring te voorkomen. De brief dateert van oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De distributie en prijsvorming van levensmiddelen waren in deze periode uiterst kritiek geworden. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (waarschijnlijk van Amsterdam, gezien de referentie naar "de Centrale Markt") had de zware taak om de voedselvoorziening in de stad te reguleren terwijl tekorten toenamen en de zwarte markt opkwam.
Het monitoren van de prijzen op de Centrale Markt was essentieel voor het stadsbestuur om grip te houden op de inflatie en de beschikbaarheid van basisbehoeften voor de bevolking. De term "Alhier" geeft aan dat de brief binnen dezelfde gemeente is verzonden.
Samenvatting
Het document is een korte, formele begeleidende brief bij een overzicht van marktprijzen. De stijl is typisch voor de Nederlandse ambtelijke correspondentie uit de eerste helft van de 20e eeuw, gekenmerkt door hoffelijkheidsvormen zoals "heb ik de eer U... te doen geworden" en "Ik moge U beleefd verzoeken".
Opvallend is het verzoek om een eerder verzonden staat (lijst) terug te sturen ("den bereids in Uw bezit zijnden staat te willen doen terugzenden"). Dit wijst op een efficiëntie- of papierbesparingsmaatregel, of de noodzaak om verouderde prijsinformatie uit de roulatie te halen om verwarring te voorkomen.
Historische Context
De brief dateert van oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De distributie en prijsvorming van levensmiddelen waren in deze periode uiterst kritiek geworden. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" (waarschijnlijk van Amsterdam, gezien de referentie naar "de Centrale Markt") had de zware taak om de voedselvoorziening in de stad te reguleren terwijl tekorten toenamen en de zwarte markt opkwam.
Het monitoren van de prijzen op de Centrale Markt was essentieel voor het stadsbestuur om grip te houden op de inflatie en de beschikbaarheid van basisbehoeften voor de bevolking. De term "Alhier" geeft aan dat de brief binnen dezelfde gemeente is verzonden.