Archief 745
Inventaris 745-309
Pagina 168
Dossier 100
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële circulaire / bekendmaking.

15 maart 1940.

Origineel

Officiële circulaire / bekendmaking. 15 maart 1940. RBR. 102$^A$

MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN
UITVOERING DISTRIBUTIEWET 1939
RIJKSBUREAU VOOR RUBBER

Afdeeling Autobanden

Telefoon 46341
Gironummer 361100
Telegramadres: Rijksrubber

AMSTERDAM, 15 Maart 1940.
Heerengracht 182.

Inzake Grootverbruikers van motorrijwiel- en autobanden.

Naar aanleiding van de Rubberbeschikking 1939 No. 2 merk ik op, dat de bepalingen dezer beschikking in het kort hierop neerkomen, dat nu de dispensatie voor de grootverbruikers van autobanden is ingetrokken,
Inschrijving bij het Rijksbureau voor Rubber voor grootverbruikers (natuurlijke of rechtspersonen, die in hun bedrijf gebruiken, onderscheidenlijk exploiteeren een zoodanig aantal motorrijtuigen$^1$) of aanhangwagens$^2$) dat het totaal aantal wielen minstens 20 bedraagt)
verplicht is.
Te dien einde gaat hierbij een formulier RBR. 1a, zijnde
Verzoek om inschrijving. Dit verzoek moet binnen acht dagen volledig ingevuld en onderteekend, ingediend zijn bij het Rijksbureau voor Rubber, terwijl het
inleggeld ad. f 25.— voor hen, die als grootbedrijf in het Handelsregister van een Kamer van Koophandel zijn ingeschreven,
f 5.— voor hen, die als kleinbedrijf in het Handelsregister van een Kamer van Koophandel zijn ingeschreven en
f 2.50 voor hen, die niet in het Handelsregister van een Kamer van Koophandel zijn ingeschreven
tegelijk moet worden gestort op de postgirorekening van het Rijksbureau voor Rubber:
No. 361100.

Indien een grootverbruiker reeds uit anderen hoofde bij het Rijksbureau voor Rubber is ingeschreven, s.v.p. dit feit vermelden. Verdere storting van inleggeld is dan onnoodig.

Indien alles in orde is, ontvangt de grootverbruiker vervolgens een
Bewijs van Inschrijving (formulier RBR. 11a), hetgeen goed bewaard dient te worden. Verder is de grootverbruiker verplicht tot het doen van opgaven.

Hiervoor gaan hierbij de
formulieren RBR. 28 en 29, die volledig ingevuld en onderteekend tegelijk met het verzoek om inschrijving
terug te zenden zijn aan het Rijksbureau voor Rubber. Een uitgebreide handleiding (formulier RBR. 117) voor een juiste invulling, gaat tevens hierbij. Het verdient sterk aanbeveling, dat de grootverbruiker een nauwkeurige copie maakt van de door hem ingevulde formulieren RBR. 28 en 29, met het oog op zijn verdere correspondentie met het Rijksbureau voor Rubber, daar het Rijksbureau geregeld aan dit formulier zal refereeren onder aanhaling van de kolomnummers.

Indien een bandenverbruiker, bij ontvangst der formulieren tot de conclusie komt, dat hij geen grootverbruiker, volgens de bepalingen is, behoeft hij
niets in te vullen, doch alléén te schrijven op het
Verzoek om Inschrijving (RBR. 1a) de woorden ,,Géén grootverbruiker” gevolgd door zijn duidelijken firmanaam en handteekening,
terwijl ik verzoek om vervolgens
alle formulieren, die hij ontvangen heeft aan het Rijksbureau voor Rubber terug te zenden.

Zij, die grootverbruikers zijn, ontvangen, nadat alle formulieren (RBR. 1a, 28 en 29) in orde zijn bevonden, het inleggeld is ontvangen en het bewijs van inschrijving (RBR. 11a) door het Rijksbureau voor Rubber is verzonden, op een formulier
RBR. 30 opgave van bandenmaten en hoeveelheden, waarvoor vergunning tot aankoop op formulier RBR. 24*) door het Rijksbureau voor Rubber in overweging zal worden genomen, zonder dat onmiddellijk oude banden behoeven te worden teruggezonden.


) De verkooper dient het consentgeld voor de verkoopen op RBR. 24-formulieren op deze formulieren te plakken en den kooper-grootverbruiker in rekening te brengen. * Structuur: De brief is helder gestructureerd met vette koppen voor de kernbegrippen (inschrijving, verplicht, inleggeld, etc.). Het is een dwingende administratieve instructie.
*
Definitie: Een 'grootverbruiker' wordt strikt gedefinieerd als een entiteit met voertuigen die samen minstens 20 wielen hebben.
*
Bureaucratie: Het document illustreert een hoge mate van administratieve complexiteit, met een veelvoud aan formuliernummers (RBR. 1a, 11a, 24, 28, 29, 30, 117). Dit wijst op een strak gereguleerde centrale planning.
*
Tarieven: Er is een gedifferentieerd inleggeldstelsel op basis van de inschrijving in het Handelsregister (grootbedrijf vs. kleinbedrijf).
*
Bijzonderheden: Er is een handgeschreven rood streepje en een vraagteken in de kantlijn geplaatst bij de instructie over de handleiding en formulieren 28/29, wat wijst op een latere bestudering of een vraagpunt van de toenmalige ontvanger. Dit document stamt uit de periode van de Mobilisatie* in Nederland, slechts twee maanden voor de Duitse inval in mei 1940. Hoewel Nederland nog neutraal was, bereidde de overheid zich intensief voor op schaarste door oorlogsvoering elders in Europa.

De Distributiewet van 1939 vormde de wettelijke basis voor de overheid om de distributie van essentiële grondstoffen en goederen volledig te beheersen. Rubber was een kritieke strategische grondstof, onmisbaar voor transport en defensie, maar afhankelijk van import uit overzeese gebieden (zoals Nederlands-Indië). Het Rijksbureau voor Rubber was een van de vele 'Rijksbureaus' die werden opgericht om per sector de voorraden te inventariseren en de distributie te rantsoeneren. De intrekking van de 'dispensatie voor grootverbruikers' markeert het moment waarop ook de grootste transportbedrijven volledig onder het centrale distributieregime kwamen te vallen.

Samenvatting

  • Structuur: De brief is helder gestructureerd met vette koppen voor de kernbegrippen (inschrijving, verplicht, inleggeld, etc.). Het is een dwingende administratieve instructie.
  • Definitie: Een 'grootverbruiker' wordt strikt gedefinieerd als een entiteit met voertuigen die samen minstens 20 wielen hebben.
  • Bureaucratie: Het document illustreert een hoge mate van administratieve complexiteit, met een veelvoud aan formuliernummers (RBR. 1a, 11a, 24, 28, 29, 30, 117). Dit wijst op een strak gereguleerde centrale planning.
  • Tarieven: Er is een gedifferentieerd inleggeldstelsel op basis van de inschrijving in het Handelsregister (grootbedrijf vs. kleinbedrijf).
  • Bijzonderheden: Er is een handgeschreven rood streepje en een vraagteken in de kantlijn geplaatst bij de instructie over de handleiding en formulieren 28/29, wat wijst op een latere bestudering of een vraagpunt van de toenmalige ontvanger.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Mobilisatie in Nederland, slechts twee maanden voor de Duitse inval in mei 1940. Hoewel Nederland nog neutraal was, bereidde de overheid zich intensief voor op schaarste door oorlogsvoering elders in Europa.

De Distributiewet van 1939 vormde de wettelijke basis voor de overheid om de distributie van essentiële grondstoffen en goederen volledig te beheersen. Rubber was een kritieke strategische grondstof, onmisbaar voor transport en defensie, maar afhankelijk van import uit overzeese gebieden (zoals Nederlands-Indië). Het Rijksbureau voor Rubber was een van de vele 'Rijksbureaus' die werden opgericht om per sector de voorraden te inventariseren en de distributie te rantsoeneren. De intrekking van de 'dispensatie voor grootverbruikers' markeert het moment waarop ook de grootste transportbedrijven volledig onder het centrale distributieregime kwamen te vallen.

Locaties

Amsterdam Heerengracht 182.

Kooplieden in dit dossier 53

A.E.G. Olympia accoord
A.E.G. Olympia accoord
Andijker blauwen 11.216
Andijker blauwen 11216
Andijker blauwen
Andijker blauwen 11.216
J. Zand 1770
J. Zand 1.770
J. Zand 1.770
Anna Paulowna zandaardappelen
Drentsche zandaardappelen
Drentsche zandaardappelen 133.228
Drentsche zandaardappelen 133.228
Friesche bintjes 129.941
Friesche bintjes
Friesche bintjes 129.941
Friesche bintjes 129941
Hillegommer muizen 5.428
Hillegommer muizen 5428
Hillegommer muizen 5.428
IJpolder muizen
IJpolder muizen 3.843
IJpolder muizen 3.843
Alle 53 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6