Archief 745
Inventaris 745-309
Pagina 169
Dossier 100
Jaar 1940
Stadsarchief

Officieel inschrijvingsformulier met bijbehorende instructies.

Omstreeks 1939 (verwijst naar de Distributiewet 1939 en Rubberbeschikking 1939 No. 2).

Origineel

Officieel inschrijvingsformulier met bijbehorende instructies. Omstreeks 1939 (verwijst naar de Distributiewet 1939 en Rubberbeschikking 1939 No. 2). (Linkerpagina - Instructies)

Tevens wordt dan door het Rijksbureau voor Rubber medegedeeld, hoeveel nieuwe banden — indien dit noodig is — door den grootverbruiker mogen worden geplaatst onder de rubriek „Gebruikte losse bruikbare of bruikbaar te maken banden” (kolommen 5, 35 en 55 van formulier RBR. 28). De bedoeling is, dat de grootverbruiker
Zooveel banden op gemonteerde wielen, reservewielen en in kolommen 5, 35 en 55 heeft, dat hij normaal gesproken
steeds kan rijden zonder het Rijksbureau voor Rubber om vergunning te vragen.
Dat hij kan
laten coveren zonder stil te staan, alleen door aanvrage op een formulier RBR. 5.
Banden uit de kolommen 5, 35 en 55 kan
verplaatsen naar een filiaal enz. alleen door aanvrage op een formulier RBR. 6.
De banden, die hij heeft aangekocht, doch die niet naar de kolommen 5, 35 en 55 mogen worden overgebracht, komen in de kolommen
losse nieuwe banden (kolommen 7, 37 en 57 van formulier RBR. 28). Dit vormt een tweeden reservevoorraad voor den grootverbruiker, die zijn bedrijfszekerheid beduidend vergroot. Echter mag hij geen banden uit de kolommen 7, 37 en 57 in gebruik nemen
zonder het Rijksbureau voor Rubber hierin te kennen.

Hij doet dit echter op eenvoudige en gemakkelijke wijze door op formulier RBR. 25 rechtstreeks aan het Rijksbureau voor Rubber een
verbruiksvergunning te vragen, die hij vlug terug ontvangt, waarna
de oude, onbruikbaar geworden band, tot wiens vervanging de nieuwe band moet dienen, onder dekking van dezelfde verbruiksvergunning (RBR. 25) gratis en franco aan het pakhuis van het Rijksbureau voor Rubber
Pand Vianen, Oud Entrepôtdok No. 76, Kadijksplein, Amsterdam
onmiddellijk en rechtstreeks moet worden opgezonden.

Hiermede wordt dus tevens bereikt, dat de hoeveelheid banden in kolommen 5, 35 en 55 steeds op hetzelfde peil blijft, dus de bedrijfszekerheid en -vrijheid even groot blijft.

De verbruiksvergunningen zijn
gratis, zegels behoeven daarop dus niet geplakt te worden.

Blocs verbruiksvergunningen, bevattende 25 formulieren in triplo zijn — tegen storting van f 0,50 per bloc op postgirorekening No. 361100, onder vermelding van „voor . . . blocs RBR. 25” bij het Rijksbureau voor Rubber verkrijgbaar.

Indien de bandenvoorraad in Nederland zulks toelaat, kan de grootverbruiker later verdere
RBR. 30 formulieren met opgave van bandenmaten en hoeveelheden, waarvoor vergunning tot aankoop door het Rijksbureau voor Rubber in overweging zal worden genomen, tegemoet zien, waardoor zijn bedrijfszekerheid steeds verder kan worden opgevoerd.

Een definitie is noodig van
Gebruikte motorrijwiel- en autobanden, zoowel binnen- als buitenbanden.

Als banden
worden beschouwd alle buitenbanden, waarvan de hiel niet is doorgeknipt en alle binnenbanden, die niet geheel zijn doorgeknipt. Hiervoor moeten alle voorschriften voor autobanden opgevolgd worden.

Als rubberafval
worden dus alléén beschouwd buitenbanden met doorgeknipte hiel en geheel doorgeknipte binnenbanden.

Verder wordt nog vastgesteld, dat hij, die in zijn bedrijf
Autobanden verhandelt en tevens
Autobanden verbruikt
voor zijn geheelen voorraad en al zijn verkoopen en afleveringen als handelaar wordt beschouwd. Zijn geheele, ongemonteerde voorraad is dus handels-voorraad en voor afleveringen aan zichzelf voor eigen gebruik moet dus vergunning worden aangevraagd, consentgeld worden betaald en de aflevering in het verkoopregister en eventueel in de voorraadstaatjes worden opgenomen.

Wenscht een handelaar tevens grootverbruiker als grootverbruiker recht te hebben op een voorraad, geheel afgescheiden van zijn handelsvoorraad, zoo dient hij zich onder opgave van alle gegevens schriftelijk tot het Rijksbureau voor Rubber te wenden en zullen hem de voorwaarden worden medegedeeld, waaronder zulks mogelijk is.

(Rechterpagina - Formulier)

MINISTERIE VAN ECONOMISCHE ZAKEN — Form. RBR. 1a
Uitvoering der Distributiewet 1939

RIJKSBUREAU VOOR RUBBER
Heerengracht 182 — Amsterdam-C.
POSTGIRONUMMER: 361100

VERZOEK OM INSCHRIJVING ALS GROOTVERBRUIKER

Voor N.V., Stichtingen of coöperatieve of andere rechtspersoonlijkheid bezittende Vereenigingen
De ondergeteekende(n) ........................................................................
...................................................................................................................
Directeur(en) van de N.V. ...............................................................
gevestigd te ...........................................................................................
en als zoodanig deze onderneming overeenkomstig hare acte van oprichting rechtsgeldig vertegenwoordigende, alsmede optredende voor zich persoonlijk, voorzover de uitvoering van deze verklaring van hem of hen afhangt;

Voor firma of commanditaire vennootschap
De ondergeteekende(n) ........................................................................
...................................................................................................................
Vennoot(en) van de Vennootschap onder firma ...........................
...................................................................................................................
gevestigd te ..........................................................................................
handelende in .......................................................................................
en als zoodanig deze vennootschap overeenkomstig de acte, waarbij zij is aangegaan, rechtsgeldig verbindend, alsmede optredend voor zich persoonlijk, voorzover de uitvoering van deze verklaring van hem of hen afhangt;

Voor alle andere ondernemingen
De ondergeteekende(n) ........................................................................
van beroep .................................................., gevestigd te ...................
handelende onder den naam .............................................................

verzoekt(en) hem(haar)(hen) op grond van artikel 4 van de Rubberbeschikking 1939 No. 2, in te schrijven bij het Rijksbureau voor Rubber als
Grootverbruiker van auto- en motorrijwielbanden
en verbindt(en) zich de daaruit voortvloeiende verplichtingen nauwkeurig na te komen.
Het inleggeld ad f .......................... (zie achterzijde sub 3) is door mij/ons op girorekening No. 361100 gestort.

Zie ommezijde

--- * Doel van het document: Het document dient om bedrijven en organisaties die grote hoeveelheden banden gebruiken officieel te laten registreren als "Grootverbruiker". Dit was noodzakelijk om in aanmerking te komen voor toewijzingen van schaars rubber tijdens de mobilisatieperiode.
* Administratieve complexiteit: De tekst getuigt van een zeer gedetailleerde bureaucratie. Er wordt verwezen naar talloze specifieke formulieren (RBR 5, 6, 25, 28, 30) en zelfs naar specifieke kolommen op die formulieren om verschillende types voorraad (gemonteerd, reserve, verhandelbaar) strikt gescheiden te houden.
* Controlemechanismen: Het Rijksbureau voor Rubber oefende strikte controle uit. Nieuwe banden konden vaak pas verkregen worden na inlevering van de oude, onbruikbare banden bij een specifiek pakhuis in Amsterdam (het Entrepôtdok).
* Definitie van afval: Interessant is de juridische definitie van wat nog als "band" telt en wat als "rubberafval". Een band waarvan de hiel (de rand die op de velg klemt) niet is doorgeknipt, blijft onder de strikte distributieregels vallen. Dit was bedoeld om illegale handel in "versleten" maar nog bruikbare banden te voorkomen.

--- Dit document stamt uit de periode direct na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in september 1939. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, trof de regering uitgebreide voorbereidingen op een mogelijke schaarste door de Distributiewet 1939 te activeren.

Rubber was een essentieel strategisch materiaal dat grotendeels uit Nederlands-Indië werd geïmporteerd. Door de dreiging op zee en de naderende oorlogsvoering was de aanvoer onzeker. Het Rijksbureau voor Rubber werd opgericht om de nationale voorraad te beheren en te rantsoeneren. Alleen bedrijven die als "Grootverbruiker" geregistreerd stonden en konden aantonen dat hun activiteiten essentieel waren voor de economie of de landsverdediging, kregen toestemming om hun bandenvoorraad op peil te houden. De adresvermelding van de Heerengracht 182 in Amsterdam duidt op het hoofdkwartier van deze crisisorganisatie.

Samenvatting

  • Doel van het document: Het document dient om bedrijven en organisaties die grote hoeveelheden banden gebruiken officieel te laten registreren als "Grootverbruiker". Dit was noodzakelijk om in aanmerking te komen voor toewijzingen van schaars rubber tijdens de mobilisatieperiode.
  • Administratieve complexiteit: De tekst getuigt van een zeer gedetailleerde bureaucratie. Er wordt verwezen naar talloze specifieke formulieren (RBR 5, 6, 25, 28, 30) en zelfs naar specifieke kolommen op die formulieren om verschillende types voorraad (gemonteerd, reserve, verhandelbaar) strikt gescheiden te houden.
  • Controlemechanismen: Het Rijksbureau voor Rubber oefende strikte controle uit. Nieuwe banden konden vaak pas verkregen worden na inlevering van de oude, onbruikbare banden bij een specifiek pakhuis in Amsterdam (het Entrepôtdok).
  • Definitie van afval: Interessant is de juridische definitie van wat nog als "band" telt en wat als "rubberafval". Een band waarvan de hiel (de rand die op de velg klemt) niet is doorgeknipt, blijft onder de strikte distributieregels vallen. Dit was bedoeld om illegale handel in "versleten" maar nog bruikbare banden te voorkomen.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode direct na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in september 1939. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, trof de regering uitgebreide voorbereidingen op een mogelijke schaarste door de Distributiewet 1939 te activeren.

Rubber was een essentieel strategisch materiaal dat grotendeels uit Nederlands-Indië werd geïmporteerd. Door de dreiging op zee en de naderende oorlogsvoering was de aanvoer onzeker. Het Rijksbureau voor Rubber werd opgericht om de nationale voorraad te beheren en te rantsoeneren. Alleen bedrijven die als "Grootverbruiker" geregistreerd stonden en konden aantonen dat hun activiteiten essentieel waren voor de economie of de landsverdediging, kregen toestemming om hun bandenvoorraad op peil te houden. De adresvermelding van de Heerengracht 182 in Amsterdam duidt op het hoofdkwartier van deze crisisorganisatie.

Kooplieden in dit dossier 53

A.E.G. Olympia accoord
A.E.G. Olympia accoord
Andijker blauwen 11.216
Andijker blauwen 11216
Andijker blauwen
Andijker blauwen 11.216
J. Zand 1770
J. Zand 1.770
J. Zand 1.770
Anna Paulowna zandaardappelen
Drentsche zandaardappelen
Drentsche zandaardappelen 133.228
Drentsche zandaardappelen 133.228
Friesche bintjes 129.941
Friesche bintjes
Friesche bintjes 129.941
Friesche bintjes 129941
Hillegommer muizen 5.428
Hillegommer muizen 5428
Hillegommer muizen 5.428
IJpolder muizen
IJpolder muizen 3.843
IJpolder muizen 3.843
Alle 53 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6